id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 juli 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.195.157 Rolnummer: A. 191728/VII-37333 Zaak: Arrest 195157 - Milieuvergunningen - 09/07/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-07-15 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 03:24 Fiche Arrest nr 195.157 van 9 juli 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 195.157 van 9 juli 2009 in de zaak A. 191.728/VII-37.333 In zake : de VZW GLOBAL ACTION IN THE INTEREST OF ANIMALS (GAIA), die woonplaats kiest bij advocaat J. VERSTRAETEN, kantoor houdende te LEUVEN, Vaartstraat 68-70 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering. tussenkomende partij : de NV CARPENTIER, die woonplaats kiest bij advocaat V. VEKEMAN, kantoor houdende te GERAARDSBERGEN, Pastorijstraat
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de VZW GLOBAL ACTION IN THE INTEREST OF ANIMALS (GAIA) op 9 maart 2009 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur van 7 januari 2009 waarbij het beroep aangetekend tegen de beslissing van de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen van 3 juli 2008, houdende het verlenen van de milieuvergunning aan de NV CARPENTIER om een nertsenkwekerij, gelegen aan de Sint-Jansdam 11 te Lokeren, te veranderen door wijziging en uitbreiding, ongegrond wordt verklaard en de beroepen beslissing wordt bevestigd; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur P. PROVOOST, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 6 april 2009, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 7 mei 2009; VII-37.333-1/7 Gelet op de mededeling van het verslag aan de partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter L. HELLIN; Gehoord de opmerkingen van advocaat J. VERSTRAETEN, die verschijnt voor de verzoekende partij, van advocaat S. CALLENS die, loco advocaat B. STAELENS, verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat F. OFFERMANS die, loco advocaat V. VEKEMAN verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur P. PROVOOST; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- De rechtspleging Overwegende dat de NV CARPENTIER met een verzoekschrift van 28 april 2009 vraagt om in het geding tussen te komen; dat deze verzoekende partij in tussenkomst de begunstigde is van de bestreden beslissing zodat zij toegelaten wordt om in het geding tussen te komen;
- De feiten Overwegende dat de gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat : De tussenkomende partij exploiteert een nertsenkwekerij te Lokeren. Zij beschikt hiertoe over een vergunning die op 28 september 2000 door de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen, voor een termijn van twintig jaar, is verleend. Met een milieuvergunningsaanvraag van 25 februari 2008 wenst zij de inrichting te veranderen waarbij onder meer het aantal nertsen zou worden verhoogd met 9.000 eenheden, zodat het totaal aantal nertsen op 21.000 zou komen. VII-37.333-2/7 Tijdens het openbaar onderzoek dient de verzoekende partij een bezwaarschrift in. Op 3 juli 2008 verleent de deputatie van de provincie Oost Vlaanderen de gevraagde vergunning. De verzoekende partij dient hiertegen een administratief beroep in. Bij besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur van 7 januari 2009 wordt dit beroep verworpen, en wordt de door de deputatie verleende vergunning bevestigd;
- De ontvankelijkheid 3.
- Overwegende dat de verzoekende partij met betrekking tot haar belang in haar verzoekschrift uiteenzet dat zij als doel heeft "op te komen voor dieren, hun noden en behoeften aan optimaal welzijn te verdedigen, op te komen op respectvolle behandeling en op bescherming van hun leven en welzijn", dat het in dezen gaat om een nertsenkwekerij, die vergund wordt om het aantal nertsen dat gekweekt wordt voor de pels, te verdubbelen, dat zij conform haar statuten gekant is tegen een vergunning voor nertsenkwekerij en pleit voor een totaal verbod ervan, dat zij zowel bezwaar als beroep heeft aangetekend in de milieuvergunnings- procedure, dat haar bezwaar en haar beroep telkens ontvankelijk werden verklaard, hetgeen aantoont dat haar belang in dezen werd aanvaard, dat zij regelmatig activiteiten organiseert en evenementen promoot voor de bescherming en het welzijn van dieren, zodat zij een specifiek moreel belang heeft om de bestreden beslissing te horen annuleren; 3.
- Overwegende dat de artikelen 4 en 5 van de statuten van de verzoekende partij als volgt luiden : "Art.
- De vereniging heeft tot doel: - dieren als zijnde bijzonder kwetsbare levende wezens met gevoel te beschermen tegen menselijke wreedheid, mishandeling en misbruik, ongeacht of ze in gevangenschap gehouden worden dan wel in vrijheid leven, - hun noden en behoeften aan optimaal welzijn en hun belangen bij een optimale kwaliteit van leven te verdedigen, - op te komen voor hun rechten, onder meer op waardig leven en sterven, op respectvolle behandeling en op de wettelijke bescherming van hun leven en welzijn. De vereniging heeft eveneens tot doel de bestaande dierenbeschermende wetten te doen naleven en te ijveren voor regelgeving die steeds beter VII-37.333-3/7 tegemoetkomt aan de belangen en de rechten van de dieren zoals hoger vermeld. In dat opzicht stelt de vereniging zich ook tot doel bij te dragen tot de bewustwording dat deze dieren ethisch belangrijke en waardevolle levende wezens zijn, en tot een samenleving die voor deze dieren zorg draagt en deze wezens respecteert. Daartoe ijvert de vereniging voor een geweldloze, humane en ethische omgang van de mens met de dieren. In die zin komt de vereniging ook op voor maatschappelijke gewoonten en gebruiken met respect voor het welzijn en het leven van de dieren, onder meer op het gebied van de productie en de consumptie van goederen en diensten. Zodoende beoogt de vereniging bij te dragen tot meer aandacht en grotere gevoeligheid voor het welzijn en de rechten van dieren. Ook heeft de vereniging tot doel de bescherming van het leefmilieu, in de zin van artikel 2 van de wet van 12 januari 1993 betreffende een vorderingsrecht inzake de bescherming van het leefmilieu. In het kader van deze wet strekt het grondgebied van de vereniging zich uit tot geheel België. De vereniging kan zich burgerlijke partij stellen, evenals een vordering instellen voor administratieve instanties en rechtscolleges. De vereniging streeft naar het realiseren van haar doelen door middel van onderzoek, voorlichting, publicaties en het organiseren van culturele en vormingsevenementen, bedoeld voor een gespecialiseerd en breed publiek, waaronder de diverse onderwijs- en opleidingskringen voor jongeren en volwassenen. Art.
