id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 02 april 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.134 Rolnummer: A. 191042/VII-37310 Zaak: Arrest 192134 - Milieuvergunningen - 02/04/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-04-14 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-30 01:16 Fiche Arrest nr 192.134 van 2 april 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 192.134 van 2 april 2009 in de zaak A. 191.042/VII-37.
- In zake :
- Peter RODENBACH,
- Marc SUPLY, die woonplaats kiezen bij advocaat K. ROELANDT, kantoor houdende te BRUSSEL, Louizalaan 209 A tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te BRUGGE, Stockhouderskasteel, Gerard Davidstraat 46, bus
- tussenkomende partij : de NV OROTEX, die woonplaats kiest bij advocaten D. VAN HEUVEN en J. BELEYN, kantoor houdende te KORTRIJK, President Kennedypark 6, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Peter RODENBACH en Marc SUPLY op 10 januari 2009 hebben ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur van 12 november 2008 waarbij het beroep, ingesteld tegen de beslissing van de deputatie van de provincie West-Vlaanderen van 17 april 2008 houdende aktename, geldend als vergunning, van de mededeling door de NV OROTEX van de verandering van een vergunde tapijtfabriek, gelegen aan de Ingelmunstersteenweg 162 te Oostrozebeke, ongegrond wordt verklaard en de beroepen beslissing wordt bevestigd; Gezien de nota van de verwerende partij; VII-37.310-1/9 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur P. SOURBRON; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen; Gelet op de beschikking van 26 februari 2009 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 25 maart 2009; Gehoord het verslag van staatsraad E. BREWAEYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. ROELANDT, die verschijnt voor de verzoekende partij, van advocaat S. CALLENS die, loco advocaat B. STAELENS verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat D. VAN HEUVEN, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het andersluidend advies van eerste auditeur P. SOURBRON; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT:
- De rechtspleging Met een op 3 februari 2009 ter post afgegeven en aangetekend verzonden verzoekschrift vraagt de NV OROTEX om in het aanhangig gemaakte geding te mogen tussenkomen. Als titularis van de bestreden milieuvergunning heeft zij een evident belang bij haar tussenkomst. Het verzoek tot tussenkomst is dan ook ontvankelijk.
- De feiten 2.
- De tussenkomende partij exploiteert een tapijtfabriek aan de Ingelmunstersteenweg 162 te Oostrozebeke. De basisvergunning voor de inrichting werd verleend op 22 april
- VII-37.310-2/9 2.
- Op 15 mei 2007 verleent het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Oostrozebeke aan de tussenkomende partij een stedenbouwkundige vergunning voor de uitbreiding van de bestaande fabriek met een opslagplaats (met een oppervlakte van 5.633 m2) en een bufferbekken. De stedenbouwkundige vergunning wordt verleend op grond van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (hierna : GRUP) "Historisch gegroeid bedrijf 'Orotex NV' te Oostrozebeke", definitief vastgesteld bij besluit van de Vlaamse regering van 16 februari
- De tenuitvoerlegging van dit GRUP werd inmiddels geschorst bij arrest nr. 175.282 van 3 oktober
- De vernietigingsprocedure is thans nog hangende. 2.
- Met toepassing van de procedure bedoeld in artikel 27, § 2, van het decreet van 28 juni 1985 betreffende de milieuvergunning, dient de tussenkomende partij op 9 november 2007 een meldingsformulier in betreffende de verandering van de vergunde inrichting. De verandering heeft het volgende voorwerp : - de uitbreiding met 1 lozingspunt in de openbare riolering (en het stopzetten van de lozing op oppervlaktewater); - het stopzetten van de lozing van bedrijfsafvalwater ( = nullozerstatuut); - de uitbreiding van de stalplaats met 1 sleepvoertuig, 1 brandweerwagen en 3 heftrucks; - de uitbreiding met 2 airco's (2,4 en 2,7 kW), de verhoging van het vermogen van de airco's met 5,3 kW en de uitbreiding met een luchtcompressor van 90 kW en een koeldroger van 3 kW (totaal: 103,4); - de verwijdering van een installatie van 360 kW (vergund in 2006 maar nooit geplaatst) voor het mechanisch behandelen van textiel; - de verwijdering van een warpmolen (8 kW); - de uitbreiding met diverse installaties voor het mechanisch behandelen van textiel : • 1 uitvoermachine aan de stansmachine (14 kW); • 1 verpakkingsinstallatie aan de kalandreerinstallatie (35 kW); • de uitbreiding met een staalstansmachine van 0,9 kW; C de vervanging van een tuftmachine met een vermogen van 25 kW (verhoging met 7 kW); - de verwijdering van een latexeerstraat van 1.000 kW (vergund in 2006 maar nooit geplaatst); VII-37.310-3/9 - de verwijdering van een stookinstallatie van 8.000 kW (vergund in 2006 maar nooit geplaatst); - de uitbreiding met 1 stookinstallatie van 70 kW. 2.
