← België

Arrest 193742 - Plannen van aanleg - 02/06/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 02 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.742 Rolnummer: A. 140175/X-11529 Zaak: Arrest 193742 - Plannen van aanleg - 02/06/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-06-16 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-30 03:12 Fiche Arrest nr 193.742 van 2 juni 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Plannen van aanleg Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 193.742 van 2 juni 2009 in de zaak A. 140.175/X-11.

  1. In zake :
  2. de n.v. VEGA,
  3. de n.v. GALVER, die woonplaats kiezen bij advocaat A. LUST, kantoor houdende te 8310 BRUGGE, Baron Ruzettelaan 27 tegen :
  4. de stad GENT,
  5. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat V. TOLLENAERE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan
  6. D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. VEGA en de n.v. GALVER op 8 augustus 2003 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 23 mei 2003 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening houdende goedkeuring van het bijzonder plan van aanleg “Bourgoyen Deel B” genaamd van de stad Gent, waarbij wordt verklaard dat het algemeen nut de onteigening vordert van de onroerende goederen aangegeven op het onteigeningsplan en waarbij aan de stad Gent machtiging tot onteigenen wordt verleend, “voor zover het betrekking heeft op hun eigendommen gelegen te Gent, thans kadastraal bekend16e afdeling, sectie K, nrs 864e, 868c, 868d, 868e en 864k”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur S. DE TAEYE; Gelet op de beschikking van 18 april 2006 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; X-11.529-1/7 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 9 februari 2009 waarbij de terecht- zitting bepaald wordt op 27 maart 2009; Gehoord het verslag van staatsraad P. LEFRANC; Gehoord de opmerkingen van advocaat E. CASTELEYN, die loco advocaat A. LUST verschijnt voor de verzoekende partijen, van advocaat S. KEMPINAIRE, die verschijnt voor de eerste verwerende partij, en van advocaat P. VAN ASSCHE, die loco advocaat V. TOLLENAERE verschijnt voor de tweede verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd F. DE BUEL; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  7. Feiten 1.
  8. De verzoekende partijen zijn eigenaar van de percelen gelegen te Gent, kadastraal bekend 16e afdeling, sectie K, nrs. 864/e, 868/c, 868/d, 868/e en 864/k. Op deze percelen bevinden zich “middelgrote winkelbedrijven” en parkeergelegenheid. 1.
  9. De percelen zijn volgens het bij koninklijk besluit van 14 september 1977 vastgestelde gewestplan Gentse en Kanaalzone gelegen in natuurgebied. 1.
  10. Bij gemeenteraadsbesluit van 25 september 2001 wordt het ontwerp van het Bijzonder Plan van Aanleg (hierna: BPA) nummer 102B “Bourgoyen” voorlopig aangenomen. De voormelde percelen worden voor het X-11.529-2/7 grootste deel ondergebracht in een zone voor natuurgebied, en voor een beperkte strook in een “zone voor schermgroen”. 1.
  11. Van 19 november 2001 tot 18 december 2001 wordt het ontwerpplan aan een openbaar onderzoek onderworpen. Vier bezwaarschriften worden ingediend, onder meer door de verzoekende partijen. 1.
  12. Op 14 augustus 2002 brengt de GECORO een gunstig advies uit. 1.
  13. Bij gemeenteraadsbesluit van de stad Gent van 23 september 2002 wordt het bezwaar van de verzoekende partijen, gelet op het advies van de GECORO, niet ingewilligd. Het ontwerpplan wordt, op advies van de GECORO, wel aangepast ten gevolge van andere bezwaarschriften en, aldus gewijzigd, voorlopig aangenomen. 1.
  14. Tijdens een tweede openbaar onderzoek, dat plaatsvindt van 10 oktober 2002 tot 13 november 2002, worden 10 tijdige bezwaarschriften ingediend, onder meer door de verzoekende partijen. 1.
  15. Op 10 december 2002 verleent de GECORO opnieuw een gunstig advies. 1.
  16. Bij gemeenteraadsbesluit van de stad Gent van 27 januari 2003 wordt het BPA nr. 102B “Bourgoyen” definitief aangenomen. 1.
