id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 juni 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.763 Rolnummer: A. 65076/IX-1652 Zaak: Arrest 194763 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 29/06/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-07-10 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-30 03:21 Fiche Arrest nr 194.763 van 29 juni 2009 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 194.763 van 29 juni 2009 in de zaak A. 65.076/IX-
- In zake : Roland SMET, wonende te KNOKKE, Kragenhoek 11 tegen : de Regie der Luchtwegen, thans BELGOCONTROL. tussenkomende partij : Marc DIRIX, wonende te PERK, Hoogstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Roland SMET op 25 juli 1995 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 19 mei 1995 waarbij de minister van Verkeerswezen en Overheidsbedrijven onder meer H. Herman, J. Mellaerts, M. Van De Venne, en M. Dirix, bevordert tot chef- verkeersleider; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van Marc DIRIX; Gelet op de beschikking van 18 maart 1996 die de tussenkomst van Marc DIRIX toelaat; Gezien de toelichtende memorie, het “antwoord eis tot tussen- komst” van 26 april 1996 van de verzoeker, en de memorie van 4 juli 1996 van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur-generaal M. ROELANDT; Gelet op de beschikking van 29 maart 1999 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; IX-1652-1/6 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 7 april 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 15 juni 2009; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Feiten 1.
- Met bericht nr. 75 van 13 december 1994 worden in de graad van chef-verkeersleider acht betrekkingen vacant verklaard bij het Centrum CANAC/ACC en 10 betrekkingen bij het Centrum CANAC/APP. 1.
- Op 16 december 1994 stelt verzoeker zich kandidaat voor een betrekking bij CANAC/APP. 1.
- Op 11 januari 1995 onderzoekt de directieraad de kandidaturen, onder meer voor de tien vacante betrekkingen bij CANAC/APP. De directieraad stelt vast dat 26 eerstaanwezend verkeersleiders zich kandidaat hebben gesteld, dat verzoeker niet de kwalificatie APP (naderingsverkeersleiding) bezit, en dat allen de vermelding “goed” verkregen. Hij beslist dat de kandidaten met de vereiste kwalificatie en met de grootste anciënniteit voorgedragen worden. 1.
- Met bericht nr. 4 van 16 januari 1995 worden de namen van de voorgedragen kandidaten ter kennis van het personeel gebracht. IX-1652-2/6 1.
- Verzoeker dient op 20 januari 1995 een bezwaarschrift in en stelt dat hij meer graad- en dienstanciënniteit heeft dan H. Herman, J. Mellaerts en M. Van De Venne. 1.
- Op 9 februari 1995 beslist de directieraad dat de klacht ingediend door verzoeker geen nieuw element bevat. 1.
- Met bericht nr. 46 van 20 april 1995 wordt de definitieve voordracht ter kennis van het personeel gebracht. 1.
- Bij ministerieel besluit van 19 mei 1995 worden de voorgedragen kandidaten benoemd. 1.
- Met bericht nr. 64 van 17 juni 1995 wordt het bestreden besluit ter kennis gebracht van het personeel. Ontvankelijkheid 2.
- Verzoeker vordert de nietigverklaring van het ministerieel besluit van 19 mei 1995 waarbij een aantal eerstaanwezend verkeersleiders bij verwerende partij worden bevorderd tot chef-verkeersleider. 2.
- Met op 5 maart 2008, 3 juni 2008 en 8 juni 2009 ter post aangetekende brieven informeert de staatsraad-verslaggever bij de partijen naar hun actueel belang bij het annulatieberoep. 2.
- Met een op 22 juli 2008 gedateerd schrijven antwoordt verweren- de partij hetgeen volgt: “In antwoord op uw schrijven van 3 juni 2008 waarin u informeert naar de verdere loopbaan van de heer Roland Smet en andere betrokken personen in het onder referte vermelde dossier kan ik u het volgende meedelen. De heer Roland Smet werd zelf bij beslissing van 19 juli 1999 van de afgevaardigd bestuurder van Belgocontrol benoemd tot de graad van chef- verkeersleider (...). Intussen werd hij met ingang van 1 april 2004 tot en met 31 maart 2009 in de stand disponibiliteit geplaatst met behoud van zijn rechten op verhoging in wedde (...). De heer Herman werd in de graad van chef-verkeersleider met ingang van 1 juli 2007 tot en met 31 juli 2012 in disponibiliteit geplaatst. De heer Mellaerts werd in de graad van chef-verkeersleider met ingang van 1 november 2007 tot IX-1652-3/6 en met 31 oktober 2012 in disponibiliteit geplaatst. De heer Van De Venne werd in de graad van expert ATS met ingang van 1 mei 2006 tot en met 30 april 2011 in disponibiliteit geplaatst, en de heer Dirix is sinds 1 augustus 2006 met wettelijk rustpensioen. (...).” 2.
- Met een op 6 mei 2009 gedateerd schrijven brengt de verwerende partij de volgende preciseringen aan: “Ik verwijs naar uw schrijven van 3 juni 2008 waarmee u in het kader van het onderzoek naar het actueel belang van verzoeker, de heer Roland Smet, informeerde naar het verdere verloop van diens loopbaan. Naast de elementen vermeld in mijn schrijven van 22 juli 2008 (...) kan ik u verder meedelen dat de heer Smet intussen met ingang van 1 april 2009 eervol ontslag werd verleend uit zijn functie van chef-verkeersleider en sindsdien geniet van vervroegd pensioen. U vindt in bijlage een kopie van deze beslissing. Ik hield eraan u hiervan in kennis te stellen, (...).” 3.
- Artikel 19 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt dat de beroepen tot nietigverklaring voor de afdeling bestuursrechtspraak kunnen worden gebracht door alle partijen die doen blijken van een benadeling of een belang. Het belang moet bestaan, niet alleen op het ogenblik van het instellen van het beroep, maar ook bij de uitspraak daarover. 3.
- De voornaamste betrachting van iemand die, zoals verzoeker, voor de Raad van State een rechtshandeling aanvecht waardoor hij niet wordt benoemd in een betrekking waarvoor hij zich kandidaat heeft gesteld maar waarin integendeel anderen worden benoemd, is door de nietigverklaring ervan te verkrijgen dat die betrekkingen opnieuw open verklaard worden en dat hij aldus de kans krijgt om zelf, in de plaats van degenen wier benoeming nietig verklaard is, in die betrekking te worden aangesteld en om ze daadwerkelijk waar te nemen. Gelet op de benoeming van verzoeker bij beslissing van 19 juli 1999 door de afgevaardigd bestuurder van verwerende partij tot chef-verkeersleider, en op zijn vervroegde pensionering bij beslissing van verwerende partij genomen op 29 januari 2009, geeft verzoeker niet langer blijk van een materieel belang bij zijn beroep. IX-1652-4/6 3.
- Bovendien heeft verzoeker niet gereageerd op de brieven van de staatsraad-verslaggever in verband met het rechtens vereiste actueel belang en is hij niet verschenen ter terechtzitting. Aldus wijst hij niet op het bestaan van bijzondere omstandigheden die zouden doen blijken van een ander belang, met name een moreel belang. 3.
- Ambtshalve moet vastgesteld worden dat het beroep onont- vankelijk is, bij gebrek aan een actueel belang. 3.
- Gelet op de omstandigheden eigen aan de zaak is het evenwel passend de kosten ten laste te leggen van de verwerende partij. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 74,37 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. IX-1652-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 29 juni 2009, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter, D. MOONS, staatsraad, B. THYS, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. P. LEMMENS. IX-1652-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.763 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.