- Met een beslissing van 17 april 2008 neemt de deputatie van de provincie West-Vlaanderen akte van de mededeling van de kleine verandering. De aktename geldt als vergunning voor een termijn die samenvalt met de geldigheidsduur van de lopende basisvergunning. 2.
- Op 30 mei 2008 stelt eerste verzoeker, wonende aan de Ingelmunstersteenweg 168 te Oostrozebeke, bij de bevoegde Vlaamse minister een beroep in tegen de voormelde beslissing tot aktename. In het beroepschrift wordt aangevoerd dat de beroepen beslissing strijdt met de vigerende gewestplan- bestemming van landschappelijk waardevol agrarisch gebied. 2.
- In het kader van de beroepsprocedure verleent de afdeling Stedenbouwkundig Beleid en Onroerend Erfgoedbeleid een gunstig advies. Dit advies luidt als volgt : "De op 22 mei 2007 verleende stedenbouwkundige vergunning voor de uitbreiding van het bedrijf werd verleend op basis van het toenmalige vigerende gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) 'historisch gegroeid bedrijf Orotex nv', zoals goedgekeurd door de Vlaamse regering op 16 februari
- Dit GRUP werd echter nadien, bij arrest nr. 175.282 van 3 oktober 2007, door de Raad van State geschorst (tekortkoming in zorgvuldigheidsplicht). Dit GRUP is thans nog niet vernietigd. Volgens het gewestplan Roeselare-Tielt, vastgesteld bij koninklijk besluit van 17 december 1979, is het goed gelegen in een gebied voor milieubelastende industrieën. Tevens geldt voor het goed het bij ministerieel besluit van 10 juni 1996 goedgekeurde bijzonder plan van aanleg 'De Pauw'. Door de schorsing van het GRUP dient de aanvraag getoetst te worden aan dit inrichtingsplan. Dit ordeningsplan situeert de bedrijfssite in een nijverheidszone, bestemd voor de uitbreiding van het aldaar bestaand en gevestigd bedrijf. De aanvraag stemt overeen met deze ordeningsdirectieven". 2.
- Met een besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur van 12 november 2008 wordt het beroep ongegrond verklaard en wordt de beroepen beslissing tot akteneming bevestigd. Met betrekking tot de stedenbouwkundige toetsing bevat het bestreden besluit de volgende motieven : VII-37.310-4/9 "Gelet op de ligging van de inrichting in een gebied voor milieubelastende industrieën volgens het gewestplan Roeselare-Tielt, vastgesteld bij koninklijk besluit van 17 december 1979 en in een nijverheidszone volgens het bij ministerieel besluit van 10 juni 1996 goedgekeurde bijzonder plan van aanleg 'De Pauw'; Overwegende dat volgens de beroepsindiener de aanvraag gelegen is in landschappelijk waardevol agrarisch gebied volgens het gewestplan en dus strijdig is met de bestemming ervan; Overwegende dat de op 22 mei 2007 verleende stedenbouwkundige vergunning voor de uitbreiding van het bedrijf verleend werd op basis van het toenmalige vigerende gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (GRUP) 'historisch gegroeid bedrijf Orotex NV', zoals goedgekeurd door de Vlaamse Regering op 16 februari 2007; dat dit GRUP echter nadien, bij arrest nr. 175.282 van 3 oktober 2007, geschorst werd door de Raad van State (tekortkoming in zorgvuldigheidsplicht); dat dit GRUP nog niet vernietigd is; Overwegende dat door de schorsing van het GRUP de aanvraag getoetst moet worden aan het voormelde gewestplan Roeselare-Tielt en het voormeld bijzonder plan van aanleg 'De Pauw'; dat dit laatste ordeningsplan de bedrijfssite in een nijverheidszone, bestemd voor de uitbreiding van het aldaar bestaand en gevestigd bedrijf, situeert; dat de aanvraag overeenstemt met deze bestemmingsvoorschriften; dat de exploitatie van de inrichting bijgevolg, en mede gelet op het gunstig advies van de afdeling Stedenbouwkundig Beleid van 7 augustus 2008, vanuit stedenbouwkundig en ruimtelijk oogpunt, verenigbaar is met de toepasselijke ruimtelijke en stedenbouwkundige voorschriften; Overwegende dat de aanvraag een kleine verandering van een tapijtfabriek betreft; Overwegende dat er een uitbreiding voor het huishoudelijk afvalwater voorzien wordt met 1 lozingspunt in