← België

Arrest 193562 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 26/05/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 26 mei 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.562 Rolnummer: A. 190839/IX-6173 Zaak: Arrest 193562 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 26/05/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-06-04 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 03:10 Fiche Arrest nr 193.562 van 26 mei 2009 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 193.562 van 26 mei 2009 in de zaak A. 190.839/IX-

  1. In zake : Cindy DIERICK, die woonplaats kiest bij advocaat I. EXELMANS, kantoor houdende te DIEST, Schellekensberg 28 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken, die woonplaats kiest bij de Federale Politie DGS/DSJ, gevestigd te BRUSSEL, Fritz Toussaintstraat
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Cindy DIERICK op 5 december 2008 heeft ingediend om de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van “de beslissing waarbij haar kandidatuur als inspecteur niet weerhouden werd”; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur G. DE BLEECKE- RE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen; Gelet op de beschikking van 13 februari 2009 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 2 maart 2009; Gehoord het verslag van staatsraad B. THYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat I. EXELMANS, die verschijnt voor de verzoekster, en van adviseur R. GOOSSENS, die verschijnt voor de verwerende partij; IX-6173-1/8 Gehoord het eensluidend advies van auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Feiten 1.
  3. De verzoekster, die hulpagent van politie is, heeft zich ingeschreven voor een externe selectie van inspecteurs van politie. 1.
  4. Luidens artikel IV.I.15 van het koninklijk besluit van 30 maart 2001 tot regeling van de rechtspositie van het personeel van de politiediensten omvat een dergelijke selectie een cognitieve vaardigheidstest, een persoonlijkheidsproef, een fysiek-medische geschiktheidsproef en een selectiegesprek met de betrokken selectiecommissie, waarna een eindevaluatie wordt uitgebracht. Blijkens de stukken die zij heeft neergelegd, is de verzoekster geslaagd voor de persoonlijkheidsproef en is zij medisch geschikt bevonden. 1.
  5. Op 8 augustus 2008 heeft het selectiegesprek met de selectiecommissie plaats. 1.
  6. Nadat zij, naar eigen zeggen, eerst van een collega en vervolgens telefonisch van de verwerende partij heeft vernomen dat zij niet geschikt is verklaard, vraagt de verzoekster met een e-mail van 23 september 2008 aan de verwerende partij om haar “de nodige en uitgebreide feedback van [haar] examen” over te maken. 1.
  7. Op 26 september 2008 neemt de verzoekster, eveneens naar eigen zeggen, telefonisch contact op met een psychologe van de Directie van de rekrutering en van de selectie van de Federale Politie, die haar meedeelt welke positieve en negatieve elementen met betrekking tot de verzoekster in aanmerking zijn genomen. IX-6173-2/8 1.
  8. Met een aangetekende brief van 3 oktober 2008 vraagt de verzoekster aan de selectieverantwoordelijke zo spoedig mogelijk een mondeling onderhoud over haar resultaten voor de selectie en in het bijzonder “concrete feedback omtrent [haar] mogelijkheden die volgens de jury [...] ontoereikend bleken”. 1.
  9. Op 6 oktober 2008 ontvangt de verzoekster vanwege de directeur van de Directie van de rekrutering en van de selectie de volgende brief: “[...] Het spijt me u te melden dat uw kandidatuur als inspecteur niet weerhouden werd. Tengevolge het gesprek met de selectiecommissie van 08-08-2008 werd vastgesteld dat u momenteel niet beantwoordt aan het vereiste profiel voor een kandidaat inspecteur. De uitleg over de behaalde scores treft u aan als bijlage aan deze kennisgeving. Volgens het K.B. van 30 maart 2001, Art. IV.I.5, hebt u de mogelijkheid om maximum 3 maal aan deze proef deel te nemen. De wachttijd tussen een mislukking en een nieuwe kandidatuur is bepaald op 1 jaar. Art. IV.I.29 van hetzelfde K.B. bepaalt dat wanneer u opnieuw wenst deel te nemen, binnen de 2 jaar volgend op deze kennisgeving, je een vrijstelling kan krijgen voor de selectieproeven waarvoor je geslaagd was. Indien u meer gegevens wenst omtrent uw resultaat, staat het u vrij een e-mail te sturen naar feedback-n@jobpol.be of schriftelijk te solliciteren tot 3 maand na de bovenvermelde datum van deze kennisgeving. Feedback wordt gegeven op woensdag van 08.00 tot 16.00 uur. Wij nemen zo spoedig mogelijk contact met u op. Mogen wij wel vragen in uw schrijven het telefoonnummer en het tijdstip te vermelden waarop u op woensdag bereikbaar bent. Deze beslissing kan het voorwerp uitmaken van een beroep tot nietigverklaring bij de Raad van State. Dit beroep moet, binnen de zestig dagen vanaf de dag volgend op deze kennisgeving, per aangetekende brief, worden ingesteld bij de Raad van State, Afdeling Administratie, Wetenschapsstraat 33, 1040 Brussel. Dit beroep moet eveneens voldoen aan de voorwaarden bepaald bij het besluit van de Regent van 23/08/1948 tot regeling van de rechtspleging voor de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. [...]”