← België

Arrest 194631 - Onteigeningen - 24/06/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.631 Rolnummer: A. 192040/X-14133 Zaak: Arrest 194631 - Onteigeningen - 24/06/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-07-03 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-06-30 03:19 Fiche Arrest nr 194.631 van 24 juni 2009 Overheidsopdrachten en openbare werken - Onteigeningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 194.631 van 24 juni 2009 in de zaak A. 192.040/X-14.133. In zake : 1. Tom MESTDAG, 2. Kristine FOCK, die woonplaats kiezen bij advocaat I. ROGIERS, kantoor houdende te 9270 KALKEN, Kalkendorp 17A tegen : de gemeente WETTEREN, die woonplaats kiest bij advocaat F. MERTENS, kantoor houdende te 9000 GENT, Coupure 373 DE Wnd. VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat Tom MESTDAG en Kristine FOCK op 2 april 2009 hebben ingediend, en waarin zij de schorsing van de tenuitvoerlegging vorderen van het besluit van 21 januari 2009 van de gemeenteraad van de gemeente Wetteren houdende definitieve goedkeuring van de derde versie van het rooilijn- en onteigeningsplan “Serskampsteenweg”, “opgemaakt door landmeter-expert Gino Van Acker d.d. 25 maart 2008”, en waarbij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Wetteren wordt gemachtigd tot het aanstellen van een landmeter en een notaris teneinde de geplande innemingen aan te kopen en de vereiste formaliteiten te verrichten; Gezien het administratief dossier van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 28 mei 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 5 juni 2009; X-14.133-1/10 Gehoord het verslag van staatsraad S. DE TAEYE; Gehoord de opmerkingen van advocaat P. PRAET, die loco advocaat I. ROGIERS verschijnt voor de verzoekende partijen, en van advocaat P. VAN ASSCHE, die loco advocaat F. MERTENS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : 1. De rechtspleging De verzoekende partijen hebben op 29 mei 2009 een “pleitnota” ingediend. Het indienen van een dergelijke nota is niet voorzien in het procedurereglement. Hij wordt om die reden uit de debatten geweerd. 2. De feiten 2.1. De tweede verzoekende partij werd op 9 december 2004 eigenares van een perceel bouwgrond gelegen aan de Serskampsteenweg nr. 135A te Wetteren, kadastraal bekend sectie F, nummer 357/B/ex. Het perceel heeft een oppervlakte van 12a 28 ca en 2dma. De tweede verzoekende partij woont er samen met de eerste verzoekende partij, die haar echtgenoot is. 2.2. Het voormelde perceel maakt deel uit van een verkaveling. Op 2 december 2005 verkregen de verzoekende partijen een stedenbouwkundige vergunning om op het perceel een eengezinswoning (open bebouwing) te bouwen. Uit het bouwplan blijkt dat de woning ongeveer 13 meter van de openbare weg werd opgericht. Uit de plannen blijkt ook dat de woning 1,40 meter hoger ligt dan de weg. X-14.133-2/10 2.3. Op 31 augustus 2006 verklaart de gemeenteraad van Wetteren zich principieel akkoord met een ontwerp van rooilijn- en onteigeningsplan “Serskampsteenweg”. Dit plan wordt echter nooit definitief goedgekeurd. 2.4. Op 25 maart 2007 stelt de gemeenteraad van Wetteren zijn beslissing tot goedkeuring van een tweede, aangepaste versie van een rooilijn- en onteigeningsplan voor de Serskampsteenweg uit. 2.5. Op 22 mei 2008 verklaart de gemeenteraad van Wetteren zich principieel akkoord met een derde ontwerp van rooilijn- en onteigeningsplan met betrekking tot de voormelde weg, en wordt het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Wetteren gemachtigd tot het houden van een openbaar onderzoek. 