← België

Arrest 196832 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 12/10/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.196.832 Rolnummer: A. 113991/IX-3148 Zaak: Arrest 196832 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 12/10/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-10-16 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 03:40 Fiche Arrest nr 196.832 van 12 oktober 2009 Openbaar ambt - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 196.832 van 12 oktober 2009 in de zaak A. 113.991/IX-

  1. In zake : Maria HAELTERMAN, die woonplaats kies bij advocaat Ph. DECLERCQ, kantoor houdende te LEUVEN, Tiensesteenweg 271 tegen : de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, die woonplaats kiest bij advocaat P. DEVERS, kantoor houdende te GENT, Kouter 71-
  2. tussenkomende partij : Nicole SOMERS, wonende te MUIZEN, Rubensstraat
  3. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Maria HAELTERMAN op 4 december 2001 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing van de directieraad van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap, Departement Leefmilieu en Infrastructuur van 25 september 2001, houdende de kennisgeving van de bevorderingen door verhoging in graad tot de graad van hoofdmedewerker binnen het Departement Leefmilieu en Infrastructuur”; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 14 maart 2002; Gelet op de beschikking van 18 maart 2002 die de tussenkomst van Nicole SOMERS toelaat; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; IX-3148-1/7 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op de beschikking van 10 maart 2003 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 7 september 2009 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 5 oktober 2009; Gehoord het verslag van staatsraad B. THYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat B. CLAES, die loco advocaat Ph. DECLERCQ, verschijnt voor de verzoekster, en van advocaat P. DEVERS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd W. VAN NOTEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Feiten 1.
  4. De verzoekster en Nicole Somers zijn ten tijde van de bestreden beslissing beiden vast benoemd ambtenaar met de graad van medewerker bij het departement Leefmilieu en Infrastructuur, administratie Ruimtelijke Ordening, Huisvesting en Monumenten en Landschappen (hierna : AROHM), afdeling Financiering Huisvestingsbeleid, van het ministerie van de Vlaamse gemeenschap. 1.
  5. Op 14 september 2000 doet de secretaris-generaal van het departement Leefmilieu en Infrastructuur een oproep tot de kandidaten voor bevordering tot de graad van hoofdmedewerker binnen het departement. IX-3148-2/7 1.
  6. Zowel de verzoekster als Nicole Somers stellen zich tijdig kandidaat voor de vacante betrekking van hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid (vacature M/FHB/16). 1.
  7. Op 19 juni 2001 beslist de directieraad van het departement Leefmilieu en Infrastructuur om, op basis van een voorstel van de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid, Nicole Somers voor te dragen voor bevordering tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid. 1.
  8. Met een brief van 10 augustus 2001 dient de verzoekster bezwaar in tegen dit voorstel. Zij formuleert kritiek op de toetsing van haar kandidatuur aan de selectiecriteria. Zij stelt dat zij zich niet kan vinden in de gevolgde werkwijze en dat zij van mening is dat zij werd benadeeld. Zij vraagt tevens om door de directieraad te worden gehoord. 1.
  9. Op 4 september 2001 wordt de verzoekster door de directieraad gehoord. 1.
  10. Op 25 september 2001 beslist de directieraad zijn bevorderings- voorstel te behouden. Deze beslissing maakt het voorwerp uit van het voorliggende beroep tot nietigverklaring. 1.
  11. Bij besluit van 3 oktober 2001 van de secretaris-generaal van het departement Leefmilieu en Infrastructuur wordt Nicole Somers met ingang van 1 augustus 2001 bevorderd door verhoging in graad tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid. 1.
  12. Met een aangetekende brief van 10 oktober 2001 deelt de secretaris-generaal aan de verzoekster mee dat de directieraad op 25 september 2001 heeft beslist om zijn gemotiveerd voorstel van bevordering te behouden, en dat de door de directieraad voorgedragen kandidaten door de secretaris-generaal met ingang van 1 augustus 2001 worden bevorderd tot de graad van hoofdmedewerker. Deze brief maakt melding van de beroepsmogelijkheid bij de Raad van State. IX-3148-3/7 Ontvankelijkheid van het beroep 2.
  13. In zijn verslag werpt de auditeur-verslaggever ambtshalve een exceptie van onontvankelijkheid van het beroep op, afgeleid uit het ontbreken van het rechtens vereiste belang in hoofde van de verzoekster. Volgens de auditeur-verslaggever heeft de verzoekster slechts een belang bij de vernietiging van het benoemingsvoorstel van de directieraad, indien zij na de vernietiging opnieuw de kans zou krijgen om tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid te worden bevorderd. Zulks is volgens hem niet het geval, gelet op het feit dat de verzoekster geen beroep tot nietigverkla- ring heeft ingediend tegen het besluit van de secretaris-generaal van 3 oktober 2001 waarbij Nicole Somers met ingang van 1 augustus 2001 tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid wordt bevorderd. 2.
