id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 december 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.572 Rolnummer: A. 193857/X-14359 Zaak: Arrest 198572 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 04/12/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-12-16 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 03:59 Fiche Arrest nr 198.572 van 4 december 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 198.572 van 4 december 2009 in de zaak A. 193.857/X-14.
- In zake: Patrick VERMUYTEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Jan Bouckaert en Jan Roggen kantoor houdend te 1000 BRUSSEL Loksumstraat 25 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen:
- de gemeente BOUTERSEM bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bert Beelen kantoor houdend te 3000 LEUVEN Justus Lipsiusstraat 24 bij wie woonplaats wordt gekozen
- het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Marc Van Bever kantoor houdend te 1850 GRIMBERGEN Pastoor Woutersstraat 32, bus 7 Tussenkomende partij: de n.v. AVEVE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Peter Flamey kantoor houdend te 2018 ANTWERPEN Jan Van Rijswijcklaan 16 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld op 31 augustus 2009, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van 30 juni 2009 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Boutersem waarbij aan AVEVE - DE BAERE de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een opslagplaats voor granen, vochtige maïs en kunstmeststoffen op een perceel gelegen te Boutersem, Verbindingsweg 2, kadastraal bekend sectie B, nr. 0061/h. X-14.359-1/6 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partijen hebben een nota ingediend. Auditeur Tom De Waele heeft een verslag opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 november
- Staatsraad Pierre Lefranc heeft verslag uitgebracht. Advocaat Jan Bouckaert, die verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Gregory Goossens, die loco advocaat Bert Beelen verschijnt voor de eerste verwerende partij, advocaat Marc Van Bever, die verschijnt voor de tweede verwerende partij, en advocaat Matthias Valkeniers, die loco advocaat Peter Flamey verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Auditeur Tom De Waele heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Tussenkomst
- Met een op 24 september 2009 ter post aangetekend verzoekschrift vraagt de n.v. AVEVE om in het geding te mogen tussenkomen. Er is grond om dat verzoek in te willigen, wat betreft het administratief kort geding. IV. Feiten 4.1 De tussenkomende partij exploiteert aan de Verbindingsweg 2 te Willebringen-Boutersem een opslagplaats met silo voor graan, vochtige maïs en kunstmeststoffen. X-14.359-2/6 De vestiging is volgens de bestemmingsvoorschriften van het gewestplan Tienen-Landen gesitueerd in agrarisch gebied. Ter plaatse is geen bijzonder plan van aanleg of ruimtelijk uitvoeringsplan van kracht, noch zijn er verkavelingsvoorschriften. 4.
- Op 30 maart 2009 dient de tussenkomende partij een aanvraag in voor een stedenbouwkundige vergunning om aansluitend aan het bestaande silogebouw een nieuwe loods op te richten, met aan de ene zijde een kroonlijst van 10,90 meter hoog en van daar een lessenaarsdak dat aansluit op de kroonlijst van het bestaande silogebouw. 4.
- Gedurende het openbaar onderzoek over de aanvraag worden drie bezwaarschriften ingediend, onder meer door de verzoeker. 4.
- Op 14 april 2009 verleent de dienst Duurzame Landbouwontwikkeling Vlaams-Brabant van het departement Landbouw en Visserij van de Vlaamse overheid een gunstig advies over de aanvraag. Op 29 april 2009 verleent ook de GECORO van de gemeente Boutersem, daarom gevraagd door de gemeentelijk stedenbouwkundig ambtenaar, advies. Dit advies luidt negatief omdat de site is gelegen in een open landschap en in de nabijheid van een waardevol valleigebied, en het perceel ook te klein is voor de beoogde capaciteitsuitbreiding waardoor een afdoende buffering onmogelijk zou worden. 4.
- Op 2 juni 2009 verleent het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Boutersem een voorwaardelijk gunstig preadvies. Als voorwaarden worden gesuggereerd alle niet-bebouwde delen van het perceel verder te beplanten met aan het landschap aangepaste hoogstammige bomen, de huidige groenbuffer aan te vullen, de uitbreiding van de loods te beperken tot een afstand van minstens 3 meter ten opzichte van de perceelgrenzen, en “(z)ich te schikken naar de bepalingen, wetten en reglementen van het Burgerlijk Wetboek”. 4.
- Op 25 juni 2009 verleent de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaar een gunstig advies waarin hij zich aansluit bij het preadvies van het college en de daarin voorgestelde voorwaarden. X-14.359-3/6 4.