  17. Op 4 april 2003 brengt de afdeling ROHM Oost-Vlaanderen een advies uit. Daarin wordt onder meer het volgende gesteld : “Vooral met betrekking tot het bestaand winkelcomplex op de percelen 864k, 864e, 868c, 868d en 868e en het nieuw op te richten bezoekerscentrum perceel 861 zijn er onduidelijkheden. Van mijn bestuur uit werd gevraagd om de van toepassing zijnde voorschriften te concretiseren, en dit met het oog op het vergunningenbeleid. In huidig BPA werd echter geopteerd om de bepalingen aangaande beide bouwwerken volledig te schrappen. Het gebrek aan een duidelijk standpunt resulteert in een onzekere juridische toestand en heeft consequenties naar vergunningen toe. Voor het winkelcomplex zijn de mogelijkheden niet duidelijk. Enerzijds kan volgens artikel 2.1.
  18. betreffende de overgangsbepalingen (p 8) bij strijdigheid enkel onderhouds- en instandhoudingswerken worden toegelaten. Anderzijds wordt aangegeven dat de zone voor natuurgebied in dit BPA overeenstemt met de bestemming natuurgebied uit het gewestplan (p 15). Hieruit kan conform artikel 145 bis DORO, besloten worden dat het verbouwen binnen het bestaand X-11.529-3/7 volume mogelijk is. Welke van de twee denkpistes er dient gevolgd te worden is geenszins duidelijk”. 1.
  19. Op 10 april 2003 brengt de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen een gunstig advies uit met de bemerking dat voor het bestaande winkelcentrum eveneens een onteigeningsplan dient opgemaakt te worden. 1.
  20. Op 24 april 2003 brengt de Commissie van Advies bij onteigeningsplannen voor het Vlaamse Gewest een gunstig advies uit. 1.
  21. Met het ministerieel besluit van 23 mei 2003 wordt het BPA “Bourgoyen Deel B” goedgekeurd.
  22. Ontvankelijkheid 2.1.
  23. Wat de ontvankelijkheid van het beroep tot nietigverklaring van de eerste verzoekende partij betreft, wordt in het auditoraatsverslag vastgesteld dat Henk Galens, gedelegeerd bestuurder, op 6 augustus 2003 beslist heeft om het beroep tot nietigverklaring in te stellen maar dat het bewijs niet voorligt van de herbenoeming van Henk Galens als gedelegeerd bestuurder minstens tot en met die laatste datum. In het auditoraatsverslag is aan de eerste verzoekende partij gevraagd om dat bewijs neer te leggen. 2.1.
  24. De eerste verzoekende partij heeft aan dit verzoek geen gevolg gegeven. Zij heeft hieromtrent evenmin standpunt ingenomen in de laatste memorie of ter terechtzitting. 2.1.
  25. In die omstandigheden wordt niet aangetoond dat de genoemde Henk Galens over de naar het recht vereiste procesbevoegdheid beschikte op 6 augustus
  26. 2.1.
  27. Het beroep tot nietigverklaring van de eerste verzoekende partij is derhalve niet ontvankelijk. 2.2.
  28. Wat de ontvankelijkheid van het beroep tot nietigverklaring van de tweede verzoekende partij betreft, wordt in het auditoraatsverslag vastgesteld dat Henk Galens, gedelegeerd bestuurder, op 6 augustus 2003 beslist heeft om het X-11.529-4/7 beroep tot nietigverklaring in te stellen en dat het neergelegde besluit van de algemene vergadering van de tweede verzoekende partij van 31 december 1999, dat in de bijlagen van het Belgisch Staatsblad van 8 maart 2000 werd bekendgemaakt en op 28 februari 2000 werd neergelegd op de rechtbank van koophandel te Gent, bepaalt dat de mandaten, waaronder deze van Henk Galens als gedelegeerd bestuurder, “met terugwerkende kracht tot 1997” werden verlengd “voor 6 jaren” waaruit wordt afgeleid dat dit mandaat eindigde op 1 januari 2003 zodat niet het bewijs voorligt van de herbenoeming van Henk Galens als gedelegeerd bestuurder minstens tot en met 6 augustus
  29. In het auditoraatsverslag is ook aan de tweede verzoekende partij gevraagd om dat bewijs neer te leggen. 2.2.
  30. De tweede verzoekende partij stelt in de laatste memorie dat met het voormelde besluit van 31 december 1999 “is (...) bedoeld te verwijzen naar boekjaren, zodat de aanstelling blijft bestaan tot er door de jaarvergadering is beslist geworden over de jaarrekening van het betrokken boekjaar”. 2.2.