  14. In haar laatste memorie repliceert de verzoekster dat de vraag of zij nog afzonderlijk de benoeming van de tussenkomende partij had moeten aanvechten, negatief moet worden beantwoord. Zij stelt dat zij nog steeds belang heeft bij de vernietiging van de bestreden beslissing en dat dit belang erin bestaat dat de verwerende partij verplicht zal zijn het begane onrecht goed te maken. De verzoekster laat voorts nog gelden dat zij gebruik heeft gemaakt van de beroepsmogelijkheid bij de Raad van State, waarvan sprake in de aangetekende brief van 10 oktober 2001 die zij vanwege de verwerende partij heeft ontvangen, zodat “men kan besluiten dat de huidige procedure uiteraard uit zich zelve ook gericht is tegen de bevordering van de door de directieraad voorgedragen kandidaat door de secretaris-generaal”. Zij vraagt “voor zoveel als nodig” het voorwerp van haar beroep uit te breiden tot de beslissing van de secretaris-generaal. Ter staving van haar actueel belang verwijst zij tevens naar de voldoening die een vernietigingsarrest haar zou verschaffen, “met inbegrip van de mogelijke voldoening bij het vorderen van de gepaste schadevergoeding ten aanzien van de Vlaamse Gemeenschap voor de burgerlijke rechter”. Ten slotte voert zij nog aan dat het om proceseconomische redenen niet nodig was dat zij nog een afzonderlijk beroep indiende tegen de beslissing tot bevordering van Nicole Somers en dat de rechten van de verwerende IX-3148-4/7 partij niet geschonden zijn, nu zij zich heeft kunnen verweren tegen de middelen “alsof deze gericht zouden zijn tegen het bevorderingsbesluit van de secretaris- generaal”. 2.
  15. Opdat een verzoeker een belang bij een beroep tot nietigverklaring zou kunnen laten gelden, is onder meer vereist dat de vernietiging van de bestreden beslissing hem enig voordeel kan verschaffen. Te dezen vordert de verzoekster de nietigverklaring van het voorstel van de directieraad van het departement Leefmilieu en Infrastructuur van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap van 25 september 2001 betreffende de bevorderingen door verhoging in graad tot de graad van hoofdmedewerker binnen het departement. Zij zou slechts een voordeel kunnen halen uit de vernietiging van de desbetreffende beslissing indien zij daarna opnieuw de kans zou krijgen om tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid van de AROHM te worden bevorderd. Dat blijkt echter niet het geval, nu zij heeft nagelaten om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de secretaris-generaal van het departement Leefmilieu en Infrastructuur van 3 oktober 2001, waarbij Nicole Somers met ingang van 1 augustus 2001 tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering huisvestingsbeleid van de AROHM is bevorderd, zodat deze bevordering definitief is geworden. De verzoekster laat in haar laatste memorie weliswaar gelden dat haar beroep moet worden geacht mede gericht te zijn tegen het besluit van de secretaris-generaal van 3 oktober 2001 houdende de bevordering van Nicole Somers tot hoofdmedewerker en zij vraagt “voor zoveel als nodig” het voorwerp van haar beroep uit te breiden tot dat besluit, maar zij kan hierin niet worden bijgevallen. Uit de bewoordingen van haar verzoekschrift kan immers slechts worden afgeleid dat zij zich richt tegen het bevorderingsvoorstel van de directieraad. Ook de aangevoer- de middelen worden door de verzoekster klaarblijkelijk slechts op dat voorstel betrokken. Zelfs indien zou worden aangenomen dat zij pas na de kennisname van de memorie van antwoord van de verwerende partij en van de stukken van het door deze partij neergelegde administratief dossier een afdoende kennis heeft gekregen van het besluit van de secretaris-generaal van 3 oktober 2001, moet erop worden gewezen dat zij in haar memorie van wederantwoord uitdrukkelijk stelt dat haar beroep gericht is “tegen ‘de beslissing van de Directieraad van het Ministerie van IX-3148-5/7 de Vlaamse gemeenschap, departement Leefmilieu en Infrastructuur van 25.09.2001’”. Pas nadat zij kennis had genomen van het verslag van de auditeur-verslaggever waarin tot de onontvankelijkheid van het beroep werd besloten wegens een gebrek aan belang, heeft zij gevraagd dat het voorwerp van haar beroep zou worden uitgebreid tot het besluit van de secretaris-generaal van 3 oktober
  16. Die vraag is echter laattijdig. De voldoening die de verzoekster stelt te kunnen putten uit “het vorderen van de gepaste schadevergoeding ten aanzien van de Vlaamse Gemeenschap voor de burgerlijke rechter” toont geen belang aan dat verbonden is met de nietigverklaring of het doen verdwijnen van de bestreden beslissing uit de rechtsorde. Ze refereert slechts aan een belang bij het horen gegrond verklaren van een middel. Een dusdanig belang is een onrechtstreeks belang, dat niet volstaat om een ontvankelijk beroep tot nietigverklaring in te stellen of te handhaven. De rechter die gevraagd wordt om uitspraak te doen over de vordering tot schadevergoeding kan immers zelf de fout van de overheid vaststellen. Het louter gelijk krijgen op zich wettigt niet de thans gevorderde vernietiging. Nu de verzoekster geen beroep heeft ingediend tegen de bevordering van Nicole Somers tot hoofdmedewerker bij de afdeling Financiering Huisvestingsbeleid met ingang van 1 augustus 2001, moet worden besloten dat een eventuele vernietiging van de bestreden beslissing aan de verzoekster geen voordeel kan opleveren, zodat zij niet het rechtens vereiste belang heeft bij haar beroep. De ambtshalve opgeworpen exceptie is gegrond. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  17. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  18. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verzoekster. IX-3148-6/7 De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 12 oktober 2009, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. A. VANDENDRIESSCHE, kamervoorzitter, D. MOONS, staatsraad, B. THYS, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. A. VANDENDRIESSCHE. IX-3148-7/7 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.196.832 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.