← België

Arrest 195789 - Onteigeningen - 07/09/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 september 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.195.789 Rolnummer: A. 184684/X-13393 Zaak: Arrest 195789 - Onteigeningen - 07/09/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-09-15 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 03:30 Fiche Arrest nr 195.789 van 7 september 2009 Overheidsopdrachten en openbare werken - Onteigeningen Beslissing : heropening debatten Voortzetting gewone procedure Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 195.789 van 7 september 2009 in de zaak A. 184.684/X-13.

  1. In zake : de n.v. INTERMECA, die woonplaats kiest bij advocaat J. GHYSELS, kantoor houdende te 1170 BRUSSEL, Terhulpsesteenweg 187 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaten H. SEBREGHTS en F. SEBREGHTS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg
  2. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. INTERMECA op 6 augustus 2007 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 7 juni 2007 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur en van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Stedenbeleid, Wonen en Inburgering “houdende machtiging tot onteigening”; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 11 december 2007; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op het schrijven van de verzoekende partij van 7 april 2008, waarbij zij vraagt om te worden gehoord; Gelet op de beschikking van 1 april 2009, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 15 mei 2009; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; X-13.393-1/3 Gehoord de opmerkingen van advocaat Y. SACREAS, die loco advocaat J. GHYSELS verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat K. BULKMANS, die loco advocaten H. SEBREGHTS en F. SEBREGHTS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord adjunct-auditeur P. T’KINDT, daartoe gemachtigd bij beslissing van 2 april 2009 van de adjunct-auditeur-generaal, in zijn advies; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : Bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van artikel 21, tweede lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Blijkens het ontvangstbewijs ontving de verzoekende partij de door de verwerende partij ingediende memorie van antwoord op 11 december
  3. Bijgevolg was 11 februari 2008 de laatste nuttige dag om een memorie van wederantwoord in te dienen. De verzoekende partij diende bij aangetekende brief een memorie van wederantwoord in. De betrokken enveloppe werd door de post op 12 februari 2008 afgestempeld. Bij de vraag om te worden gehoord voegt de verzoekende partij stukken waaruit blijkt dat het aan de Raad van State geadresseerde bijbehorende afgiftebewijs van een aangetekende zending door de post op 11 februari 2008 werd afgestempeld. Het barcodenummer van het afgiftebewijs stemt overeen met dat op de betrokken enveloppe en met dat op het bericht van ontvangst. Blijkens dit laatste bericht werd de zending op 11 februari 2008 aan het loket aangeboden en vervolgens uitgereikt op 12 februari 2008, datum die overeenstemt met de datumstempel die door de griffie van de Raad van State werd aangebracht. Uit het voorgaande dient te worden besloten dat de verzoekende partij de memorie van wederantwoord op 11 februari 2008 - en bijgevolg tijdig - bij de post ter verzending heeft aangeboden. De memorie van wederantwoord werd regelmatig ingediend. X-13.393-2/3 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  4. De debatten worden heropend Artikel
  5. De zaak wordt volgens de gewone procedure voortgezet. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zeven september 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. T. TEMMERMAN, griffier. De griffier, De voorzitter, T. TEMMERMAN. R. STEVENS. X-13.393-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.195.789 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.207.841 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.