2.6. Tijdens het openbaar onderzoek worden een aantal bezwaarschriften ingediend, waaronder door de verzoekende partijen. Daarin laten zij het volgende gelden : “Door middel van uw aangetekend schrijven van 09 juni 2008 zijn we in kennis gesteld van het ontwerp van de nieuwe rooilijn, op het gedeelte van de Serskampsteenweg, alwaar wij woonachtig zijn op lot Kadastraal F, 357b Lot 3 (1225 m²) : Na inkijken van de plannen op het gemeentehuis, vernamen we, tot onze grote ontsteltenis, dat het nieuw ontwerp voorziet van een mogelijk onteigening van 92.33 m². Over een lengte van 21.79 m, komt dit neer op onteigening over een breedte van niet minder dan 4.25 m! Hierbij volgende opmerkingen/bezwaren: 1/Onze goedgekeurde bouwvergunning vermeldt duidelijk een hoogteverschil tussen straatniveau en ingang garage van 1.4 m. De garage bevindt zich op 13 m van de straat. Dit komt overéén met een gemiddelde stijgingspercentage van 10.8 %. Wanneer van deze 13 m, nog een extra 4.25 m zou ‘afgenomen’ worden, zou dit neerkomen op een gemiddelde stijgingspercentage van niet minder dan 16%! Ter vergelijking : (het) gemiddelde stijgingspercentage van de muur van Geraardsbergen, bedraagt 9.1% of verhoudingsgewijs 54% minder! M.a.w., indien deze 4.25 m zou doorgezet worden, zou dit de toegang tot de garage zéér moeilijk, zoniet totaal onmogelijk maken ingeval van winterse toestanden. 2/Een onteigening van 4.25 m diep zou bovendien de parkeermogelijkheid op oprit met 2 wagens verminderen. 3/Ondertussen werd de oprit afgewerkt (6.5-7 m breedte), een afsluiting alsmede automatisch hekken (inclusief fundering, bekabeling,...) geplaatst en hebben we getracht rekening te houden met de mogelijkheid van een toekomstig voetpad (1,5-2 in vrijgehouden) Deze huidige toestand, waar met 2 meter rekening werd gehouden ter hoogte van oprit, zorgt nu al voor een stijgingspercentage van 12.7 %. Wagens met achterwielaandrijving slippen vaak door en alle wagens moeten nu reeds zéér schuin oprijden om niet te slepen. Los hiervan kan er reeds onmogelijk X-14.133-3/10 achterwaarts worden opgereden. U bent bij deze uitgenodigd om dit ter plaatse uit te proberen. Bovendien en als bijkomende, doch belangrijke opmerking, dienen we jammer genoeg te moeten vaststellen dat met gelijkaardige opmerkingen & bezwaren van vorig bezwaarschrift (november 2006) blijkbaar totaal geen rekening werd genomen. Integendeel : i.p.v. van de initiële +- 1 m onteigening toen geopperd, wordt dit drastisch/dramatisch verhoogd tot 4.25 meter (...) Tot conclusie, is het correct te stellen dat we absoluut niet akkoord gaan met dit ontwerp over de totale lengte & 4.25 m breed, omwille van de hierboven vermelde bezwaren en indien noodzakelijk geacht, zullen we het niet nalaten met alle mogelijke middelen verzet aan te tekenen. We hopen echter ten stelligste & zijn ervan overtuigd dat met deze bezwaren wel degelijk rekening zal worden gehouden zodat een dergelijke actie overbodig zal blijken”. 2.7. De ingediende bezwaren worden behandeld in een aparte nota “behandeling bezwaren rooilijn Serskampsteenweg”. Met betrekking tot het bezwaar van de verzoekende partijen leest men hierin wat volgt : “Bezwaar ingediend door : Mestdagh - Fock Serskampsteenweg 135 9230 Wetteren Zij dienen bezwaar in om volgende redenen : - Onze goedgekeurde bouwvergunning vermeldt duidelijk een hoogteverschil tussen straatniveau en ingang garage van 1,40 m. De garage bevindt zich op 13m van de straat. Dit komt overeen met een gemiddeld stijgingspercentage van 10,80 m. Wanneer van deze 13 m, nog eens extra 4,25 m zou afgenomen worden, zou dit neerkomen op een stijgingspercentage van niet minder dan 16 %. Vooreerst wil ik toch even vermelden dat het huidige steile stijgingspercentage een keuze is van de eigenaar. De afstand tot de garage vanaf de nieuwe rooilijn zal inderdaad gereduceerd worden tot 9,50 m. We moeten er wel rekening mee houden dat de bestaande hoogte van de rand van de weg niet de nieuwe hoogte zal zijn. Naast de rijweg wordt een plantvak aangelegd om het fietspad te scheiden van de weg. Dit zal gebeuren met een opstaande borduur die 7 à 9 cm hoger staat dan de rand van de rijbaan. Het fietspad en het trottoir (samen 3,25