- De vereniging mag alle handelingen verrichten die rechtstreeks of onrechtstreeks kunnen bijdragen tot de verwezenlijking van haar doel. Zij mag haar medewerking verlenen aan en belangstelling tonen voor een gelijkaardig doel als het hare of voor iedere activiteit die rechtstreeks of onrechtstreeks verband houdt met de verwezenlijking van haar doel. Onderstaande opsomming is niet limitatief: 1/ Zij kan om het even welke vorm van wreedheid, mishandeling en misbruik van dieren, zoals omschreven in art. 4 opsporen, met dien verstande dat zij prioriteiten bepaalt ter verwezenlijking van haar doel; in dat opzicht kan zij ijveren voor het opstellen van sluitende lokale, regionale, nationale en internationale wettelijke beschikkingen en de toepassing ervan vorderen. 2/ Zij kan ter verwezenlijking van haar doel de strikte toepassing eisen van iedere wettelijke beschikking van welke aard ook. 3/ Zij kan ter verwezenlijking van haar doel wetsovertredingen en misdrijven opsporen en alle nodige stappen ondernemen bij de bevoegde lokale, regionale, nationale en internationale overheden en controlerende instanties met het oog op een strikte toepassing van hoger bedoelde wettelijke beschikkingen. 4/ Zij kan ter verwezenlijking van haar doel alle initiatieven nemen met het oog op een internationale aanpak en deelnemen aan internationale initiatieven ter zake. 5/ Zij kan alle activiteiten uitoefenen die nodig blijken voor de financiering van haar maatschappelijk doel. 6/ Zij kan toevluchtsoorden voor dieren oprichten en beheren, waaronder evenwel dient te worden verstaan dat prioritair die dieren in aanmerking komen die ofwel slechts tijdelijk opvang vereisen, vooraleer ze naar gespecialiseerde opvangcentra overgebracht worden, ofwel nergens anders terecht kunnen en om die reden definitief kunnen opgevangen worden"; 3.
- Overwegende dat, wil een verzoekende partij als vereniging met succes kunnen opkomen in een annulatieprocedure om haar maatschappelijk doel VII-37.333-4/7 te verwezenlijken, haar statutair maatschappelijk doel voldoende precies moet zijn om aan te tonen dat het voorwerp van het beroep direct en specifiek past binnen het door de verzoekende vereniging betrachte doel; dat in dezen het voorwerp van de rechtsstrijd een milieuvergunning is en dat een milieuvergunning niet begrepen kan worden in de doelstellingen van de verzoekende partij die opkomt voor het welzijn en de bescherming van de dieren en voor de naleving van de specifieke wetten die hiertoe zijn uitgevaardigd; dat immers een milieuvergunning zich niet in het bijzonder inlaat over de wijze waarop de dieren moeten worden behandeld en gehuisvest om hun welzijn en bescherming te bevorderen, doch veeleer gericht is naar de gevolgen van de vergunde activiteiten voor de mens en naar de impact ervan op de omgeving in de ruime zin van het woord, waarin bijgevolg ook de fauna en de flora is begrepen; dat de verzoekende partij dan ook niet aantoont dat zij een bijzonder belang heeft om een individuele rechtshandeling aan te vechten die uitgaat van een administratieve overheid en die niet rechtstreeks te maken heeft met het welzijn en de bescherming van dieren; dat bovendien het werkingsgebied van de verzoekende partij beduidend ruimer is dan datgene wat bestreken wordt door de bestreden beslissing; dat waar de verzoekende partij aanvoert gekant te zijn tegen elke vorm van kweken van pelsdieren, zulks eigenlijk meer te maken heeft met een symboliek veeleer dan met een moreel belang; dat ten slotte de omstandigheid dat het bezwaar en het administratief beroep van de verzoekende partij ontvankelijk werden bevonden, niet relevant is voor de ontvankelijkheid van het annulatieberoep omdat de respectievelijke ontvankelijkheidsvoorwaarden niet dezelfde zijn en omdat de Raad van State in zijn beoordeling niet kan worden beperkt door een eerdere beslissing van een administratieve overheid; dat de verzoekende partij niet het rechtens vereiste belang heeft bij haar annulatieberoep, BESLUIT: Artikel
- Het verzoek tot tussenkomst van de NV CARPENTIER wordt ingewilligd. Artikel
- Het beroep wordt verworpen. VII-37.333-5/7 VII-37.333-6/7 Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negen juli tweeduizend en negen, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-37.333-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.195.157 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div