← België

Arrest 198095 - Gerechtsdeurwaarders - 23/11/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 november 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.095 Rolnummer: A. 193088/IX-6413 Zaak: Arrest 198095 - Gerechtsdeurwaarders - 23/11/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-12-02 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 03:54 Fiche Arrest nr 198.095 van 23 november 2009 Justitie - Gerechtsdeurwaarders Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 198.095 van 23 november 2009 in de zaak A. 193.088/IX-6413 In zake : de ARRONDISSEMENTSKAMER VAN GERECHTSDEUR- WAARDERS VAN HET ARRONDISSEMENT HASSELT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Hugo Lamon kantoor houdend te Hasselt, de Schiervellaan 23 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Kaat Leus en Patrick Hofströssler kantoor houdend te Brussel Louizalaan 99 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 23 juni 2009, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van: - het koninklijk besluit van 26 april 2009 tot bepaling van het aantal gerechts- deurwaarders per gerechtelijk arrondissement, en van - de oproep tot kandidaatstelling voor 3 vacante plaatsen in het arrondissement Hasselt (met kantoren gevestigd te Hasselt, Houthalen-Helchteren, Lommel). II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Walter Van Noten heeft een verslag opgesteld. IX-6413-1/6 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 26 oktober
  3. Kamervoorzitter André Vandendriessche heeft verslag uitge- bracht. Advocaat Hugo Lamon die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Audrey Baeyens, die loco advocaten Kaat Leus en Patrick Hofströssler verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Walter Van Noten heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  4. III. Feiten 3.
  5. Artikel 515 van het Gerechtelijk Wetboek verleent aan de Koning de bevoegdheid om het aantal gerechtsdeurwaarders vast te stellen per gerechtelijk arrondissement. Bij koninklijk besluit van 14 december 1984 tot bepaling van het aantal gerechtsdeurwaarders per gerechtelijk arrondissement is, in uitvoering van artikel 515 van het Gerechtelijk Wetboek, het aantal gerechtsdeurwaarders per gerechtelijk arrondissement bepaald. Voor het arrondissement Hasselt gaat het om 13 gerechtsdeurwaarders. Met het koninklijk besluit van 26 april 2009 wordt het koninklijk besluit van 14 december 1984 opgeheven en wordt het aantal gerechtsdeurwaarders per arrondissement opnieuw vastgesteld. In het arrondissement Hasselt mogen voortaan 16 gerechtsdeurwaarders actief zijn. Het koninklijk besluit van 26 april 2009 vormt het eerste voorwerp van de onderhavige vordering. 3.
  6. In het Belgisch Staatsblad van 14 mei 2009 wordt de vacantver- klaring van een aantal plaatsen van gerechtsdeurwaarder bekendgemaakt. Voor het IX-6413-2/6 gerechtelijk arrondissement Hasselt gaat het om drie betrekkingen, met kantoren te Hasselt, Houthalen-Helchteren en Lommel. De vacantverklaring van deze betrekkingen vormt het tweede voorwerp van de onderhavige vordering. IV. Ontvankelijkheid van de vordering
  7. De verwerende partij voert twee excepties aan. Volgens haar is de vacantverklaring een voorbereidende beslissing die niet met een annulatieberoep bestreden kan worden. Voorts toont de verzoekende partij ook haar belang bij de ingediende vordering niet aan, aangezien zij geen functioneel belang kan inroepen en zij ook niet duidelijk maakt welk ander wettig belang zij heeft.
