id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 april 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.564 Rolnummer: A. 190932/X-14022 Zaak: Arrest 192564 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 22/04/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-04-29 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-30 03:01 Fiche Arrest nr 192.564 van 22 april 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 192.564 van 22 april 2009 in de zaak A. 190.932/X-14.
- In zake : Laurent ALBRECHT, die woonplaats kiest bij advocaat J. VERDONCK, kantoor houdende te 8200 SINT-MICHIELS, Koning Albert I-laan 131 tegen :
- de gemeente RUISELEDE,
- het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat Y. FRANCOIS, kantoor houdende 8790 WAREGEM, Eertbruggestraat
- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat Laurent ALBRECHT op 2 januari 2009 heeft ingediend, en waarin hij de schorsing van de tenuitvoerlegging vordert van het besluit van 30 oktober 2008 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Ruiselede waarbij aan de b.v.b.a. I.C.A. de vergunning wordt verleend tot het wijzigen van de verkavelingsvergunning van 19 december 1975, nr. 5.00/37012/1003 strekkende tot het splitsen van één lot in 2 percelen en het aanpassen van de verkavelingsvoorschriften voor een perceel gelegen te Ruiselede, Lindenstraat 10, kadastraal bekend sectie E, nr. 124/t (lot 13); Gezien de nota van de tweede verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 17 maart 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 27 maart 2009; Gehoord het verslag van staatsraad S. DE TAEYE; X-14.022-1/6 Gehoord de opmerkingen van advocaat J. VERDONCK, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat Y. FRANCOIS, die verschijnt voor de tweede verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- De feiten 1.
- De verzoeker is sedert december 2007 eigenaar en bewoner van een woning gelegen aan het eind van de doodlopende Lindenstraat, nr. 14, te Ruiselede. Het voormelde perceel maakt deel uit van een verkaveling die op 19 december 1975 door het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Ruiselede werd vergund ten voordele van de heer Van Cauwenberghe en consorten. Met betrekking tot het onbebouwde lot nr. 13 van de voormelde verkaveling, gelegen tussen de huisnummers 8 en 12 van de Lindenstraat, heeft de b.v.b.a. I.C.A. een aankoopcompromis met de heer en mevrouw Gelaude-Schepens afgesloten, onder de opschortende voorwaarde van het bekomen van een vergunning tot wijziging van de verkavelingsvoorschriften, teneinde op het perceel twee koppelwoningen te kunnen realiseren. 1.
- Op 9 juni 2008 verstrekt het gemeentebestuur van Ruiselede aan de b.v.b.a. I.C.A. een ontvangstbewijs voor de aanvraag tot wijziging van de verkavelingsvergunning met betrekking tot het voormelde lot nr. 13, strekkende tot de opsplitsing van het voormelde perceel in een lot nr. 13 A en een lot nr. 13 B, bestemd voor de oprichting van twee koppelwoningen met telkens een zijdelingse carport tot op de perceelgrens. De voormelde aanvraag wordt voor akkoord ondertekend door 34 van de 40 overige eigenaars binnen de verkaveling. X-14.022-2/6 1.
- Over de aanvraag wordt een openbaar onderzoek georganiseerd, gedurende hetwelk bezwaar wordt aangetekend door de verzoeker en zeven andere eigenaars, waaronder drie die eerder hun schriftelijk akkoord hadden gegeven. 1.
- Op 17 juli 2008 beslist het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Ruiselede de ingediende bezwaren te verwerpen en het dossier met een gunstig pre-advies aan de diensten van de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar over te maken. 1.
- Op 8 oktober 2008 verleent de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar een gunstig advies over de aanvraag, onder de voorwaarde dat de carport voor het lot nr. 13 A wordt geschrapt, gezien de visuele hinder die deze zal veroorzaken voor het lot nr. 12, en de verkeersonveilige situatie die aldus dreigt gecreëerd te worden. 1.
- De aanvrager past de plannen in de voormelde zin aan en op 30 oktober 2008 vergunt het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Ruiselede de gevraagde verkavelingswijziging. Dit is het bestreden besluit.
- De grondvoorwaarden tot schorsing Krachtens artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen.
- Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel 3.
