← België

Arrest 198313 - Wegverkeer van goederen - 30/11/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 november 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.313 Rolnummer: A. 189756/IX-6077 Zaak: Arrest 198313 - Wegverkeer van goederen - 30/11/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-12-09 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-30 03:56 Fiche Arrest nr 198.313 van 30 november 2009 Economische zaken - Wegverkeer van goederen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 198.313 van 30 november 2009 in de zaak A. 189.756/IX-

  1. In zake :
  2. Freddy BYTTEBIER,
  3. de NV TRANSPORT VEYS, die woonplaats kiezen bij advocaat F. VANDEN BOGAERDE, kantoor houdende te KORTEMARK, Torhoutstraat 10 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, dat woonplaats kiest bij Tom ROELANTS, afdelingshoofd bij het Agentschap Wegen en Verkeer, Koning Albert II-laan 20, bus 4, 1000 BRUSSEL --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Freddy BYTTEBIER en de NV TRANSPORT VEYS op 29 augustus 2008 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 2 juli 2008 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Leefmilieu, Natuur en Energie, waarbij, in graad van beroep, aan eerste verzoeker een administratieve geldboete van 2750 euro wordt opgelegd, waarvoor tweede verzoekster burgerrechtelijk aansprakelijk wordt gesteld; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partijen op 5 maart 2009; Gelet op de kennisgeving door de hoofdgriffier, op 22 juni 2009, van de mededeling bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrecht- spraak van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partijen bij brief van 29 juni 2009 hebben gevraagd om te worden gehoord; IX-6077-1/3 Gelet op de beschikking van 28 oktober 2009, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 23 november 2009; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van adjunct van de directeur, jurist K. VANSCHOREN; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd W. VAN NOTEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT: Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partijen de termijnen voor het toesturen van de memorie van wederantwoord of van de aanvullende memorie niet eerbiedigen. Bij het versturen aan de verzoekende partijen van een kopie van de memorie van antwoord heeft de hoofdgriffier te dezen melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State. De verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend op 11 mei 2009, dit is buiten de termijn van zestig dagen bepaald bij artikel 7 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. In de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 14bis, § 1, van het genoemde besluit van de Regent van 23 augustus 1948, is meegedeeld dat de kamer uitspraak zou doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij één van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoekende partijen hebben gevraagd om te worden gehoord. IX-6077-2/3 Ter zitting zijn de verzoekende partijen niet verschenen, noch iemand in hun naam. Te dezen dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel
  4. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  5. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 30 november 2009, door : de HH. D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. D. MOONS. IX-6077-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.313 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.