. De bijlage waarnaar deze brief verwijst, vermeldt: “Rapport basiskader Dierick Cindy 7302é5814 IX-6173-3/8 Cognitieve vaardigheden; - Intellectueel potentieel; - Kennis taal; - Rapportagevaardigheden; Competenties: Competentie score
  10. Contactvaardigheid 4
  11. Servicegerichtheid 3
  12. Betrokkenheid 3
  13. Verantwoordelijkheidsgevoel 4
  14. Kwaliteitsbesef 4
  15. Flexibiliteit 4
  16. Stressbestendigheid 3
  17. Zelfstandig functioneren 4
  18. Pro-actieve houding 4
  19. Zin voor samenwerking 5
  20. Inlevingsvermogen 3
  21. Sociale intelligentie 4
  22. Creativiteit 5
  23. Improvisatievermogen 5
  24. Probleemoplossend werken 4
  25. Integriteit-normbesef 4
  26. Afwezigheid van extremisme Niks te melden
  27. Afwezigheid van psychopathologie Niks te melden 3 Commentaar: Beslissing: 9 Geschikt : Ongeschikt Vrijstelling PP: 9 Niet vrijgesteld van persoonlijkheidsonderzoek N.V.T. 9 Vrijgesteld van persoonlijkheidsonderzoek” IX-6173-4/8 De beslissing om de kandidatuur van de verzoekster voor inspecteur niet te weerhouden, maakt het voorwerp uit van de voorliggende vordering tot schorsing. Ontvankelijkheid van de vordering 2.
  28. De verwerende partij werpt in haar nota met opmerkingen een exceptie van onontvankelijkheid van de vordering op. Zij laat gelden dat de bestreden beslissing ten laatste op 6 oktober 2008 ter kennis van de verzoekster is gebracht waardoor de beroepstermijn bij de Raad van State voor de verzoekster op 7 december 2008 verstreek. De verwerende partij stelt dat het voorliggende verzoekschrift weliswaar op 2 december 2008 is gedateerd, maar dat aangezien de omslag waarmee dat verzoekschrift naar de Raad van State is gezonden de poststempel van 22 december 2008 draagt, moet worden besloten dat de vordering laattijdig is ingediend. Ter terechtzitting laat zij gelden hiervoor te steunen op gegevens die zij dienaangaande vanwege de griffie van de Raad van State heeft verkregen. 2.
  29. Vermits hierna zal blijken dat alvast één van de grondvoorwaarden voor het bevelen van de schorsing niet is vervuld, dient deze exceptie in de huidige stand van de rechtspleging niet nader te worden onderzocht. Grondvoorwaarden voor het bevelen van de schorsing 3.
  30. Overeenkomstig artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. 3.
  31. De verzoekster zet het moeilijk te herstellen ernstig nadeel dat zij ingevolge de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing meent te kunnen lijden, in haar verzoekschrift als volgt uiteen: “Conform artikel IV.I.5, 5/, van het KB van 31 maart 2001 worden de kandidaten die reeds driemaal niet slaagden in de selectieprocedure niet meer toegelaten. IX-6173-5/8 Verzoekster kan aldus door de bestreden beslissing niet meer deelnemen aan een selectieprocedure. Het hoeft geen betoog dat dit een moeilijk te herstellen ernstig nadeel uitmaakt in hoofde van verzoekster. Immers, verzoekster wordt door de bestreden beslissing niet enkel financieel getroffen, doch ook emotioneel. Door de bestreden beslissing en door de wijze waarop zij in kennis werd gesteld (na tientallen telefonische onderhouden met verzoek tot informatie, geen respons op aangetekende brieven, ...) heeft verzoekster psychisch enorm geleden, en het heeft een rechtstreeks gevolg gekend in de psychische moeilijkheden die daaruit zijn ontstaan. Op heden dient verzoekster nog steeds psychische hulp te ondergaan en het is duidelijk dat deze situatie de emotionele en psychische toestand van verzoekster niet ten goede komt en dat daarmee het volledige gezin van verzoekster geschaad wordt, met alle familiale en persoonlijke problemen tot gevolg. Het hoeft dan ook zeker geen betoog dat de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel tot gevolg heeft voor verzoekster. De psychische toestand van verzoekster wordt er immers mee ondermijnd. Het is aldus duidelijk dat er op heden nog steeds een ernstig nadeel bestaat, en blijft voortduren zolang de onregelmatige beslissing niet geschorst en vernietigd wordt. Bovendien dient niet vergeten te worden dat de bestreden beslissing onherstelbare schade tot gevolg heeft voor de carrièremogelijkheden van verzoekster, die nu definitief is uitgeschakeld voor alle selectieprocedures.” 3.3.
