← België

Arrest 198818 - Natuurbehoud - Vergunningen - 10/12/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 december 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.818 Rolnummer: A. 193820/VII-37404 Zaak: Arrest 198818 - Natuurbehoud - Vergunningen - 10/12/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-12-18 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-06-30 04:01 Fiche Arrest nr 198.818 van 10 december 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Natuurbehoud - Vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 198.818 van 10 december 2009 in de zaak A. 193.820/VII-37.

  1. In zake: Adelin DE NAEGHEL die woonplaats kiest te Damme Knoksebaan 10 tegen: de DEPUTATIE VAN DE PROVINCIE WEST-VLAANDEREN --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  2. Het beroep, ingesteld op 25 augustus 2009, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de deputatie van de provincie West-Vlaanderen van 2 juli 2009 waarbij het beroep van de verzoeker tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de stad Damme van 28 april 2009 houdende de weigering van een natuurvergunning niet wordt ingewilligd en de beroepen beslissing wordt bevestigd. II. Verloop van de rechtspleging
  3. Eerste auditeur Peter Sourbron heeft een verslag overeenkomstig artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna : algemeen procedurereglement) opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 3 december
  4. Staatsraad Eric Brewaeys heeft verslag uitgebracht. Eerste auditeur Peter Sourbron heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. VII-37.404-1/3 Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Ontvankelijkheid van het beroep
  6. Het door de verzoeker ingediende verzoekschrift luidt als volgt : "Argumentele belangen: 1) De natuur vergunningsaanvraag, de Vereiste publiciteit verkreeg, conform artikel 13&3 van het besluit van de Vlaamse regering betreffende de natuurver- gunningen. 2) Er werden GEEN schriftelijke noch mondelingen bezwaren en opmerkingen ingediend voor deze vergunningsaanvraag dossier NV
  7. 3) Dat ingeval de aangevraagde vergunning zou worden vernietigd, de OPTIMALE WERKING van mijn landbouwbedrijf in het gedrang komt. 4) Door de realisatie van de omstreden snelweg worden mijn VRUCHTBARE POLDER AKKERLANDEN middel door gekliefd over een lengte van +/- 3 ha.- polderland. 5) 1/3 productiviteitsvermindering aan oogsten. 6) Een zéér grote moeilijkheidsgraad qua bewerking en vooral de ONBEREIK- BAARHEID. 7) Meer bewerkingsONKOSTEN - minder inkomsten. 8) Gevaarlijke en grotere MOBILITEITS capaciteit. 9) DAT SCHEUREN, hier een NOODZAAK is in de contest van de aanleg van de A5 snelweg. 10) Dat deze scheuring geen natuuraantasting veroorzaakt; maar ecologisch een zéér POSITIEVE RUILING IS. 11) De nonchalante ingesteldheid vanwege het Damse stadsbestuur stelt grote vraagtekens aangaande de afhandeling van dit dossier betreffende de scheuring. 12) Eveneens is de identieke negatieve beslissing van de West vlaamse deputatie als een standaard automatisme geprogrammeerd en niet ten gronde opgevolgd. 13) Er werd geen mogelijkheid geboden conform de wetgeving om door de deputatie gehoord te worden. 14) De milieugroep Natuurpunt verscheen niet ter plaatse; was noch mondeling noch schriftelijk voor overleg vatbaar en staaft zich uitsluitend op legaal verworven opmerkingen en europese richtlijnen".
  8. Artikel 2, § 1, 3/, van het algemeen procedurereglement bepaalt dat het verzoekschrift tot nietigverklaring onder meer een "uiteenzetting van de feiten en de middelen" moet bevatten. Die uiteenzetting is een substantiële vereiste en het ontbreken ervan maakt het verzoekschrift niet ontvankelijk. VII-37.404-2/3 Onder "middel" moet worden verstaan de voldoende duidelijke omschrijving van de overtreden rechtsregel en van de wijze waarop die regel door de bestreden beslissing wordt geschonden. De uiteenzetting ervan waarborgt de rechten van verdediging van de verwerende en de eventueel tussenkomende partij. Het verzoekschrift bevat geen middel, als hierboven omschreven. De uiteenzetting van de verzoeker voldoet niet aan de voorwaarden opgelegd door het algemeen procedurereglement.
  9. De zaak kan bijgevolg op grond van artikel 93 van het algemeen procedurereglement met korte debatten definitief worden beslecht. BESLISSING
  10. De Raad van State verwerpt het beroep.
  11. De verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverkla- ring, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tien december tweeduizend en negen, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, staatsraad, waarnemend voorzitter, met bijstand van Dieter Decock, griffier. De griffier De voorzitter Dieter Decock Eric Brewaeys VII-37.404-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.818 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.