← België

Arrest 193843 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 04/06/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.843 Rolnummer: A. 191884/IX-6271 Zaak: Arrest 193843 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 04/06/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-06-19 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 03:13 Fiche Arrest nr 193.843 van 4 juni 2009 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 193.843 van 4 juni 2009 in de zaak A. 191.884/IX-

  1. In zake : Anne THIENPONT, die woonplaats kiest te GAVERE, Ten Edestraat 42 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Ambtenarenzaken. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Anne THIENPONT op 21 maart 2009 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 5 februari 2009 tot nietigverklaring van alle beslissingen met betrekking tot het niet- slagen voor de test ter afsluiting van de gecertificeerde opleiding FI03 “Toepassing van de algemene principes van het fiscale recht” van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid (OFO); Gezien het verslag opgesteld door adjunct-auditeur M. CELIS, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 29 april 2009 waarbij de terechtzit- ting bepaald wordt op 25 mei 2009; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van de verzoekster, en van adviseur C. DE VRIES die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; IX-6271-1/8 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
  2. Gegevens van de zaak 1.
  3. Uit het verzoekschrift en de stukken gevoegd bij het verzoek- schrift blijkt dat verzoekster heeft deelgenomen aan de gecertificeerde opleiding “Toepassing van de algemene principes van het fiscale recht FI03NL”, ingericht door het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid (OFO). Deze opleiding werd afgesloten met een test, die heeft plaatsgevonden op 15 december
  4. 1.
  5. Op 7 juli 2008 deelt de directeur-generaal van het OFO aan verzoekster mee dat zij niet geslaagd is voor deze test. Verzoekster behaalde namelijk 55,32%, terwijl zij 60% moest halen om te slagen. 1.
  6. Na tal van ontvangen klachten in verband met voornoemde test beslist het OFO de volledige test voor te leggen aan twee externe experten, die op 23 december 2008 hun verslag in het Nederlands en het Frans bezorgen. Op 5 januari 2009 wordt dit verslag overgemaakt aan twee interne experten, die ambtenaar zijn bij de FOD Financiën. 1.
  7. Op 16 januari 2009 vindt een overlegvergadering plaats, georganiseerd door het OFO, tussen de interne en de externe experten in aanwezig- heid van de directeur-generaal en een attaché van het OFO, de voorzitter van het directiecomité van de FOD Personeel en Organisatie en een directeur bij de FOD Financiën. Op 15 januari 2009 overhandigen de interne experten een voorbereidend document in het Nederlands. Op 30 januari 2009 overhandigen zij hun tweetalig eindverslag. IX-6271-2/8 1.
  8. Na lectuur van de twee verslagen en na afloop van de besprekingen tussen de interne en externe experten, wordt beslist dat over slechts 28 van de 50 vragen van de test geen twijfel bestaat, en dat een test met 50 vragen, die gereduceerd wordt tot 28 vragen niet langer valide, betrouwbaar of relevant is. 1.
  9. Op 5 februari 2009 schrijft de directeur-generaal van het OFO naar verzoekster wat volgt : “gelet op het algemeen beginsel van voorzichtigheid, overwegende dat de nietigverklaring van de resultaten van niet-slagen aan geen enkele ambtenaar enig nadeel kan berokkenen, overwegende daarentegen dat de nietigverklaring tot gevolg heeft dat de ambtenaren in staat gesteld worden om van een niet-ingekorte geldigheidsperiode te genieten, indien ze in de toekomst slagen voor een gecertificeerde opleiding, zonder een uitspraak te doen met betrekking tot de tegenstrijdige standpunten geuit door de interne en de externe experten of de bedenkingen geuit door deze laatsten, zonder op welke manier ook te erkennen dat de interne experts een fout zouden begaan hebben, zonder ook te erkennen dat het Instituut enige fout begaan heeft, teneinde een einde te maken aan een zwaarwegend geschil, heeft het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid beslist om alle beslissingen m.b.t. het niet-slagen voor de test ter afsluiting van de gecertificeerde opleiding FI03 ‘Toepassing van de algemene principes van het fiscale recht’ nietig te verklaren. Deze beslissing heeft dus betrekking op de beslissing die u werd meegedeeld op 7 juli
  10. Voor zover u zich inschrijft of zich ondertussen ingeschreven heeft voor een gecertificeerde opleiding, zal de geldigheidsdatum voor de berekening van de premie blijven vastliggen op de oorspronkelijke datum. (....)”. 1.
