← België

Arrest 194398 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 18/06/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.398 Rolnummer: A. 185918/X-13533 Zaak: Arrest 194398 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 18/06/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-06-30 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-30 03:17 Fiche Arrest nr 194.398 van 18 juni 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 194.398 van 18 juni 2009 in de zaak A. 185.918/X-13.

  1. In zake :
  2. Irène SCHOLLAERT,
  3. Adeline PETRUS, die woonplaats kiezen bij advocaat J. VAN DEN NOORTGATE, kantoor houdende te 9700 OUDENAARDE, Einestraat 22 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat T. DE SUTTER, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan
  4. tussenkomende partij : de stad ZOTTEGEM, die woonplaats kiest bij advocaten C. DE WOLF en K. BEKÉ, kantoor houdende te 9680 MAARKEDAL, Etikhovestraat
  5. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Irène SCHOLLAERT en Adeline PETRUS op 19 november 2007 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 24 juli 2007 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Stedenbeleid, Wonen en Inburgering waarbij “aan het stadsbestuur van Zottegem machtiging tot onteigening wordt verleend met toepassing van de spoedprocedure van onroerende goederen ter realisatie van het GRUP zonevreemde recreatieterreinen FC Erwetegem”; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst, op 7 februari 2008 ingediend door de stad ZOTTEGEM; Gelet op de beschikking van 24 april 2008 die de tussenkomst van de stad ZOTTEGEM toelaat; Gezien de memorie van antwoord en wederantwoord; X-13.533-1/4 Gezien de memorie van de tussenkomende partij; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur E. LANCKSWEERDT, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 11 mei 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 12 juni 2009; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. BEKÉ, die verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord adjunct-auditeur S. DE DONCKER, daartoe gemachtigd bij besluit van 31 oktober 2008 van de adjunct-auditeur-generaal, in haar eensluidend advies; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  6. Krachtens de bepalingen van de wet van 26 juli 1962 betreffende de rechtspleging bij hoogdringende omstandigheden inzake onteigening ten algemenen nutte, heeft de vrederechter, wanneer de onteigenaar de vordering tot onteigening bij hem heeft ingeleid, als opdracht de voor de onteigening vereiste besluiten van de onteigenende overheid zowel op hun interne als op hun externe wettigheid te toetsen. Die bevoegdheid van de gewone rechter sluit de bevoegdheid van de Raad van State uit om kennis te nemen van een beroep tot nietigverklaring van die handelingen, indien dat beroep is ingesteld door de onteigende. Deze bevoegdheidsuitsluiting geldt vanaf de dagvaarding om voor de gewone rechter te verschijnen en ten aanzien van de personen die tot die procedure toegang hebben. X-13.533-2/4 Zij geldt ook voor het beroep tot nietigverklaring dat bij de Raad van State is ingesteld vooraleer de vrederechter werd geadieerd. Uit het administratief dossier blijkt dat de vrederechter van het kanton Zottegem-Herzele op 6 maart 2008 twee vonnissen op tegenspraak heeft geveld die betrekking hebben op de onteigening van respectievelijk de percelen van de eerste verzoekster, gelegen te Zottegem, kadastraal bekend sectie C, nrs. 94/L en 94/F, en de percelen van de tweede verzoekster gelegen te Zottegem, kadastraal bekend sectie C, nrs. 93/A en 94/D. In de voormelde vonnissen stelt de vrederechter dat de onteigeningsvorderingen niet ontvankelijk zijn en “zegt minstens voor recht dat het ministerieel besluit van 24 juli 2007 dat de onteigening(en) beveelt van de voormelde onroerende goederen niet kan worden toegepast en dat er geen redenen zijn tot verderzetting van de gerechtelijke onteigeningsprocedure”. Het beroep is bijgevolg niet ontvankelijk.
  7. Gezien de omstandigheden past het de kosten van het beroep ten laste te leggen van de verwerende partij. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  8. Het beroep wordt verworpen. Artikel 2 De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. X-13.533-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achttien juni 2009, door: de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. S. DE CLERCQ, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DE CLERCQ. R. STEVENS. X-13.533-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.398 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.