← België

Arrest 195591 - Overheidsopdrachten - 20/08/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 augustus 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.195.591 Rolnummer: A. 100896/XII-2971 Zaak: Arrest 195591 - Overheidsopdrachten - 20/08/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-09-01 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 03:28 Fiche Arrest nr 195.591 van 20 augustus 2009 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : heropening debatten Aanvullend verslag Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 195.591 van 20 augustus 2009 in de zaak A. 100.896/XII-

  1. In zake : de NV VAN DEN BERGHE GEBROEDERS, die woonplaats kiest bij advocaten P. Wuyts en M. Van Raemdonck, kantoor houdende te Antwerpen, Mechelsesteenweg 166 tegen : de GEMEENTE BEVEREN, die woonplaats kiest bij advocaat R. Van Roeyen, kantoor houdende te Beveren, Grote Markt 34b. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de nv Van Den Berghe Gebroeders op 26 februari 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing van de Gemeente Beveren, waarbij de infrastructuurwerken inrichting sportzone te Vrasene - faze 1 worden toegewezen aan de N.V. Wegrosport, [...], tegen het verbeterde bedrag van 35.020.667 F, en waarbij verzoeksters inschrijving wordt geweerd”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur J. Stevens; Gelet op de beschikking van 24 februari 2004 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 20 april 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 19 mei 2009; XII-2971-1/5 Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat D. D’Hondt, die loco advocaat R. Van Roeyen verschijnt voor verwerende partij; Gehoord het advies van eerste auditeur J. Stevens; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : De gegevens van de zaak
  2. Verwerende partij schrijft een openbare aanbesteding uit voor de inrichting van een sportzone te Vrasene - fase
  3. De opdracht omvat de uitvoering van infrastructuurwerken. De gemeenteraad keurt het bestek goed op 1 augustus
  4. De inschrijvingen worden geopend op 20 september
  5. Dertien ondernemingen, waaronder verzoekende partij, hebben een offerte ingediend. Na rekenkundig nazicht wordt de offerte van de nv Wegrosport als eerste gerangschikt met een prijs van 35.020.667 frank, btw inbegrepen. De offerte van verzoekende partij wordt als tweede gerangschikt, met een prijs van 35.107.223 frank, btw inbegrepen. Op 30 oktober 2000 beslist het college van burgemeester en schepenen van verwerende partij om de opdracht toe te wijzen aan de nv Wegrosport. Dit is de bestreden beslissing.
  6. Met een brief van 23 november 2000 brengt verwerende partij verzoekende partij op de hoogte dat het “bestuur geen gunstig gevolg heeft kunnen voorbehouden aan [haar] offerte”. XII-2971-2/5 Verzoekende partij reageert op deze brief met een schrijven van 22 december 2000 waarin zij vraagt “aan welke firma deze werken werden gegund en voor welk bedrag”. Met een brief van 27 december 2000 deelt verwerende partij aan verzoekende partij mee dat “de opdracht gegund werd aan de N.V. Wegrosport voor het bedrag van 35 020 667 BEF (inclusief btw)”. Op 29 januari 2001 vraagt verzoekende partij aan verwerende partij : “
  7. De volledige uitslag van de aanbesteding, de naam van de aannemer en zijn exact inschrijvingsbedrag, na herrekeningen van de inschrijvingen.
  8. Tevens zouden wij U ook beleefd willen vragen hoe het komt dat de uitslag van de firma Wegrosport bij aflezing, zijnde 32.645.195 Bfr. dermate verschilt met het bedrag van de gunning zijnde 35.020.667 Bfr.”. Met een brief van 30 januari 2001 stuurt verwerende partij een kopie van het proces-verbaal van de opening van de offertes en de toewijzings- beslissing aan verzoekende partij. De ontvankelijkheid van het beroep
  9. Verwerende partij betwist in een enige exceptie de tijdigheid van het beroep : “In casu blijkt dat reeds bij brief van 23 november 2000 van de verweerster de verzoekster kennis kreeg van de beslissing dat haar offerte niet werd weerhouden. Met brief van 27.12.2000 van de verweerster werd nogmaals kennis gegeven van de beslissing en werd bevestigd dat de werken waren gegund aan de N.V. Wegrosport. Blijkens de stukken dateert het verzoekschrift van 27 februari 2001, zijnde meer dan zestig dagen na de kennisneming van de bestreden beslissing. In casu is de vordering dan ook onontvankelijk”.
  10. Te dezen dient te worden vastgesteld dat in geen van de voormelde brieven van verwerende partij (23 november 2000, 27 december 2000, 30 januari 2001) het bestaan van het beroep bij de Raad van State en de in acht te nemen vormvoorschriften en termijnen worden vermeld, zoals nochtans is XII-2971-3/5 voorgeschreven door artikel 19, tweede lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. In de lijn van hetgeen de algemene vergadering van de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft beslist in het arrest nr. 134.024 van 19 juli 2004 inzake Lecocq, is die bepaling van openbare orde. Bij gebrek aan de voorgeschreven vermeldingen heeft overeenkomstig die bepaling de verjaringstermijn van het beroep op het ogenblik van het indienen van het beroep te dezen geen aanvang genomen. Het feit dat verzoekende partij meer dan zestig dagen, en dus volgens verwerende partij in haar laatste memorie onredelijk lang, heeft gewacht - tot 29 januari 2001- om de gemotiveerde toewijzingsbeslissing waarvan haar reeds kennis was gegeven bij brief van 27 december 2000, op te vragen, doet aan deze vaststelling geen afbreuk. Gelet op het voorgaande is het annulatieberoep tijdig ingesteld. De exceptie wordt niet aanvaard. Het beroep is ontvankelijk.
  11. Nu het onderzoek van de zaak door het auditoraat beperkt is gebleven tot de ontvankelijkheid ratione temporis moeten de middelen van verzoekende partij worden onderzocht en dienen daartoe de debatten te worden heropend. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  12. De debatten worden heropend. Artikel 2 Het door de auditeur-generaal aangewezen lid van het auditoraat wordt gelast met het aanvullend onderzoek van de zaak. XII-2971-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twintig augustus 2009, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-2971-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.195.591 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.205.685 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.