- Met het bestreden besluit van 30 juni 2009 verleend het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Boutersem de gevraagde stedenbouwkundige vergunning, onder de voormelde voorwaarden. 4.
- Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Boutersem heeft voor de beoogde verandering van de inrichting middels een besluit van 18 augustus 2009 bij wege van aktename de milieuvergunning verleend. Deze vergunning werd verleend voor een termijn tot 1 oktober 2012, die de einddatum is van de basisvergunning die door het college voor de activiteiten werd verleend op 1 oktober
- V. Ontvankelijkheid van de vordering
- De tweede verwerende partij en de tussenkomende partij betwisten de ontvankelijkheid van de vordering. Er bestaat vooralsnog geen noodzaak om over deze excepties uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over deze excepties is immers slechts nodig indien zou blijken dat de grondvoorwaarden voor schorsing vervuld zijn, hetgeen te dezen, zoals hierna zal blijken, niet het geval is. VI. Onderzoek van de vordering
- Overeenkomstig artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. Moeilijk te herstellen ernstig nadeel
- De verzoeker laat het volgende gelden wat betreft het moeilijk te herstellen ernstig nadeel: “De nadelen die verzoeker door de realisatie van de vergunde werken zou ondergaan (vermindering van genot, uitzicht en rust, toename van visuele -, geluids- en geurhinder) zijn ernstig omwille van de omvang.
- De uitbreiding van het agro-industrieel bedrijf tast het landelijke karakter van de onmiddellijke omgeving aan. Het betreft immers een uitbreiding met een X-14.359-4/6 gebouw dat 17,20 m op 29,90 meet (of een volume van meer dan 6000 m³ en een oppervlakte van meer dan 460 m²). Bovendien zal verzoeker rechtstreeks geconfronteerd worden met de hinder die het gevolg is van de uitgebreide capaciteit van de inrichting. De ligging van de percelen waarop de bestreden vergunning betrekking heeft is dusdanig dat verzoeker in het bijzonder door de vergunde werken zou worden benadeeld. De eigendom van verzoeker grenst immers zowel aan de zij- als aan de achterkant van het voor uitbreiding vergunde argo-industrieel bedrijf (...). Om de impact en de ernst van het nadeel van een gebouw met deze omvang te beoordelen moet acht worden geslagen op de bestaande situatie. De vergunde werken beogen bijna een verdubbeling in omvang van het bestaande gebouw. De impact hiervan is des te groter aangezien het bestaande gebouw het enige in de wijde omgeving is dat nu al (door de aard, de omvang en hoogte) afbreuk doet aan het landelijke karakter van gebied. (...). De bestreden beslissing zal daardoor de landelijke rust in de onmiddellijke omgeving van verzoeker substantieel aantasten, t.g.v. het aan- en afrijden van vrachtwagens, stofhinder t.g.v. het laden en lossen van de opslagloods, lawaaihinder (t.g.v. de ventilatie), geur- en reukhinder enz. Al die nadelen zijn inherent verbonden aan de bouw en opslag van opslagloods die thans vergund werd. Het nadeel is ernstig. Bovendien is het nadeel moeilijk te herstellen. Het herstel van dit nadeel impliceert immers de afbraak van het gebouw. Volgens de vaste rechtspraak van uw Raad is dit nadeel moeilijk te herstellen omdat omwille van de ernst en de gevolgen slechts moeizaam wordt beslist tot of overgegaan wordt tot uitvoering van de afbraak van een belangrijke installatie of een gebouw”.
- Een schorsing van de tenuitvoerlegging kan niet bevolen worden indien die schorsing niet op een of andere manier voor de verzoeker nog een nuttig effect kan hebben.
- Uit de door de tussenkomende partij bijgebrachte foto’s blijkt dat de vergunde opslagloods inmiddels volledig werd opgericht. De verzoeker betwist dit feitelijk gegeven niet. De verzoeker kan derhalve niet langer het beoogde nuttig effect bekomen met de gevorderde schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit. Het aangevoerde nadeel heeft zich inmiddels voltrokken.
- Hieruit volgt dat niet voldaan is aan één van de bij artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing te kunnen bevelen. Die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. X-14.359-5/6 BESLISSING
- Het verzoek van de n.v. AVEVE tot tussenkomst in het administratief kort geding wordt ingewilligd.
- De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vier december 2009, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Pierre Lefranc, staatsraad, waarnemend voorzitter, met bijstand van Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Pierre Lefranc X-14.359-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.572 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.212.277 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div