  1. m)worden in normale omstandigheden aangelegd met een hellingspercentage van 2 %. Dit maakt nogmaals 6,50 cm. Samen is dit reeds 15,50 cm dat de rand van de nieuwe weg hoger komt te liggen dan de bestaande wegrand. Indien nodig zal het lengteprofiel van de weg aangepast worden om dit niveauverschil nog verder te reduceren. Bovendien kan de helling van het fietspad en het trottoir verhoogd worden naar 3,50 % ipv 2 % . Dit alles om aan te tonen dat dit extra niveauverschil kan opgevangen worden door het nieuwe wegenisdossier. Het is inderdaad wel zo dat er voldoende aandacht zal moeten zijn voor dit probleem. - Een onteigening van 4,25 m diep zou bovendien de parkeermogelijkheid op oprit met 2 wagens verminderen. De afstand van de garage tot de rooilijn bedraagt 9,00 m en biedt bijgevolg plaats aan 4 voertuigen. Bovendien kan er steeds op de rijweg X-14.133-4/10 worden geparkeerd Als we daarbij de 2 plaatsen in de garage rekenen. ?????? - Ondertussen werd de oprit afgewerkt, een afsluiting alsmede automatisch hekken geplaatst en hebben we getracht rekening te houden met de mogelijkheid van een toekomstig voetpad. Gezien de eerdere openbare onderzoeken die reeds hebben plaatsgevonden was de eigenaar op de hoogte van een mogelijke onteigening voor de realisatie van een rooilijn. Ondanks het advies van de dienst Patrimonium om te wachten met het plaatsen van een omheining ging de eigenaar toch door met de plaatsing ervan. Hoeft de aanwezigheid van deze omheining dan nu een argument te zijn tot aanpassing van de rooilijn?”. 2.8. Op 21 januari 2009 beslist de gemeenteraad van de gemeente Wetteren om de derde versie van het rooilijn- en onteigeningsplan “Serskampsteenweg” definitief goed te keuren en het college van burgemeester te machtigen tot het aanstellen van een landmeter en een notaris teneinde de geplande innemingen aan te kopen en de vereiste formaliteiten te verrichten. Dit is het bestreden besluit, waarin het volgende wordt gesteld : “OPENBARE ZITTING Serskampsteenweg: - definitieve goedkeuring rooilijn- en onteigeningsplan - behandeling van de bezwaarschriften DE GEMEENTERAAD Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 31/08/2006 waarbij de raad zich principieel akkoord verklaarde met het ontwerp van rooilijn- en onteigeningsplan, respectievelijk opgemaakt dd/ 11/09/2005 en 30/09/2005; Gelet op het openbaar onderzoek van 30/10/2006 tot 27/11/2006 waarbij de plannen ter inzage werden gelegd; Overwegend dat 6 bezwaarschriften werden ingediend; Overwegende dat het ontwerp op diverse punten werd aangepast; Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 25/10/2007 waarbij de raad haar beslissing uitstelde in verband met een 2e versie van het opgemaakte rooilijn - en onteigeningsplan; Overwegende dat diverse aanpassingen aan deze 2de versie werden doorgevoerd; Overwegende dat de rooilijnbreedte op minimaal 12.30 meter en op maximaal 14.05 meter wordt vastgelegd; Gelet op de gemeenteraadsbeslissing van 22 mei 2008 waarbij de raad zich principieel akkoord verklaarde met het opgemaakte rooilijn- en onteigeningsplan (3de versie) en het College van Burgemeester en Schepenen machtigde tot het houden van een openbaar