← België

Arrest 192679 - Leger en bijzondere korps - Aanwerving en loopbaan - 27/04/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 april 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.679 Rolnummer: A. 173798/IX-5347 Zaak: Arrest 192679 - Leger en bijzondere korps - Aanwerving en loopbaan - 27/04/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-05-08 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-30 03:02 Fiche Arrest nr 192.679 van 27 april 2009 Openbaar ambt - Leger en bijzondere korps - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 192.679 van 27 april 2009 in de zaak A. 173.798/IX-

  1. In zake : Kurt VANNECKE, die woonplaats kiest bij advocaat M. RYELANDT, kantoor houdende te BRUGGE, Filips de Goedelaan 11 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Landsverdediging. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Kurt VANNECKE op 9 juni 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van : “- [de] beslissing van de eerste beoordelaar Cdt Rik COUCKE, d.d. 6.03.2006 in het kader van de heropgestarte evaluatieprocedure evaluatie 2005, aangetekend ter kennis gebracht van verzoeker bij schrijven van 16.03.2006 - [de] beslissing van de tweede beoordelaar d.d. 27.03.2006 Kapitein- commandant Philip MIGOM (afgetekend door verzoeker op 30.03.2006) - [de] beslissing van de derde beoordelaar d.d. 12.04.2006 (op die datum aangetekend te kennis gebracht van verzoeker) Luitenant-kolonel Stafbrevethouder Thierry OLLIGSCHLAEGER Ir. - [de] beslissing van Algemene Directie Human Resources Ministerie van Landsverdediging, Marc VAN LAETHEM, Kolonel Stafbrevethouder, Chef van de Divisie Personeel, ter kennis gebracht van de raadsman van verzoeker bij schrijven van 12.05.2006”; Gelet op het arrest nr. 163.928 van 23 oktober 2006 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen wordt verworpen; Gezien het verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend op 14 november 2006 door Kurt VANNECKE; IX-5347-1/3 Gezien de memorie van antwoord en de memorie van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 16 januari 2009; Gelet op de kennisgeving door de hoofdgriffier, op 13 maart 2009, van de mededeling bedoeld in artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT: Naar luid van artikel 21, zesde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. In het auditoraatsverslag is te dezen de onontvankelijkheid van het beroep voorgesteld. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. De hoofdgriffier heeft de verzoekende partij medegedeeld, met toepassing van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer de afstand van het geding zou uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. IX-5347-2/3 Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel
  2. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  3. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 27 april 2009, door : de HH. B. THYS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. B. THYS. IX-5347-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.679 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.163.928 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.