← België

Arrest 197668 - Bevolkingsregister - 09/11/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 november 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.197.668 Rolnummer: A. 192936/XII-5850 Zaak: Arrest 197668 - Bevolkingsregister - 09/11/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-11-17 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 03:49 Fiche Arrest nr 197.668 van 9 november 2009 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Bevolkingsregister Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 197.668 van 9 november 2009 in de zaak A. 192.936/XII-5850 In zake: Sabine DE WOLF bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jean-Pierre Westerlinck kantoor houdend te Sint-Niklaas Parklaan 44 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp

  1. De vorderingen, ingesteld op 8 juni 2009, strekken tot de nietigverklaring en de schorsing van de tenuitvoerlegging van de beslissing van 24 maart 2009 van de gemachtigde van de minister van Binnenlandse Zaken om de ambtshalve inschrijving van Dirk Van Eygen van 2 december 2008 in het bevolkingsregister van Hamme, Leeuwerikenlaan 5, als een gezin vormend met Sabine De Wolf, te behouden. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Auditeur Bart Weekers heeft een verslag over het beroep tot nietigverklaring en de vordering tot schorsing opgesteld op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 6 oktober
  3. XII-5850-1\6 Staatsraad Johan Lust heeft verslag uitgebracht. Advocaat Jürgen De Staercke, die loco advocaat Jean-Pierre Westerlinck verschijnt voor de verzoekster, en attaché Frank Verduyn, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Bart Weekers heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten
  5. Volgens een verslag van 17 september 2008 van een inspecteur bij de politie van de politiezone Hamme/Waasmunster blijkt uit “meerdere tussenkomsten van onze diensten” dat Dirk Van Eygen verblijft op het adres Leeuwerikenlaan 5 te Hamme, bij Sabine De Wolf. Deze informatie “wordt tevens bevestigd door aanverwanten”. Met een brief van 26 oktober 2008 wil Dirk Van Eygen “ophelderen” dat hij de laatste weken wel wat meer bij Sabine De Wolf op bezoek is geweest, maar niet in de Leeuwerikenlaan woont. Op 2 december 2008 besluit het college van burgemeester en schepenen van Hamme om Dirk Van Eygen ambtshalve in te schrijven op het adres Leeuwerikenlaan 5, als deel uitmakend van het gezin van Sabine De Wolf. Gelet op de betwisting over de hoofdverblijfplaats van Dirk Van Eygen, wordt door een bevolkingsinspecteur van de algemene directie Instellingen en Bevolking van de federale overheidsdienst Binnenlandse Zaken een onderzoek naar zijn verblijfstoestand gevoerd en daarover op 3 februari 2009 een verslag opgesteld. In dat verslag wordt voorgesteld de ambtshalve inschrijving van Dirk Van Eygen te behouden. Tegen het voornemen van de regionaal afgevaardigde van de algemene directie Instellingen Bevolking om aan de gemachtigde van de minister van Binnenlandse Zaken voor te stellen de ambtshalve inschrijving van Dirk XII-5850-2\6 Van Eygen op het adres Leeuwerikenlaan 5 te behouden, reageert verzoekster met een schrijven van 16 februari
  6. Op 24 maart 2009 neemt de gemachtigde van de minister de bestreden beslissing: de ambtshalve inschrijving van Dirk Van Eygen in het bevolkingsregister van Hamme, Leeuwerikenlaan 5, als een gezin vormend met Sabine De Wolf, wordt behouden. IV. Onderzoek van de middelen A. Eerste middel
  7. In een eerste middel wordt de schending van de formele- motiveringsplicht aangevoerd, doordat “uit de bestreden beslissing niet kan afgeleid op welke gronden verwerende partij tot de beslissing komt dat de ambtshalve inschrijving van dhr. Dirk Van Eygen op het adres van verzoekster wordt behouden”. Meer bepaald wordt niet aangegeven “waarom de aangehaalde elementen [...] erop wijzen dat dhr. Dirk Van Eygen effectief gedurende het grootste deel van het jaar op het adres van verzoekster verblijft”. Ook blijft de beslissing zonder reactie op de schriftelijke mededelingen van verzoekster en Dirk Van Eygen dat de laatste niet bij eerstgenoemde woont.