  32. De verzoekster voert vooreerst aan dat zij ingevolge de bestreden beslissing “niet meer [kan] deelnemen aan een selectieprocedure”, vermits kandidaten die reeds driemaal niet slaagden voor de selectieprocedure krachtens artikel IV.I.5, 5/, van het koninklijk besluit van 30 maart 2001 tot regeling van de rechtspositie van het personeel van de politiediensten, niet meer tot de selectieproeven worden toegelaten. Alhoewel zij dat niet duidelijk in haar verzoekschrift vermeldt, lijkt de verzoekster daarmee aan te geven dat zij met de bestreden beslissing de derde keer niet geslaagd wordt verklaard voor een selectie van inspecteur van politie. Het aldus aangevoerde nadeel is op zich niet moeilijk te herstellen, vermits de kandidatuur van de verzoekster na een eventueel vernietigingsarrest IX-6173-6/8 opnieuw zal moeten worden beoordeeld en zij dan een nieuwe kans zal verkrijgen om voor de selectie te slagen. 3.3.
  33. De verzoekster maakt voorts melding van een financieel nadeel. Een dergelijk nadeel kan in beginsel worden hersteld na een vernietigingsarrest en de verzoekster brengt geen enkel concreet gegeven aan dat aantoont dat dit in haar geval anders zal zijn. Dit klemt des te meer, vermits de verzoekster ingevolge de bestreden beslissing haar hoedanigheid van politieambtenaar niet verliest en dus ook niet zonder beroepsinkomen valt. 3.3.
  34. De verzoekster benadrukt ten slotte de emotionele en psychische gevolgen die zij ondergaat ingevolge de bestreden beslissing en de wijze waarop zij ervan in kennis is gesteld. Zij stelt dat haar volledige gezin daardoor wordt geschaad, met familiale en persoonlijke problemen tot gevolg. Ter staving legt zij een attest voor van dokter C., huisarts, die verklaart dat de verzoekster op consultatie kwam omdat zij zich psychisch heel slecht voelt sinds enkele weken, en dat hij dit tijdens het gesprek heeft kunnen vaststellen. Wie deelneemt aan een examen of een selectie met het oog op een aanwerving of bevordering, moet rekening houden met het risico niet geslaagd te zijn en niet aangeworven of bevorderd te worden. Een dergelijk risico is inherent aan elke kandidaatstelling, zodat degene die kandideert meteen ook met de teleurstelling van een eventuele mislukking rekening moet houden. Behoudens bijzondere redenen kan een dergelijke teleurstelling niet worden gekwalificeerd als een moeilijk te herstellen ernstig nadeel in de zin van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. Uit het attest van dokter C. blijkt niet dat het slechte gevoel, dat de verzoekster heeft overgehouden aan het feit dat ze door de bestreden beslissing niet geschikt is bevonden voor inspecteur van politie, de grenzen van de normale teleurstelling en het psychisch onbehagen ernstig overschrijdt. Dat het ganse gezin van de verzoekster wordt geschaad, met familiale en persoonlijke problemen tot gevolg, is slechts een vage bewering, die met geen enkel concreet gegeven wordt onderbouwd. De verzoekster brengt dan ook geen bijzondere redenen aan die het aannemelijk maken dat het emotionele en psychische leed dat zij ingevolge de bestreden beslissing ondergaat, als een moeilijk te herstellen ernstig nadeel dient te worden gekwalificeerd. IX-6173-7/8 3.3.
  35. Uit wat voorafgaat moet worden besloten dat de verzoekster niet aantoont ingevolge de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel te kunnen lijden. De vordering wordt om die reden verworpen. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER: Artikel
  36. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  37. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 26 mei 2009, door: de HH. B THYS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. B. THYS. IX-6173-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.562 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.609 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.