onderzoek; Gelet op het openbaar onderzoek gedurende de periode van 13 juni 2008 tot en met 14 juli 2008; Overwegende dat 8 bezwaarschriften werden ingediend; Gelet op het verslag ‘behandeling der bezwaarschriften, opgemaakt door ing. Nico D’Haese, diensthoofd Patrimonium en Mobiliteit, waarbij alle aspecten van de diverse bezwaarschriften worden behandeld; Overwegende dat de bezwaarschriften niet worden bijgetreden; Gelet op het Gemeentedecreet X-14.133-5/10 Met 26 stemmen BESLUIT: Art. 1: de raad verklaart zich definitief akkoord met de 3de versie van het rooilijn- en onteigeningsplan ‘Serskampsteenweg’ opgemaakt door landmeter-expert Gino Van Acker dd/ 25.03.2008; Art. 2: de raad machtigt het College van Burgemeester en Schepenen tot het aanstellen van een landmeter en notaris teneinde de geplande innemingen aan te kopen en de vereiste administratieve formaliteiten te verrichten (onderhandeling met eigenaars, verkoopbelofte opstellen, verkoopakte opmaken, akte van handlichting,...)”. 2.9. Uit het bij het bestreden besluit gevoegde rooilijnplan blijkt dat de nieuwe rooilijn dichter bij de woning van de verzoekende partijen ligt. Uit het onteigeningsplan blijkt dat de verzoekende partijen voor 92,33 m² zullen worden onteigend. Het betreft onteigening nr. 21. 2.10. Met een brief van 15 februari 2009, gericht aan de gemeente Wetteren, uiten de verzoekende partijen hun ongenoegen over de genomen beslissing. 2.11. In een brief van 24 februari 2009 deelt de gemeente Wetteren aan de verzoekende partijen mee dat zij de inhoud van de brief van 15 februari 2009 betreurt, en dat zij ervan overtuigd blijft dat een goed wegenisontwerp geen invloed dient te hebben op de hellingsgraad van de oprit. Indien nodig zal de gemeente het lengteprofiel van de weg laten aanpassen. Indien de verzoekende partijen echter niet akkoord kunnen gaan met de gemeenteraadsbeslissing van 21 januari 2009 moeten zij bezwaar aantekenen bij de Raad van State, aldus de gemeente. 2.12. Met een brief van 6 maart 2009 vraagt de gemeente Wetteren aan de provincie Oost-Vlaanderen om de goedkeuring te verlenen aan het voorstel van rooilijn en de bijhorende onteigening. 3. De grondvoorwaarden tot schorsing Krachtens artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. X-14.133-6/10 4. Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel 4.1. Het aangevoerde moeilijk te herstellen ernstig nadeel De verzoekende partijen voeren als moeilijk te herstellen ernstig nadeel aan wat volgt : “11. De onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit zal aan verzoekers moeilijk te herstellen ernstige nadelen berokkenen. De vernietiging van de bestreden beslissing alleen, zonder voorafgaande schorsing, kan in casu niet volstaan om aan verzoekers een genoegzaam herstel van het door de bestreden beslissing teweeggebrachte nadeel te waarborgen. Een vernietigingsarrest alleen zal te laat komen. Op dat ogenblik zal de ernstige schade voor verzoekers zich reeds onherroepelijk gerealiseerd hebben en niet meer kunnen hersteld worden. 12. De onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit houdt in de eerste plaats een bouwverbod in. Een strook van 4,25 m over de ganse breedte van het perceel wordt een zone non aedificandi. Het gaat om een oppervlakte van 92,33 m². In de bewuste zone kunnen geen vergunningsplichtige werken en handelingen worden uitgevoerd (...). In casu betekent dit dat verzoekers in de bewuste zone bijv. geen zwembad of tuinhuis (met afmetingen die ze vergunningsplichtig maken) kunnen plaatsen. De facto zal de zone non aedificandi groter zijn gelet op de afstanden die moeten worden geëerbiedigd jegens de nieuwe perceelsgrenzen. Bij beschadiging van de oprit, zal deze niet mogen herbouwd, hersteld of verstevigd worden. Het spreekt voor zich dat zulke eigendomsbeperkingen moeilijk te herstellen ernstige nadelen genereren. 