  11. Dit is de thans bestreden beslissing. 1.
  12. Met een e-mail van 6 maart 2009 dient verzoekster klacht in bij het OFO, omdat men voor de certifiëringstest “toepassing van de algemene principes van het fiscaal recht niet heeft beslist dat zij geslaagd is”. IX-6271-3/8 1.
  13. Met een e-mail van 13 maart 2009 antwoordt de directeur- generaal van het OFO alleen te kunnen verwijzen naar de beroepsprocedure die vermeld staat op de brief die de beslissing meedeelde, niets te kunnen toevoegen aan de informatie die al verschaft werd en over deze gecertificeerde opleiding dan ook niet verder wenst te communiceren.
  14. De ontvankelijkheid van het beroep 2.
  15. Verzoekster stelt belang te hebben bij de vernietiging van de bestreden beslissing, daar zij normaal geslaagd is. Het slagen in de proef heeft invloed op haar loopbaan en op haar vergoeding. Bij het slagen wordt namelijk een jaarlijkse competentietoelage toegekend, zowel voor het verleden als voor de toekomst. Bij het behoud van de bestreden beslissing, waardoor haar examen geannuleerd wordt, acht verzoekster zich gediscrimineerd tegenover de geslaagden, zodat zij hiervoor schadevergoeding wenst te bekomen. Indien de Raad van State niet bevoegd is om over de schadevergoeding te oordelen, is volgens verzoekster de geleden schade een relevant element om te beslissen dat er wel degelijk een belang bestaat bij de vernietiging van de bestreden beslissing. 2.
  16. In subsidiaire orde wenst verzoekster schadevergoeding te bekomen op basis van de overtreding van de Grondwet, de beginselen van behoorlijk bestuur en artikel 1382 van het Burgerlijk Wetboek. De schade bestaat volgens haar uit : 1) het verlies van haar competentievergoeding gedurende verschillende jaren (een deel met terugwerkende kracht en een deel voor de toekomst), 2) ‘opportuniteitskost’ en 3) verlies van verlof. Verzoekster wijst erop dat door de annulatie van haar examen zij verplicht wordt het examen nog eens opnieuw te doen met alle gevolgen van dien. Voorts stelt verzoekster morele schade te hebben geleden, vooral tegenover collega’s die wel competent werden verklaard en met wie zij moet samenwerken en aan wie zij soms leiding moet geven, terwijl zij daartoe eigenlijk niet competent is verklaard. IX-6271-4/8 2.3.
  17. Een verzoekende partij getuigt van het rechtens vereiste belang bij haar beroep tot nietigverklaring, wanneer de door haar aangevochten beslissing haar een concreet nadeel toebrengt en een eventuele nietigverklaring van deze beslissing haar enig voordeel verschaft. Er wordt vastgesteld dat het de beslissing van 7 juli 2008 is, die weliswaar aan verzoekster nadeel berokkent, in die zin dat zij niet geslaagd is voor de certifiëringstest “Toepassing van de algemene principes van het fiscaal recht FI03”. Niettemin heeft verzoekster deze beslissing niet aangevochten met een beroep tot nietigverklaring. Wat de in casu bestreden beslissing van 5 februari 2009 tot nietigverklaring van alle beslissingen met betrekking tot het niet-slagen voor de test ter afsluiting van de gecertificeerde opleiding FI03 “Toepassing van de algemene principes van het fiscaal recht” betreft, blijkt dat verzoekster niet aannemelijk maakt dat deze haar enig nadeel zou berokkenen. Immers, met de bestreden beslissing wordt de “nietigverklaring” van de beslissingen met betrekking tot het niet-slagen voor de test beoogd, wat niet anders kan begrepen worden dan dat deze beslissingen van niet slagen worden ingetrokken, zo ook de beslissing van 7 juli 2008 met betrekking tot het niet slagen van verzoekster, die een nadeel heeft berokkend aan verzoekster. De intrekking van een beslissing heeft tot gevolg dat die beslissing ab initio uit het rechtsverkeer verdwijnt. Zij wordt geacht nooit te zijn genomen. In casu betekent dit dan ook dat omwille van de intrekkingsbeslissing van 5 februari 2009, de beslissing van 7 juli 2008 ab initio uit het rechtsverkeer verdwijnt. Verzoekster wordt teruggeplaatst in de toestand vóórdat de certificeringstest plaatsvond, daar in de bestreden intrekkingsbeslissing wordt vastgesteld dat de test, die nog slechts op 28 van de 50 vragen steunt, niet valide, betrouwbaar of relevant kan zijn. De bestreden beslissing stelt zelf dat de nietigverklaring (lees: de intrekking) tot gevolg heeft dat de ambtenaren in staat gesteld worden om van een niet-ingekorte geldigheidsperiode te genieten, indien ze in de toekomst slagen voor een gecertificeerde opleiding. Wat verzoekster betreft, stelt de bestreden beslissing “voor zover u zich inschrijft of zich ondertussen ingeschreven heeft voor een gecertificeerde opleiding, zal de geldigheidsdatum voor de berekening van de premie blijven IX-6271-5/8 vastliggen op de oorspronkelijke datum”. Met de bestreden intrekkingsbeslissing krijgt verzoekster alsnog de kans om in de toekomst te slagen voor een gecertificeerde opleiding en dit met behoud van een niet-ingekorte geldigheidsperiode. Zij toont dan ook niet aan welk nadeel de beslissing van 5 februari 2009 haar berokkent. Bijgevolg kan ook niet worden ingezien in welke mate de bestreden beslissing een invloed heeft op haar loopbaan. 2.3.