  8. Uit het onderzoek van de grondvoorwaarden die vereist zijn om een administratieve beslissing te kunnen schorsen, blijkt dat het bestaan van een moeilijk te herstellen ernstig nadeel niet aangetoond wordt. Er is dan ook geen reden om de ontvankelijkheidsvoorwaarden reeds in de huidige stand van de rechtspleging te onderzoeken. V. Onderzoek van de vordering
  9. Overeenkomstig artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. Moeilijk te herstellen ernstig nadeel Standpunt van de verzoekende partij
  10. De verzoekende partij stelt dat zij door de wet -artikel 512, §§ 2 en 3, Gerechtelijk Wetboek- verplicht wordt om advies uit te brengen voor de benoeming van gerechtsdeurwaarders in haar arrondissement. Het eerste bestreden besluit leidt tot de bekendmaking van vacatures en het tweede bestreden besluit heeft tot gevolg dat zich kandidaten zullen aandienen waarover zij advies moet geven. De verplichting om advies te geven in een benoemingsprocedure die steunt IX-6413-3/6 op onwettige beslissingen, houdt op zich voor de verzoekende partij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel in. Zij is het tuchtorgaan van de gerechtsdeurwaarders en moet waken over de geest en de verbondenheid binnen het korps, maar door advies te verlenen over de drie vacatures binnen haar werkingsgebied wekt zij de indruk dat die betrekkingen wettig kunnen begeven worden en creëert zij bij de -vele- kandidaten valse verwachtingen die negatief op haar zullen afstralen, met verlies van autoriteit en gezag tot gevolg. Zij voegt daaraan toe dat het aantal gerechtsdeur- waarders in het arrondissement met meer dan 20% stijgt, hetgeen een weerslag zal hebben op de wijze waarop de deurwaarders hun werkzaamheden zullen uitvoeren zodat de onderlinge verhoudingen tussen de deurwaarders gewijzigd worden en dat wijzigend gedrag zal ook voor de verzoekende partij zelf, wegens de degradatie van de geest binnen het korps, gevolgen hebben. Beoordeling
  11. Luidens artikel 8, 3/, van het procedurereglement kort geding moet de vordering tot schorsing een uiteenzetting bevatten van de feiten die kunnen aantonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de aangevochten akte de verzoekende partij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. De verzoekende partij mag zich niet beperken tot vaagheden en algemeenheden, maar moet integendeel zeer concrete gegevens overleggen waaruit blijkt dat zij persoonlijk een moeilijk te herstellen ernstig nadeel ondergaat of kan ondergaan, zodat de Raad van State met voldoende precisie kan nagaan of er al dan niet een dergelijk nadeel voorhanden is en het voor de tegenpartij mogelijk is om zich met kennis van zaken tegen de door de verzoekende partij aangehaalde feiten en argumenten te verdedigen. Dit houdt in dat de verzoekende partij concrete en precieze aanduidingen moet verschaffen omtrent de aard en de omvang van het nadeel dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de aangevochten beslissing veroorzaakt.
  12. Voor een openbare overheid kan er slechts sprake zijn van het door artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State vereiste persoonlijk nadeel wanneer de bestreden beslissing de uitoefening van de overheidstaak of de bestuursopdracht waarmee de overheid is belast, verhindert of in ernstige mate in het gedrang brengt. IX-6413-4/6
  13. De verzoekende partij is door de wetgever als adviesverlenende overheid in het besluitvormingsproces voor de benoeming van deurwaarders betrokken. In de uitvoering van die opdracht is zij verplicht om advies te geven en mag zij de wettigheid van de besluiten die aan de adviesaanvraag ten grondslag liggen niet tegen de benoemende overheid doen gelden. Die verplichte medewerking sluit in dat zij niet verantwoordelijk is voor het al dan niet regelmatig opstarten van de benoemingsprocedure en dat het naleven van die adviesverplichting, op zich, haar geen nadeel kan berokkenen. De verwijzing naar het creëren van onterechte verwachtingen bij de talrijke kandidaten en de vrees voor verwijten die negatief op haar zullen afstralen kan dan ook slechts uitgaan van een onvoldoende kennis van zaken door derden en een verkeerde perceptie van de verantwoordelijkheden van de verzoekende partij, waarmee de Raad van State geen rekening kan houden.
  14. De verzoekende partij verwijst naar haar tuchtbevoegdheid en zij uit de vrees dat de verwachtingen die bij de vele kandidaten worden gewekt en de veranderde attitudes die de leden van het korps zich zullen aanmeten wegens de gewijzigde “onderlinge verhoudingen” -lees de grotere concurrentie- haar positie zullen wijzigen op het vlak van de handhaving van de korpsgeest. Die uiteenzetting is vaag en weinig plausibel. De aangroei van het aantal leden en de grotere concurrentie die daar misschien zal uit volgen moet niet noodzakelijk leiden tot gedragswijzigingen die meer tuchtrechtelijk optreden noodzakelijk maken. Er mag ook niet zonder meer uit afgeleid worden dat de verzoekende partij haar wettelijke opdracht niet meer naar behoren zal kunnen vervullen. En de verzoekende partij verschaft geen concrete aanwijzingen die de Raad van State toelaten om in haar geval anders te oordelen.
  15. De verzoekende partij toont niet aan dat zij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel dreigt te ondergaan. Hieruit volgt dat niet voldaan is aan één van de bij artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing te kunnen bevelen.
  16. Die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. IX-6413-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 23 november 2009, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: André Vandendriessche, kamervoorzitter met bijstand van Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters André Vandendriessche IX-6413-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.095 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.212.374 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.