13. Voorts moet wordt beklemtoond dat het bestreden besluit de basis is voor (stedenbouwkundige en andere) vergunningen die zullen worden afgeleverd en voor bijkomende nadelen zullen zorgen die bij gebreke aan schorsing van de bestreden beslissing reeds zullen zijn gerealiseerd op het ogenblik van een uitspraak ten gronde. Waar bijv. het bouwverbod zich onmiddellijk voordoet, zullen andere nadelen zich eerder manifesteren bij de afgifte van stedenbouwkundige of andere vergunningen doch volgens vaste rechtspraak van Uw Raad betekent dit ‘niet dat het nadeel niet uit het plan van aanleg voortspruit of dat het hypothetisch is’ (...). Gezien het bestreden besluit de rechtsgrond is voor latere af te leveren vergunningen bestaat er een rechtstreeks oorzakelijk verband tussen het bestreden plan en het aangevoerde nadeel (...). Inzake plannen van aanleg oordeelde Uw Raad als volgt (...): ‘Dat het door de verwerende partij opgeworpen argument dat geen enkel van de door de verzoekende partijen ingeroepen nadelen rechtstreeks voortvloeien uit de bestreden gewestplanbestemming zelf, maar alleen uit later nog te nemen (en eventueel aan te vechten) beslissingen, niet kan worden aangenomen; dat de omvorming van een landbouwgebied tot een researchpark van ± 20 ha onmiskenbaar een indrukwekkende en als zeer nadelig aan te merken weerslag heeft op de aard en de aanleg van de wijk waarin alle verzoekende partijen wonen of werkzaam zijn en deze X-14.133-7/10 weerslag en de eraan verbonden nadelen hun rechtstreekse oorzaak vinden in de gewijzigde bestemmingsvoorschriften die door het bestreden besluit worden vastgesteld;’ Deze rechtspraak inzake plannen van aanleg is mut. mut. van toepassing op het bestreden besluit. Een rooilijn(plan) legt de (in casu nieuwe) grens vast tussen de openbare weg enerzijds en de aanpalende eigendommen anderzijds. In casu wordt de rooilijn 4,25 meter op de eigendom van verzoekers geplaatst (over de gehele breedte van het perceel). Aldus wordt de openbare weg voorzien op een afstand van 8,75 meter van de woning van verzoekers, waar dit thans 13 meter is. Dit betekent vooreerst dat bij aanleg van de weg verzoeker 92,33 m² voortuin kwijt zijn. Dit veroorzaakt visuele hinder wanneer verzoekers vanuit het woonkamer de voortuin inkijken. Het betekent ook minder groenbeleving op het eigen perceel alsook minder speelruimte voor hun kind. 14. Daarnaast is er ook de kwestie van de oprit. Doordat de woning gelegen is op één van de hoogste punten van de gemeente Wetteren, heeft de oprit tussen de weg en de garage nu reeds een gemiddeld stijgingspercentage van 10,90%. Dit blijkt uit onderstaande foto alsook uit de foto’s die worden bijgevoegd als stuk (...). (...) Door het verlies van 4,25 meter zal het gemiddeld stijgingspercentage op 13,71 % (1,20 m /8,75
  2. m)worden gebracht. Ter vergelijking: het gemiddeld stijgingspercentage van de Muur van Geraardsbergen bedraagt 9,1 %. De huidige breedte van de weg is 5,5 m. Het bestreden besluit treft de eigendom van verzoekers over 4,25 m of bijna met de ganse breedte van de huidige weg. De foto toont de ernst hiervan aan. De oprit dreigt dan ook onbruikbaar te worden. Wagens met achterwielaandrijving slippen nu reeds vaak door. Te vrezen valt dat de verkorte oprit met hoger gemiddeld stijgingspercentage bijv. bij vriesweer in de winter niet meer berijdbaar zal zijn. Dit nadeel is zeker niet hypothetisch wat ook blijkt uit het verslag van de heer D’Haeze