  31. Met de verwerende partij moet worden aangenomen dat de in het voormelde besluit gebruikte term “jaar” in zijn spraakgebruikelijke betekenis moet worden gelezen als een periode van 12 maanden van 1 januari tot en met 31 december. Overigens blijkt uit de gegevens van het dossier dat voor de “maatschappelijke bescheiden” van de vennootschap het boekjaar overeenstemt met het kalenderjaar. De tweede verzoekende partij betwist de vaststelling in het auditoraatsverslag dat het mandaat van gedelegeerd bestuurder voor de genoemde Henk Galens blijkens het voormelde besluit van 31 december 1999 is aangevangen op 1 januari 1997, niet. Dat mandaat van genoemde, dat bij toepassing van artikel 55 van Titel IX van Boek I van het Wetboek van Koophandel, en met ingang van 6 februari 2001 van artikel 518, § 3 van Titel IV van Boek VIII van het Wetboek van Vennootschappen de duur van zes jaar niet kon te boven gaan, is aldus verstreken op 1 januari
  32. 2.2.
  33. De tweede verzoekende partij stelt nog dat “na onderzoek is (...) gebleken dat bij materiële misslag de tekst, die is neergelegd ter griffie (...) en gepubliceerd is in het staatsblad, niet overeenstemt met de beslissing die door de buitengewone algemene vergadering van 31 december 1999 is genomen” die terzake als volgt luidt: “2.a. Er wordt beslist om de mandaten van de bestuurders met terugwerkende kracht te verlengen van 05/12/97 tot op heden. X-11.529-5/7 2.b. In afzonderlijke stemming wordt bijkomend beslist om de mandaten van volgende bestuurders vanaf heden te verlengen voor een volgende periode van 6 jaren om te eindigen op 31/12/2005: (...) Galens Henk (...) als gedelegeerd bestuurder”. Zij laat gelden dat uit het feit dat deze beslissing niet gepubliceerd werd, enkel volgt dat het besluit niet aan derden kan worden tegengeworpen, dat de Raad van State geen derde is en dat de verwerende partijen geen exceptie van niet- tegenwerpelijkheid van die benoeming hebben opgeworpen. 2.2.
  34. Het is niet betwist dat van dit laatste besluit de openbaarmaking is voorgeschreven. Overeenkomstig artikel 10 van Titel IX van het Wetboek van Koophandel, en met ingang van 6 februari 2001 van artikel 76 van Titel V van Boek IV van het Wetboek van Vennootschappen kan dit besluit “aan derden niet worden tegengeworpen dan vanaf de dag dat zij bij uittreksel of in de vorm van een mededeling in de Bijlagen bij het Belgisch Staatsblad (is) bekendgemaakt, tenzij de vennootschap aantoont dat die derden er tevoren kennis van droegen”. Aangezien dit besluit tot op heden niet is bekendgemaakt kan het niet aan derden worden tegengeworpen tenzij het bewezen wordt dat zij er tevoren kennis van droegen. De tweede verzoekende partij toont niet aan en beweert trouwens ook niet dat de verwerende partijen vóór de mededeling van deze versie van het besluit van 31 december 1999 met haar laatste memorie, er kennis van droegen. Het is dan ook niet tegenwerpelijk. 2.2.
  35. Uit één en ander volgt dat niet is aangetoond dat de genoemde Henk Galens over de naar het recht vereiste procesbevoegdheid beschikte op 6 augustus
  36. 2.2.
  37. Het beroep tot nietigverklaring van de tweede verzoekende partij is derhalve evenmin ontvankelijk. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  38. Het beroep wordt verworpen. X-11.529-6/7 Artikel
  39. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, ieder voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twee juni 2009, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. BOVIN, staatsraad, P. LEFRANC, staatsraad, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-11.529-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.742 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.