  8. Lectuur van de aangevochten beslissing wijst uit dat ze de feitelijke en juridische elementen vermeldt waarop ze is gebaseerd. Ze maakt melding van de verschillende stappen van het onderzoek naar de verblijfstoestand van Dirk Van Eygen, de voor haar conclusie relevante gegevens die deze stappen opleverden en het juridisch kader waarin de beslissing genomen werd. Het is niet vereist dat verwerende partij ook nog eens de motieven van haar motieven expliciteert, noch dat zij elke tegenwerping die verzoekster of Dirk Van Eygen ergens in de loop van de procedure zouden hebben gemaakt apart bespreekt. Het volstaat dat de verwerende partij afdoende laat verstaan waarom zij tot haar beslissing is gekomen, niettegenstaande de geuite bezwaren. Aan de formele-motiveringseis is voldaan. Het eerste middel is ongegrond. XII-5850-3\6 B. Tweede middel
  9. Verzoekster voert in een tweede middel de schending aan van de materiële motiveringsplicht, van de artikelen 1 en 3 van de wet van 19 juli 1991 betreffende de bevolkingsregisters en de identiteitskaarten, de vreemdelingenkaarten en de verblijfsdocumenten en tot wijziging van de wet van 8 augustus 1983 tot regeling van een rijksregister van de natuurlijke personen, en van artikel 16, § 1, van het koninklijk besluit van 16 juli 1992 betreffende de bevolkingsregisters en het vreemdelingenregister. Toegelicht wordt dat uit geen van de elementen die in de bestreden beslissing vermeld wordt, kan worden afgeleid dat Dirk Van Eygen effectief bij verzoekster verblijft gedurende het grootste deel van het jaar. Tevens wordt uiteengezet dat verwerende partij niet aan verzoeksters brief van 16 februari 2009 mocht zijn voorbijgegaan zonder terzake een nader onderzoek te hebben gevoerd.
  10. In zijn verslag merkt de auditeur op dat krachtens de in het middel aangevoerde bepalingen van de wet van 19 juli 1991 en het koninklijk besluit van 16 juli 1992, de vaststelling van de hoofdverblijfplaats van een persoon een louter feitelijke aangelegenheid is. Hij concludeert dat de bestreden beslissing voldoende “objectieve, feitelijke gegevens” aanvoert die “in redelijkheid geacht moeten worden aan te tonen dat Dirk Van Eygen hoofdverblijf houdt aan de Leeuwerikenlaan te Hamme”, namelijk: S het politieverslag van 17 september 2008 van de wijkpolitie van de stad Hamme, en S de vaststellingen tijdens het bezoek op 22 januari 2009 van de bevolkings- inspecteur aan de woning van verzoekster dat deze eerst zegde dat Dirk Van Eygen niet aanwezig was en dat hij vervolgens boven blijkt te slapen, evenals verzoeksters verklaringen bij die gelegenheid -die zij nooit heeft tegengesproken- dat zij nog zijn was wil doen en dat hij nog twee à drie keer per week mag komen slapen en eten. Tegen die gegevens, aldus nog het auditoraatsverslag, kunnen de bezwaren van verzoekster en Dirk Van Eygen in hun brief van 16 februari 2009, respectievelijk 26 oktober 2008 niet opwegen. XII-5850-4\6 De Raad van State valt deze zienswijze, waartegen verzoekster ter terechtzitting alleen een verwijzing naar haar verzoekschrift inbrengt, bij. Het tweede middel is ongegrond. C. Derde middel
  11. In een derde middel doet verzoekster gelden dat verwerende partij het zorgvuldigheidsbeginsel heeft geschonden doordat zij geen onderzoek heeft gedaan naar de plaats waarheen de betrokkene na zijn beroepsbezigheden gaat, de plaats waar de kinderen naar school gaan, de arbeidsplaats, het energieverbruik en de telefoonkosten, het gewone verblijf van de echtgenoot of van andere leden van het huishouden.
  12. Het middel valt met het vorige middel samen. Bij de bespreking van dat vorige middel is aangenomen dat het bestreden besluit gestoeld is op redenen die niet door verzoekster in het gedrang worden gebracht, maar objectief en feitelijk juist zijn, en van aard om de beslissing naar redelijkheid te verantwoorden. De noodzaak van verder onderzoek is niet aangetoond. Het derde en laatste middel is ongegrond. Hierna wordt het aangespannen beroep tot nietigverklaring dan ook verworpen, evenals de ingestelde vordering tot schorsing die een accessorium van dat beroep is. BESLISSING
  13. De Raad van State verwerpt het beroep.
  14. De Raad van State verwerpt de vordering tot schorsing.
  15. De verzoekster wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 175 euro. XII-5850-5\6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 9 november 2009, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Johan Lust, staatsraad, waarnemend voorzitter, met bijstand van Frank Bontinck, griffier. De griffier, De voorzitter, Frank Bontinck Johan Lust XII-5850-6\6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.197.668 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.