← België

Arrest 198613 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 07/12/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 december 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.613 Rolnummer: A. 181599/X-13204 Zaak: Arrest 198613 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 07/12/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-12-16 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-30 03:59 Fiche Arrest nr 198.613 van 7 december 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 198.613 van 7 december 2009 in de zaak A. 181.599/X-13.204. In zake: 1. Celine THIJS-VAN TULDER 2. Monique THIJS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christophe Dael kantoor houdend te 2000 ANTWERPEN Amerikalei 122, 4de verdieping bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: 1. de stad HOOGSTRATEN 2. de deputatie van de provincieraad van ANTWERPEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Nick Schellemans, kantoor houdend te 2580 PUTTE Waversesteenweg 81 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: Dennis AERTS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Cies Gysen kantoor houdend te 2800 MECHELEN Antwerpsesteenweg 18 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep 1. Het beroep, ingesteld op 9 maart 2007, strekt tot de nietigverklaring van : 1. het besluit van 11 december 2006 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Hoogstraten houdende afgifte van de stedenbouwkundige vergunning aan Dennis AERTS voor het bouwen van een handelspand met drie appartementen (gewijzigde plannen - regularisatie) op een perceel gelegen te Hoogstraten, Vrijheid 220, kadastraal bekend sectie E, nrs. 185/a en 186/c, en 2. het besluit van 1 maart 2007 van de deputatie van de provincieraad van Antwerpen waarbij het beroep tegen het besluit van 11 december 2006 van het X-13.204-1/5 college van burgemeester en schepenen van de stad Hoogstraten onontvankelijk wordt verklaard wegens laattijdigheid. II. Verloop van de rechtspleging 2. Bij arrest nr. 173.481 van 12 juli 2007 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen verworpen. De verzoekende partijen hebben een verzoekschrift tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De verwerende partijen hebben een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partijen hebben een memorie van wederantwoord ingediend. De tussenkomende partij heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 5 december 2007. De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Auditeur Ronny Vercruyssen heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partijen hebben een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De tussenkomende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 6 november 2009. Staatsraad Pierre Lefranc heeft verslag uitgebracht. Advocaat Christophe Dael, die verschijnt voor de verzoekende partijen, advocaat Robbert Van Strijdonck, die loco advocaat Nick Schellemans verschijnt voor de tweede verwerende partij, en advocaat Thomas Ryckalts, die loco advocaat Cies Gysen verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Auditeur Ronny Vercruyssen heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. X-13.204-2/5 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973. III. Feiten 3. De feiten werden uiteengezet in ’s Raads arrest nr. 173.481 van 12 juli 2007. IV. Ontvankelijkheid van het beroep 4. De tussenkomende partij laat gelden dat “zelfs indien Uw Raad per impossibile deze (tweede bestreden) beslissing vernietig(

  1. t)de Bestendige Deputatie op geen enkele wijze ooit op enigerlei wijze het beroep (van de verzoekende partijen) kan ontvankelijk verklaren” omdat zij nagelaten hebben op dezelfde dag van het aangetekend versturen van hun beroep bij de bestendige deputatie, een volledige kopie van het beroepsschrift bij aangetekende brief te sturen naar de tussenkomende partij. De verzoekende partijen hebben aldus geen belang bij hun annulatieberoep. 5. De verzoekende partijen betwisten niet dat zij op 17 januari 2007 bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen administratief beroep hebben ingesteld tegen het eerste bestreden besluit en dat zij geen kopie van dit beroepsschrift bij aangetekende brief hebben gestuurd naar de tussenkomende partij. 6. Het te dezen op laatst vermelde datum toepasselijke artikel 116 decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening (hierna: DRO), bepaalde wat volgt: “§ 1. Indien de aanvraag niet onderworpen werd aan een openbaar onderzoek, zoals bepaald in artikel 109, kan elke natuurlijke persoon of rechtspersoon, die rechtstreeks hinder kan ondervinden van de vergunde werken, de vergunningsaanvrager uitgesloten, onverminderd artikel 115, beroep instellen tegen een vergunning verleend door het college van burgemeester en schepenen. Indien de aanvraag onderworpen werd een openbaar onderzoek, kan iedereen die een bezwaar heeft ingediend tijdens het openbaar onderzoek, beroep instellen tegen een vergunning verleend door het college van burgemeester en schepenen. X-13.204-3/5 § 2. Het beroep wordt bij aangetekende brief ingediend bij de bestendige deputatie van de betrokken provincie. De indiener van het beroep stuurt dezelfde dag, op straffe van onontvankelijkheid, bij aangetekende brief een volledige kopie van het beroepschrift naar het college van burgemeester en schepenen dat in eerste aanleg over dezelfde aanvraag moest beslissen en naar de aanvrager. Binnen vijf werkdagen na ontvangst van de kopie van het beroepschrift stuurt de gemeente het dossier naar de bestendige deputatie. § 3. Het beroepschrift wordt verstuurd binnen 20 dagen na de overschrijving van de beslissing in het vergunningenregister”. 7. Het verzuim van de verzoekende partijen om op 17 januari 2007 een volledige kopie van hun beroepsschrift bij aangetekende brief te sturen naar de tussenkomende partij, heeft krachtens het aangehaalde artikel 116, § 2 DRO de onontvankelijkheid van dat administratief beroep tot gevolg. Daaruit volgt dat een gebeurlijke vernietiging van het tweede bestreden besluit op basis van een der middelen die overigens niet gericht zijn tegen dat laatste besluit, de verzoekende partijen geen rechtstreeks voordeel kan opleveren. 8. Het beroep tegen het tweede bestreden besluit is onontvankelijk om een andere reden dan deze die de verzoekende partijen ontlenen aan de beroeps- termijn in het vermelde artikel 116 DRO en die het onderwerp uitmaakt van hun verzoek tot het stellen van een prejudiciële vraag. De Raad van State is derhalve niet gehouden tot het stellen van de prejudiciële vraag die de verzoekende partijen formuleren. 9. Het eerste bestreden besluit is een vergunning waartegen de verzoekende partijen bij toepassing van het aangehaalde artikel 116 DRO beroep konden instellen bij de bestendige deputatie van de betrokken provincie. Deze beslissing waartegen een georganiseerd administratief beroep openstond, is, zoals de eerste verwerende partij terecht voorhoudt, niet vatbaar voor vernietiging door de Raad van State. 10. Het beroep van de verzoekende partijen tegen beide bestreden besluiten is derhalve onontvankelijk. BESLISSING 1. De Raad van State verwerpt het beroep. X-13.204-4/5 2. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, begroot op 700 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 125 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeven december 2009, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Pierre Lefranc, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, met bijstand van Astrid Truyens, griffier. De griffier De voorzitter Astrid Truyens Roger Stevens X-13.204-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.613 Gerelateerde publicatie(
  2. s)voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.481 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.