← België

Arrest 192863 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 30/04/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 april 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.863 Rolnummer: A. 170095/X-12699 Zaak: Arrest 192863 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 30/04/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-05-14 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 03:03 Fiche Arrest nr 192.863 van 30 april 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 192.863 van 30 april 2009 in de zaak A. 170.095/X-12.

  1. In zake : Mark JANSSENS, die woonplaats kiest bij advocaat Y. LOIX, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg 27 tegen :
  2. de gemeente OVERIJSE, die woonplaats kiest bij advocaten H.-K. CAREME en G. DE DONCKER, kantoor houdende te 3001 HEVERLEE, Industrieweg 4, bus 1,
  3. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat P. DECLERCQ, kantoor houdende te 3000 LEUVEN, J.P. Minckelersstraat
  4. tussenkomende partij : de n.v. L&V INVEST, die woonplaats kiest bij advocaat A. VLEMINCKX, kantoor houdende te 3000 LEUVEN, Vital Decosterstraat 46, bus
  5. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Mark JANSSENS op 10 februari 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 2 augustus 2005 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Overijse waarbij aan de nv L&V INVEST de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een eengezinswoning te Overijse, Daloensdelle, op een perceel kadastraal bekend sectie L, nr. 354/d; Gelet op het arrest nr. 159.175 van 23 mei 2006 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; X-12.699-1/3 Gelet op het verzoekschrift tot voortzetting van het geding op 13 juli 2006 ingediend door Mark JANSSENS; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst op 1 september 2006 ingediend door de n.v. L&V INVEST; Gelet op de beschikking van 21 september 2006 die de tussenkomst van de nv L&V INVEST toelaat; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door adjunct-auditeur A. VAN DEN BROECK; Gezien de laatste memories van de verwerende partijen; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 8 december 2008; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : In het auditoraatsverslag is de verwerping van het beroep voorgesteld. De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding gemaakt van artikel 21, zesde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verzoekende partij heeft binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Krachtens die wetsbepaling geldt te haren aanzien een X-12.699-2/3 vermoeden van afstand van het geding. Op grond van artikel 14quater van voornoemd besluit van de Regent zal de kamer de afstand van geding uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  6. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  7. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertig april 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-12.699-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.192.863 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.159.175 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.