id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.333 Rolnummer: A. 84596/IX-1860 Zaak: Arrest 194333 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 18/06/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-07-22 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 03:17 Fiche Arrest nr 194.333 van 18 juni 2009 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 194.333 van 18 juni 2009 in de zaak A. 84.596/IX-
- In zake : Robin LIBERT, wonende te MORTSEL, Statielei 26, bus 8 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaten D. D’HOOGHE en M. GELDERS, kantoor houdende te BRUSSEL, Loksumstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Robin LIBERT op 7 juni 1999 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het koninklijk besluit van 25 maart 1999 waarbij Monique LIESSENS wordt bevorderd tot adviseur bij het Bestuur Veiligheid van de Staat; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur M. LEFEVER; Gelet op de beschikking van 25 juni 2001 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 1 april 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 8 juni 2009; Gehoord het verslag van kamervoorzitter P. LEMMENS; IX-1860-1/4 Gehoord de opmerkingen van advocaat L. SCHELLEKENS, die loco advocaten D. D’HOOGHE en M. GELDERS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
- De verzoeker vordert de nietigverklaring van het koninklijk besluit van 25 maart 1999 waarbij Monique Liessens wordt bevorderd tot adviseur bij het Bestuur Veiligheid van de Staat.
- Met op 11 december 2008 en 26 januari 2009 ter post aangetekende brieven informeert de staatsraad-verslaggever bij de partijen naar eventuele nieuwe feitelijke of juridische ontwikkelingen die een weerslag kunnen hebben op de oplossing van de zaak.
- Met een op 14 april 2009 gedateerd schrijven antwoordt de raadsman van de verwerende partij hetgeen volgt: “[...] Sinds de laatste memorie werden de volgende beslissingen genomen ten aanzien van de verzoekende partij: - bij ministerieel besluit van 21 september 2005 werd de verzoekende partij benoemd tot adviseur 13B; - bij koninklijk besluit van 28 oktober 2008 werd de verzoekende partij benoemd tot adviseur-generaal A4 met ingang van 1 januari 2008 (B.S. 27/11/2008) Gelet op deze benoemingen, heeft de verzoekende partij geen actueel belang (meer) bij de vernietiging van de bestreden beslissing. [...]” Met een op 28 mei 2009 gedateerde brief schrijft de raadsman van de verzoeker hetgeen volgt: “[...] IX-1860-2/4 Het carrièreverloop van mijn cliënt bij het ministerie van Justitie (Veiligheid van de Staat) ziet [eruit] als volgt: - Koninklijk besluit van 26.06.2002, benoeming tot adviseur (13A) met ranginneming op 1 maart 2000; - Ministerieel besluit van 21.09.2005, bevordering tot adviseur (13B) met ingang van 01.11.2004; - Koninklijk besluit van 28.10.2008, bevordering tot adviseur-generaal / directeur van de analyse (A4) met ingang van 01.01.2008, B.S. 27.11.
- Aangezien dhr. Libert niets mocht vernemen van een eventueel bezwaar dat bij uw Raad zou zijn ingediend en de publicatie nu toch al meer dan zes maanden is geschied, neem ik aan dat er ook geen bezwaar is aangetekend tegen deze laatste bevordering. Los van de vraag over het onevenwicht van het taalkader, dient dus te worden vastgesteld dat dhr. Robin Libert, bij de behandeling van het verzoekschrift, tien jaar later inderdaad geen belang meer heeft bij de vernietiging van de bestreden beslissing. Rekening houdend met dit gebrek aan enig belang voor mijn cliënt zal u het mij dan ook niet kwalijk nemen dat ik op 8 juni 2009 niet zal verschijnen voor uw kamer. [...]” 4.
- Artikel 19 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt dat de beroepen tot nietigverklaring voor de afdeling bestuursrechtspraak kunnen worden gebracht door elke partij die doet blijken van een benadeling of een belang. Het belang moet bestaan, niet alleen op het ogenblik van het instellen van het beroep, maar ook bij de uitspraak daarover. 4.
- De voornaamste betrachting van iemand die, zoals de verzoeker, voor de Raad van State de rechtshandeling aanvecht waardoor hij niet wordt aangesteld in een betrekking waarvoor hij zich kandidaat heeft gesteld maar waarin integendeel iemand anders wordt aangesteld, is door de nietigverklaring ervan te verkrijgen dat die betrekking opnieuw open wordt verklaard en dat hij aldus de kans krijgt om zelf, in de plaats van degene wiens benoeming nietig is verklaard, in die betrekking te worden aangesteld en om ze daadwerkelijk waar te nemen. Te dezen vordert de verzoeker de nietigverklaring van het besluit waarbij Monique Liessens wordt bevorderd tot adviseur. In de loop van de procedure is de verzoeker echter zelf benoemd tot adviseur en daarna tot adviseur- generaal. IX-1860-3/4 Hieruit volgt dat het materieel belang, dat de verzoeker onmiskenbaar had bij het instellen van het beroep tegen het bestreden besluit, in de loop van het geding is teloorgegaan. In zijn schrijven van 28 mei 2009 erkent de verzoeker trouwens dat hij geen belang meer heeft. 4.
- Het beroep is onontvankelijk.
- Nu het teloorgaan van het belang niet aan het toedoen van de verzoeker te wijten is, past het de verwerende partij te verwijzen in de kosten. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 18 juni 2009, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter, D. MOONS, staatsraad, B. THYS, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. P. LEMMENS. IX-1860-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.333 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.