id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 april 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.488 Rolnummer: A. 189467/V-1767 Zaak: Arrêt / Arrest 192488 - OIP - Recrutement et carrière / ION - Aanwerving en loopbaan - 21/04/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-04-29 Raadplegingen: 87 - laatst gezien 2026-06-30 02:46 Versie(s): Versie FR Fiche Arrest nr 192.488 van 21 april 2009 Openbaar ambt - ION - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 192.488 van 21 april 2009 in de zaak A. 189.467/V-1767 In zake : Daniël STOOP, die woonplaats kiest bij advocaat I. VANDESCHOOR, kantoor houdende te GENT, Lange Kruisstraat 6F tegen : de NV DE POST, die woonplaats kiest bij advocaat C. VAN OLMEN, kantoor houdende te BRUSSEL, Louizalaan 221 tussenkomende partijen :
- Daniël PICALAUSA,
- Christian KOOPMANS,
- Bernard KIP,
- Els STEVENS, die woonplaats kiezen bij advocaat Y. SCHNEIDER, kantoor houdende te BRUSSEL, Terkamerenlaan
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, Ve K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Daniël STOOP op 28 augustus 2008 heeft ingediend om de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van de beslissing van ongekende datum waarbij Daniël PICALAUSA, Christian KOOPMANS, Bernard KIP en Els STEVENS worden bevorderd tot hoofdkantoorhouder (categorie A) en van de weigering om hem te benoemen; Gelet op het arrest nr. 190.406 van 12 februari 2009 waarbij de debatten worden heropend en de zaak opnieuw wordt vastgesteld op de openbare terechtzitting van 5 maart 2009; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; V-1767-1/5 Gehoord de opmerkingen van advocaat I. VANDESCHOOR, die verschijnt voor de verzoeker, van advocaat V. LEROY die, loco advocaat C. VAN OLMEN, verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat Y. SCHNEIDER, die verschijnt voor de tussenkomende partijen; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur- afdelingshoofd M. LEFEVER; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
- Met verzoekschriften van 13 en 14 oktober 2008 vragen Daniël PICALAUSA, Christian KOOPMANS, Bernard KIP en Els STEVENS om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. Er is grond om de verzoeken in te willigen.
- Artikel 4, eerste en tweede lid, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding van de Raad van State bepaalt het volgende : “Alle partijen moeten verschijnen of vertegenwoordigd zijn. Wanneer de eiser noch verschijnt noch vertegenwoordigd is, wordt de vordering tot toekenning van de schorsing, van de dwangsom of van voorlopige maatregelen afgewezen. (...).”
- Bij tussenarrest nr. 190.406 van 12 februari 2009, stelt de Raad van State vast dat op de zitting van 22 januari 2009 de verzoeker niet aanwezig, noch vertegenwoordigd was.
- Uit het rechtsplegingsdossier blijkt dat de beschikking tot vaststelling van 19 december 2008, waarin de Voorzitter van de Ve kamer de zaak vaststelde op 22 januari 2009 om 14.00 uur, per aangetekende zending met ontvangstbewijs werd verstuurd naar het kantooradres van de raadsvrouw van de verzoeker (Kortrijksesteenweg 977, Gent) , bij wie laatstgenoemde woonplaatskeuze had gedaan. Het bewijs van ontvangst van de aangetekende zending op dat kantooradres is op 30 december 2008 ondertekend door een persoon wiens naam niet vermeld wordt. V-1767-2/5 Uit de debatten is gebleken dat de raadsvrouw van de verzoeker tot 15 december 2008 kantoor hield op voornoemd adres, dat zij vanaf die datum haar kantooradres heeft gewijzigd (voortaan Het Kapittelhuis, Lange Kruisstraat 6F, Gent), dat het ontvangstbewijs niet door haar is ondertekend, dat zij niet weet wie dit stuk heeft ondertekend, en dat zij dit stuk nooit heeft gezien. Zij voegt daaraan toe dat zij opdracht heeft gegeven aan de Post om de poststukken die toekomen op haar oud kantooradres te laten doorsturen naar haar nieuw kantooradres.
- Op 29 januari 2009 schrijft de raadsvrouw van de verzoeker een aangetekende brief met ontvangstbewijs aan de griffie van de Raad van State. In voornoemde brief deelt de raadsvrouw haar nieuw kantooradres mee, waarop zij namens de verzoeker woonplaatskeuze doet. Zij verwijst vervolgens naar de stukken van de procedure en deelt drie aanvullende stukken mee. Ten slotte verzoekt zij om “nu zo spoedig mogelijk tot fixatie van deze zaak te willen overgaan”. Het is pas met dat schrijven dat aan de Raad van State een wijziging van de woonplaatskeuze is meegedeeld.
- Om het vaststellingsbericht rechtsgeldig te versturen, kon de Raad van State enkel voortgaan op het adres waar aanvankelijk woonplaatskeuze werd gedaan, vermits hij op 19 december 2008, datum waarop de beschikking tot vaststelling werd verleend, alleen dit adres kende. Het staat vast dat het vaststellingsbericht op 30 december 2008 werd bezorgd op het adres waar aanvankelijk woonplaatskeuze was gedaan door de verzoeker. Wie het bericht van ontvangst heeft ondertekend, heeft geen belang, vermits de beschikking tot vaststelling toekwam op een advocatenkantoor, dat zonder problemen voornoemde beschikking kon overmaken aan de raadsvrouw van de verzoeker. De omstandigheid dat de raadsvrouw van de verzoeker het ontvangstbericht niet aftekende, zij de paraaf die voorkomt op dit bericht niet herkent en zij de beschikking tot vaststelling met als bijlage het auditoraatsverslag betreffende de kortgeding-procedure niet heeft ontvangen, is niet relevant. Het feit dat de raadsvrouw ervan uitging dat de Post de poststukken zou doorsturen van het oude naar het nieuwe kantooradres maakt geen overmacht uit. Zelfs indien de Post fouten zou hebben begaan in de uitvoering van haar V-1767-3/5 opdracht, zouden die fouten toegeschreven moeten worden aan haar opdrachtgever, in dit geval de raadsvrouw van de verzoeker, en dus uiteindelijk aan de verzoeker zelf.
- Nu de verzoeker noch verschenen, noch vertegenwoordigd is op de terechtzitting van 22 januari 2009, en nu daarvoor geen overmacht kan worden ingeroepen, kan de Raad van State niet anders dan de vordering tot schorsing afwijzen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De verzoeken tot tussenkomst van Daniël PICALAUSA, Christian KOOPMANS, Bernard KIP en Els STEVENS in het administratief kort geding worden ingewilligd. Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De kosten van de tussenkomsten, bepaald op 500 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, elk voor een vierde. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op eenentwintig april 2009, door de Ve kamer, die was samengesteld uit : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter, D. MOONS, staatsraad, J. JAUMOTTE, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, V-1767-4/5 W. GEURTS P. LEMMENS V-1767-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.488 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.406 gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.216.008 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div