die stelt: ‘het is inderdaad wel zo dat er voldoende aandacht zal moeten zijn voor dit probleem’. Uiteraard levert dit een moeilijk te herstellen ernstige nadeel op. 15. Het dichter plaatsen van de weg houdt automatisch ook in dat de weg meer hinder zal genereren voor verzoekers. Er (...) zal meer hinder door fijn stof en de roetuitslag zijn. Daarenboven is er onvermijdelijk meer geluid. Het spreekt voor zich dat de geluidshinder veel hoger is wanneer een weg 4,25 meter dichter wordt geplaatst. Het bezwaar van de geluidsoverlast werd ‘geenszins ontkend’ bij de behandeling van de bezwaren. Het nadeel staat dan ook vast”. 4.2. Beoordeling 4.2.1. Het ingeroepen nadeel vloeit niet voort uit de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte, doch zal zich desgevallend pas voltrekken wanneer de onteigening daadwerkelijk zal worden uitgevoerd. De verzoekende X-14.133-8/10 partijen zullen alsdan de rechtsgeldigheid van het bestreden machtigingsbesluit nog voor de vrederechter kunnen betwisten. 4.2.2. Het door de verzoekende partijen aangevoerde ernstig nadeel kan bovendien niet overtuigen. Indien de verzoekende partijen, zoals zij voorhouden, een zwembad wensen aan te leggen, kan worden aangenomen dat zij dit niet zo dicht tegen de weg zullen doen. Voor een zwembad ligt het eerder voor de hand om dit achter de woning te voorzien, waar de verzoekende partijen er ook de ruimte voor hebben. Dit laatste geldt onverminderd voor de oprichting van een tuinhuis. Het verbod tot het aanleggen van een zwembad of de oprichting van een tuinhuis in de te onteigenen strook van 92,33 m², kan in die omstandigheden niet als een ernstig nadeel worden beschouwd. 4.2.3. Zelfs indien wordt aangenomen dat de oprit naar de garage, ingevolge de inname van de voortuinstrook, steiler zal worden, dan nog blijkt niet dat de garage hierdoor ontoegankelijk wordt. Er wordt niet aangetoond dat de onberijdbaarheid van de oprit, gedurende de weinige dagen dat ons land door ijzel wordt geteisterd, niet middels bestrooiing kan worden opgelost. 4.2.4. De omstandigheid dat de groenbeleving van de verzoekende partijen en de speelruimte voor het kind, ingevolge de inkorting van de tuin aan de voorzijde, zal verminderen, kan evenmin als een voldoende ernstig nadeel in aanmerking worden genomen, gelet op de globale tuinoppervlakte waarover de verzoekende partijen beschikken. De verzoekende partijen tonen voorts niet concreet aan welke ernstige visuele hinder zij verder door het bestreden besluit zouden ondergaan. 4.2.5. De verzoekende partijen tonen evenmin aan dat de omstandigheid dat de weg dichter bij de woning van de verzoekende partijen zal liggen, ernstige geluidsoverlast of ernstige hinder wegens fijn stof of roetuitslag tot gevolg zal hebben. Zij tonen niet aan dat het hier een weg betreft met een grote verkeersdrukte. Bovendien is de onteigening op het eerste gezicht bedoeld om voet- en fietspaden aan te leggen, alsook een veiligheidsstrook, zodat niet blijkt dat het gemotoriseerd verkeer dichter bij de woning van de verzoekende partijen zal passeren. 4.3. De tweede constitutieve schorsingsvoorwaarde is derhalve niet vervuld. X-14.133-9/10 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel 1. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel 2. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig juni 2009, door : de H. S. DE TAEYE, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. S. DE TAEYE. X-14.133-10/10 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.631 Gerelateerde publicatie(
  3. s)gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.209.984 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.