← België

Arrest 196947 - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen - 13/10/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 oktober 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.196.947 Rolnummer: A. 192028/XII-5775 Zaak: Arrest 196947 - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen - 13/10/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-10-16 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-30 03:41 Fiche Arrest nr 196.947 van 13 oktober 2009 Openbaar ambt - Plaatselijk openbaar ambt (provinciën, gemeenten, enz.) - Reglementen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 196.947 van 13 oktober 2009 in de zaak A. 192.028/XII-

  1. In zake: Peter LEMMENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Patrick De Roo kantoor houdend te Merksem Nieuwdreef 115 bus 23 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen:
  2. de GOUVERNEUR VAN DE PROVINCIE ANTWERPEN
  3. de GEMEENTE PUURS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ann Coolsaet kantoor houdend te Antwerpen A. Goemaerelei 69 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: Kris DE HERDT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Patrick De Roo kantoor houdend te Merksem Nieuwdreef 115 bus 23 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
  4. De vordering, ingesteld op 1 april 2009, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van “de beslissing dd 6 februari 2009 van de heer Gouverneur van Antwerpen [...] waarbij het bezwaarschrift dd 21 december 2008 [...] tegen het besluit van de gemeenteraad van Puurs dd 18 december 2008 houdende ‘Rechtspositieregeling voor gemeentepersoneel Puurs’ [...] werd verworpen”. XII-5775-1\5 II. Verloop van de rechtspleging
  5. De verwerende partijen hebben een nota ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Rudi Van Der Gucht heeft een verslag over het beroep tot nietigverklaring en de vordering tot schorsing opgesteld op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 8 september
  6. Staatsraad Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Patrick De Roo, die verschijnt voor verzoeker en voor de tussenkomende partij, en advocaat Ann Coolsaet, die verschijnt voor de tweede verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Rudi Van Der Gucht heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  7. III. De feiten
  8. Op 18 december 2008 stelt de gemeenteraad van Puurs de nieuwe rechtspositieregeling vast. Voorafgaandelijk wordt door verzoeker, gemeenteraads- lid, onder meer bekritiseerd dat “contractuele ambten [worden] opengesteld voor niet-EU burgers”. Hij betoogt: “Dit is ongrondwettig, hetgeen de Vlaamse regering zelf toegeeft. Wij zullen dit aanvechten, wanneer dit in de Puurse rechtspositie- regeling blijft staan”. Zijn voorstel tot schrapping van het ontworpen artikel 9, § 2, derde lid, wordt verworpen. XII-5775-2\5 Het betrokken voorschrift, wezenlijke voorwerp van het beroep, luidt: “De contractuele functies waarvoor de Belgische nationaliteit niet vereist is, zijn toegankelijk voor kandidaten die tot het wettige verblijf in België zijn toegelaten en een algemene toegang hebben tot de arbeidsmarkt”. Verzoeker dient op 21 december 2008, in zijn hoedanigheid van gemeenteraadslid, tegen de vaststelling van de rechtspositieregeling en voormeld voorschrift in het bijzonder, bezwaar in bij de gouverneur van de provincie Antwerpen. Hij schrijft dat hij ter zitting van de gemeenteraad heeft voorgesteld artikel 9, § 2, in overeenstemming te brengen met de Grondwet, maar dat dit amendement werd verworpen. De gouverneur laat met een brief van 6 februari 2009 weten geen redenen te zien om in het kader van het algemeen administratief toezicht op te treden. IV. Tussenkomst
  9. Kris De Herdt vraagt op 19 mei 2009 in het geding te mogen tussenkomen. Hij meent een persoonlijk en direct belang te hebben “nu hij een contractuele tewerkstelling bij de Gemeente Puurs overweegt”. Het belang van verzoeker in tussenkomst is niet evident en geeft integendeel aanleiding tot twijfel. Binnen het raam van een schorsingsvordering, evenwel, is er reden om die twijfel in het voordeel van de betrokkene te laten uitvallen. Er is grond om het verzoek in te willigen. V. Ontvankelijkheid
  10. Volgens verwerende partij is de vordering niet-ontvankelijk. Een onderzoek van en een uitspraak over de ontvankelijkheid zouden zich alleen opdringen indien aan de grondvoorwaarden voor een schorsing voldaan mocht zijn, hetgeen zoals hierna zal blijken niet het geval is. XII-5775-3\5 VI. Grondvoorwaarden voor de schorsing
  11. Overeenkomstig artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen.
  12. Wat de tweede schorsingsvoorwaarde betreft zet verzoeker uiteen dat hij gemeenteraadslid is en na het einde van zijn mandaat een contractuele tewerkstelling bij de gemeente ambieert, dat de rechtspositieregeling hem in concurrentie plaatst met mogelijke kandidaten die niet voldoen aan de grondwettelijk bepaalde nationaliteitsvereiste, en dat alzo een mogelijke aanwerving na het beëindigen van zijn mandaat bemoeilijkt wordt. Hij meent tevens dat de ernst van het nadeel mee beoordeeld moet worden “in functie van de graad van de ernst van de ingeroepen middelen en van de aard ervan”.
  13. Verwerende partij antwoordt in de nota onder meer dat verzoeker blijkbaar pas na het beëindigen van zijn mandaat wenst te solliciteren naar een betrekking bij het gemeentebestuur, dat dit overigens een logisch gevolg is van de onverenigbaarheid tussen het mandaat van gemeenteraadslid en de hoedanigheid van personeelslid van dezelfde gemeente, dat het nadeel zich ten vroegste in 2013 zou kunnen voordoen, dat een beroep tot nietigverklaring volstaat om verzoekers doel te dienen, dat hij niet aantoont dat een eventuele nietigverklaring te laat zou komen. Tevens merkt zij op dat de vereiste van een moeilijk te herstellen ernstig nadeel een afzonderlijke schorsingsvoorwaarde uitmaakt en dat zonder dergelijk nadeel geen schorsing kan worden bevolen “hoe ernstig de middelen ook zouden zijn”.
  14. De Raad van State valt de zienswijze van verwerende partij bij. Het nadeel dat verzoeker na de eventuele beëindiging van zijn mandaat in 2013 mogelijk zal lijden indien hij ertoe mocht komen alsdan kandidaat te zijn voor “een” contractuele aanwerving bij de verwerende partij, is zo hypothetisch en iel dat het niet voor ernstig in de zin van artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan worden gehouden. Voorts stelt de gebeurlijke ernst van de middelen een verzoekende partij er niet van vrij om, teneinde een schorsing te XII-5775-4\5 verkrijgen, ook het risico van een moeilijk te herstellen ernstig nadeel aannemelijk te maken. Het blijkt niet dat de tweede van de cumulatieve grondvoorwaarden voor een schorsing vervuld is. Deze vaststelling volstaat om de vordering te verwerpen. BESLISSING
  15. Het verzoek van Kris De Herdt tot tussenkomst in het administratief kort geding wordt ingewilligd.
  16. De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing.
  17. Kris De Herdt wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 125 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 13 oktober 2009, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, staatsraad, waarnemend voorzitter, met bijstand van Frank Bontinck, griffier. De griffier, De voorzitter, Frank Bontinck Johan Lust XII-5775-5\5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.196.947 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.217.014 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.