  18. Voorts kan niet worden ingezien dat verzoekster nog enig voordeel kan halen uit een eventuele vernietiging van de bestreden beslissing van 5 februari
  19. Immers, bij een eventuele vernietiging ervan valt zij terug op de beslissing van 7 juli 2008, die zij niet heeft aangevochten met een beroep tot nietigverklaring, en wordt zij bijgevolg als niet-geslaagd beoordeeld voor de certificeringstest voor de opleiding “Toepassing van de algemene principes van het fiscaal recht”. 2.3.
  20. In de mate dat verzoekster een schadevergoeding wenst te bekomen, behoort een dergelijke vordering tot de uitsluitende bevoegdheid van de hoven en rechtbanken. In zoverre verzoekster van oordeel zou zijn er belang bij te hebben om de bestreden beslissing bij een arrest van de Raad van State onwettig te horen verklaren om vervolgens op grond van deze met gezag van gewijsde beklede uitspraak een vordering tot schadevergoeding voor de gewone rechter kracht bij te zetten, gaat het om een voordeel dat niet verbonden is met het doen verdwijnen van de bestreden beslissing uit het rechtsverkeer, maar uitsluitend met het gegrond horen verklaren van een middel. Een dusdanig, alleen als onrechtstreeks te kwalificeren belang, volstaat niet voor de ontvankelijkheid van voorliggend beroep. 2.3.
  21. De bestreden beslissing kan bovendien slechts worden aangevochten in de mate hierdoor de persoonlijke rechtstoestand van verzoekster getroffen wordt. In zoverre verzoekster aldus de nietigverklaring van de bestreden beslissing vordert, doordat zij zich gediscrimineerd acht ten opzichte van de geslaagden, wier resultaten van de certificeringstest eventueel behouden blijven en niet beïnvloed worden door de bestreden beslissing, levert een dergelijke IX-6271-6/8 vernietiging verzoekster geen voordeel op en beschikt verzoekster niet over een persoonlijk belang bij haar beroep. 2.3.
  22. In de mate verzoekster aanvoert dat zij een moreel belang heeft, dient te worden opgemerkt dat het OFO, door de beslissing van 7 juli 2008 met betrekking tot het niet-geslaagd verklaren van verzoekster voor de certificeringstest in te trekken door middel van de beslissing van 5 februari 2009, de onregelmatigheid van deze test ten opzichte van verzoekster heeft erkend, wat voor verzoekster een morele genoegdoening inhoudt. Door die intrekking wordt verzoekster teruggeplaatst in de toestand waarin zij zich bevond vóór deze test, met andere woorden er wordt gehandeld alsof deze certificeringstest ten opzichte van verzoekster nooit heeft plaatsgehad. Er kan dan ook niet worden ingezien in welke mate verzoekster door de bestreden beslissing van 5 februari 2009 zou zijn geraakt in haar morele belangen. 2.3.
  23. Voorliggend beroep tot nietigverklaring is dan ook niet ontvankelijk bij gebrek aan het rechtens vereiste belang. 2.3.
  24. Voorts vermag de Raad van State geen acht slaan op het antwoord op (het) verslag korte debatten, dat verzoekster op 18 mei 2009 heeft verstuurd naar de Raad van State, omdat dit stuk niet is voorzien in het algemeen procedure- reglement, zodat het uit de debatten wordt geweerd. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel
  25. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  26. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoekster. IX-6271-7/8 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 4 juni 2009, door : de H. D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. D. MOONS. IX-6271-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.843 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.