de openbare riolering op de collector van de rioolwaterzuiveringsinstallatie en het stopzetten van de lozing op oppervlaktewater; dat de lozing van bedrijfsafvalwater (= nullozerstatuut) eveneens stopgezet wordt; Overwegende dat de stalplaats uitgebreid wordt met 1 sleepvoertuig, 1 brandweerwagen en 3 heftrucks; Overwegende dat er diverse installaties verwijderd worden, die vergund werden in bestaande milieuvergunningen; Overwegende dat de uitbreiding met 2 airco's (2,4 en 2,7 kW), de verhoging van het vermogen van de airco's met 5,3 kW en de uitbreiding met een luchtcompressor van 90 kW en een koeldroger van 3 kW (totaal: 103,4) voorzien wordt; Overwegende dat de inrichting uitgebreid wordt met diverse installaties voor het mechanisch behandelen van textiel; Overwegende dat de inrichting gelegen is op een ruim industrieterrein; dat de werkzaamheden binnenin doorgaan, in ruime fabriekshallen, zodat er geen gevaar bestaat op geluidshinder; dat het fabrieksterrein verhard is, zodat er geen gevaar bestaat op bodemverontreiniging; Overwegende dat er tijdens een plaatsbezoek van een vertegenwoordiger van de afdeling Milieuvergunningen geen geluids- of geurhinder afkomstig van het bedrijf kon vastgesteld worden ten opzichte van de omliggende woningen; dat er in de buurt van de woningen een paar bedrijven gelegen zijn; dat er rondom het bedrijf een groenscherm is aangeplant; dat de Ingelmunstersteenweg tamelijk druk bereden is, zodat het geluid hiervan afkomstig overheerst; Overwegende dat de verandering dermate beperkt is dat er geen bijkomende milieuhinder te vrezen valt voor de omwonenden; VII-37.310-5/9 Overwegende dat de vergunningsplichtige activiteit mits naleving van de opgelegde voorwaarden in eerste aanleg, inzake oppervlakte-, grond- en bodemwater verenigbaar is met het watersysteem en dat er van deze melding van kleine verandering geen schadelijke effecten aan het watersysteem worden verwacht".
- De schorsingsvoorwaarden Op grond van artikel 17, § 2, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten akte of verordening kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte of verordening een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel 3.
- Tot staving van het moeilijk te herstellen ernstig nadeel dat zij beweren te lijden door de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing, zetten verzoekers het volgende uiteen : "Met het bestreden besluit wordt de exploitatie van de vergunninghouder (NV Orotex) gevoelig uitgebreid. Zo wordt het gebouw 'G1', met een oppervlakte van 6.500 m² geëxploiteerd (vezelproductie of 'vezelextrusie') (...). De uitbreiding omvat diverse installaties voor het behandelen van textiel (1 uitvoermachine aan de stansmachine (14 kW), 1 verpakkingsinstallatie aan de kalendreerinstallatie (35 kW), 1 staalstansmachine (0,9 kW), verhoging met 7 kW van het vermogen van de tuftmachine) en de uitbreiding van de stalplaats met 1 sleepvoertuig, 1 brandweerwagen en 3 heftrucks. In wezen komt het (...) neer op de (grotendeelse) tenuitvoerlegging van het GRUP Orotex. In het kader van de schorsingsprocedure van het ministerieel besluit van 16 februari 2007 houdende de definitieve vaststelling van het GRUP Orotex - gekend bij de Raad van State onder het nummer G/A. 183.313/X-13.295 - kwam de Raad van State prima facie tot de vaststelling dat het plan het ontsluitingsvraagstuk niet heeft geregeld. De tenuitvoerlegging van het besluit van 16 februari 2007 werd dan ook geschorst. Met het bestreden besluit wordt toch toelating te geven om o.a. in gebouw 'G1' de nieuwe 'vezelextrusie' aan te vatten. Echter, door met het bestreden besluit grotendeels uitvoering te geven aan het GRUP Orotex (o.a. de vezelextrusie), zonder het ontsluitingsvraagstuk te regelen, dreigt de goede ruimtelijke ordening en a fortiori de woonkwaliteit van verzoekende partijen - die in de onmiddellijke omgeving van het bedrijf wonen - in het gedrang te komen. Het gebouw 'G1' moet voorzien worden van grondstoffen om tot de productie te kunnen overgaan. Gelet op de ligging van 'Gl', aan de achterzijde VII-37.310-6/9 de Mandel en aan de voorzijde de Mandelweg, kan het niet anders dan dat de toevoer van grondstoffen via de smalle Mandelweg moet verlopen. De NV Orotex heeft in de toelichtingsnota (...), meegedeeld in het kader van de opmaak van het GRUP Orotex, uitdrukkelijk toegegeven aan de zijde Ingelmunster een 'bijkomende toegangsweg' nodig te hebben". Verzoekers verwijzen dan naar de motieven van het schorsingsarrest nr. 175.282 van 3 oktober