- Het aangevoerde moeilijk te herstellen ernstig nadeel De verzoeker voert als moeilijk te herstellen ernstig nadeel aan wat volgt: “Verzoeker verwijst allereerst naar hogere feitelijke uiteenzetting onder randnummer
- X-14.022-3/6 Verzoeker zal door de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit een zeer ernstig en moeilijk te herstellen nadeel ondergaan. Het hoeft weinig betoog dat de situatie die zal ontstaan bij onmiddellijke uitvoering van de beoogde splitsing bijzonder ingrijpend zal zijn voor de dagdagelijkse leefsituatie van de verzoeker. De woonkwaliteit van verzoeker (en van zijn directe buren) zal zeer ernstig in het gedrang komen. Bij de aanleg van een dubbele oprit tegenaan het huidige perceel 13 (dat zich situeert aan het bredere uiteinde van de straat) en bijkomende parkeerdruk op die plaats, zullen meer bestuurders geneigd zijn een omkeerbeweging te doen via de private oprit van de woning van verzoeker die zich quasi in het verlengde van de Lindenstraat situeert. Dit zal schade aan die oprit veroorzaken die nooit recupereerbaar zal zijn, omdat nooit zal kunnen bewezen worden welke bestuurder welke schade zou veroorzaakt hebben (veel van die rijbewegingen zullen trouwens door verzoeker nooit opgemerkt kunnen worden). De oprit van verzoeker is onder meer niet aangepast om bereden te worden met zware voertuigen. Verzoeker verwijst naar de foto’s bij zijn rekwest en waarop duidelijk te zien is dat de oprit aansluit in het verlengde van de straat (zie ook de handgeschreven vermeldingen op die foto’s). Het zal voor(ts) quasi onmogelijk zijn om na een eventueel annulatiearrest volgens de gewone procedure de toestand alsnog te doen keren. Het laat zich verwachten dat bij gebreke aan schorsing van de verkavelingsvergunning effectief op zeer korte termijn twee gekoppelde woningen zullen worden opgericht. Bij annulatie van de vergunning kan verzoeker alleen de afbraak van de koppelwoning vorderen, hetgeen pas mogelijk is na nieuwe, dure en uitputtende procedures. Het is zelfs zeer de vraag of de materiële tenuitvoerlegging van die rechterlijke beslissingen in redelijkheid mogelijk zal blijken op vordering van verzoeker. In de dagelijkse realiteit blijkt overigens dat tal van constructies waarvan de vergunning geannuleerd werd, in de praktijk blijken stand te houden. In hoofde van de overheid bestaat geen rechtsplicht tot ambtshalve uitvoering van een op grond van een herstelvordering bekomen gerechtelijke uitspraak. Het moeilijk te herstellen nadeel is dan ook bewezen”. 3.
- Beoordeling 3.2.
- Overeenkomstig artikel 8, 3/ van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State dient het enig verzoekschrift een uiteenzetting van de feiten te bevatten die van aard zijn aan te tonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte de verzoeker een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen, waarbij alle stukken worden gevoegd die het risico op dergelijk nadeel aantonen. Die bepaling dient zo te worden opgevat dat de verzoeker zich niet mag beperken tot vaagheden en algemeenheden, maar integendeel zeer concrete gegevens moet aanvoeren die erop wijzen dat hij persoonlijk een moeilijk te X-14.022-4/6 herstellen ernstig nadeel kan ondergaan. Het moet voor de Raad van State immers mogelijk zijn met voldoende precisie in te schatten of er al dan niet een moeilijk te herstellen ernstig nadeel voorhanden is, en het moet voor de verwerende partij mogelijk zijn zich tegen de door de verzoeker aangevoerde feiten en argumenten te verdedigen. De verzoeker dient gegevens aan te voeren die enerzijds wijzen op de ernst van het nadeel dat hij ondergaat of kan ondergaan, hetgeen betekent dat hij aanduidingen zal moeten geven omtrent de aard en de omvang van het te verwachten nadeel, en anderzijds wijzen op de moeilijke herstelbaarheid van het nadeel. Met niet in het verzoekschrift opgenomen feiten en verklaringen hieromtrent kan geen rekening worden gehouden. 3.2.
- De verzoeker toont niet aan, noch maakt hij aannemelijk, dat de realisatie van de twee koppelwoningen die door de bestreden beslissing, na aflevering van de vereiste stedenbouwkundige vergunningen, mogelijk wordt gemaakt, voor hem een moeilijk te herstellen ernstig nadeel zal meebrengen. De verzoeker gaat vooreerst uit van de loutere hypothese dat de eigenaars van de twee te realiseren koppelwoningen meer wagens zullen bezitten of meer bezoekers met wagens zullen aantrekken dan de bewoners van de mogelijks grotere eengezinswoning, die voor het bestreden besluit op het kwestieuze perceel kon worden gerealiseerd. Bovendien laat de verzoeker na om aan te tonen of aannemelijk te maken dat de beweerde bijkomende parkeerdruk en bijkomende last wegens draai- en keerbewegingen op zijn oprit, ingevolge de bouw van één extra woning die is gelegen in een doodlopende residentiële straat, dermate groot zal zijn dat dit voor hem een ernstig nadeel zal meebrengen. 3.2.
- Het betoog van de verzoeker gaat voorts uit van de loutere veronderstellingen dat “zware voertuigen” schade op zijn oprit zullen veroorzaken en dat een gebeurlijke schadeveroorzaker niet zal worden opgemerkt. 3.
- De verzoeker doet niet blijken van een moeilijk te herstellen ernstig nadeel, zodat niet is voldaan aan één van de door artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te bevelen. X-14.022-5/6 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig april 2009, door : de H. S. DE TAEYE, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. S. DE TAEYE. X-14.022-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.564 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.590 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div