- Zij stellen "dat de gevoelige uitbreiding van de exploitatie van de NV OROTEX (een toename van de exploitatieoppervlakte met 6.500 m²) zonder het vraagstuk van de ontsluiting te regelen" onbetwistbaar een rechtstreeks nadelig effect heeft op hun woonkwaliteit en dat de ernstige aantasting van hun leef- en woonklimaat achteraf niet meer herstelbaar is. 3.
- De verwerende partij stelt daartegenover dat verzoekers niet aannemelijk maken hoe hun woonkwaliteit wordt geschonden. Zij wijst er op dat uit de motivering van het bestreden besluit valt af te leiden dat er geen bijzondere hinder van het bedrijf te vrezen is voor de omwonenden. Zij merkt op dat verzoekers uitgaan van de verkeerde premisse dat de wijzigingen die het voorwerp zijn van de bestreden beslissing te situeren zijn in gebouw G1 en zij zet uiteen waarom dit niet het geval is. Ook betwist de verwerende partij dat in dit gebouw enige productie werd aangevat. Zij beklemtoont dat het enkel als opslagplaats dient. 3.
- De tussenkomende partij stelt van haar kant dat de bestreden beslissing geen betrekking heeft op de nieuwe opslagplaats en niet de exploitatie omvat van de loods waarover verzoekers zich beklagen. Het besluit waarvan verzoekers de schorsing vragen, ligt volgens de tussenkomende partij niet aan de oorsprong van het nadeel waarvan zij gewag maken, zijnde het nadeel geënt op de transportbewegingen die gepaard gaan met de exploitatie van de nieuwe opslagplaats. Zij besluit dat het beweerde nadeel niet voortvloeit uit de bestreden beslissing. 3.
- Opdat de Raad van State de schorsing van de tenuitvoerlegging van de aangevochten akte zou kunnen bevelen, moet het ingeroepen risico op een moeilijk te herstellen ernstig nadeel voortvloeien uit de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing zelf. Er moet bijgevolg een causaal verband bestaan tussen de bestreden beslissing, dit is te dezen de verandering waarvan akte wordt genomen, en het aangevoerde risico op een moeilijk te herstellen ernstig nadeel. De schorsing VII-37.310-7/9 moet bovendien kunnen verhelpen aan dat nadeel of de realisatie ervan kunnen verhinderen. Verzoekers maken niet aannemelijk dat zulks te dezen het geval is. Zij tonen niet aan dat het bestreden besluit de toelating inhoudt om in het gebouw G1 een nieuwe "vezelextrusie" aan te vatten, noch dat dit besluit de beweerde verkeersoverlast zou veroorzaken. Bovendien weerleggen zij niet de motieven van de bestreden beslissing die stellen dat er door de verandering geen bijkomende milieuhinder te vrezen valt voor de omwonenden. Er is bijgevolg niet voldaan aan één van de voorwaarden van artikel 17, § 2, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- Dit volstaat om de vordering tot schorsing te verwerpen zonder dat het nodig is de opgeworpen ontvankelijkheidsexcepties te onderzoeken, OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE: Artikel
- Het verzoek tot tussenkomst van de NV OROTEX in het administratief kort geding wordt ingewilligd. Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. VII-37.310-8/9 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twee april tweeduizend en negen, door : de HH. E. BREWAEYS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, D. DECOCK, griffier. De griffier, De voorzitter, D. DECOCK. E. BREWAEYS. VII-37.310-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.134 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.215.737 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div