id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 januari 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.199.407 Rolnummer: A. 195137/XIV-32777 Zaak: Arrest 199407 - Penitentiair recht - 08/01/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-01-13 Raadplegingen: 68 - laatst gezien 2026-07-02 08:10 Fiche Arrest nr 199.407 van 8 januari 2010 Justitie - Penitentiair recht Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE IXe KAMER nr. 199.407 van 8 januari 2010 in de zaak A. 195.137/IX-6662 In zake : Roger GEUSENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Peter Donné kantoor houdend te Geetbets Verdaelstraat 38 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Justitie --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
- De vordering, ingesteld per fax op 8 januari 2010, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de beslissing van 6 januari 2010 van de gevangenisdirecteur te Brugge, waarbij aan Roger Geusens, met ingang van 6 januari 2010 de volgende tuchtsanctie wordt opgelegd: “één week schorsing werk”. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een administratief dossier ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 8 januari 2010 om 15.00 uur. Staatsraad Daniël Moons heeft verslag uitgebracht. Advocaat Peter Donné, die verschijnt voor de verzoeker, en attaché Wim Van Brussel, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. IX-6662-1/4 Auditeur Alexander Van Steenberge heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Op 1 januari 2010 stelt penitentiair beambte I.B. een rapport aan de directeur op lastens de verzoeker. Dit rapport bevat het relaas van onbeleefd en agressief verbaal gedrag van de verzoeker tegenover penitentiair beambte I.B. De beambte wijst erop dat voor gelijkaardige feiten reeds schriftelijke opmerkingen en “observaties” werden genoteerd door verschillende penitentiair beambten op diverse tijdstippen, die worden opgesomd in het rapport aan de directeur. De verzoeker betwist de feiten en formuleert kritiek op de schriftelijke opmerkingen van de penitentiair beambten. Tijdens de hoorzitting voor de gevangenisdirecteur die doorging op 6 januari 2010 in aanwezigheid van de verzoeker en zijn raadsman, verklaart de verzoeker in essentie wat volgt: “Over wat er is gebeurd heb ik reeds mijn excuses aangeboden bij de betrokken chef. Ik beken dat de manier waarop ik heb gereageerd niet ‘ok’ is (...)”. IV. Onderzoek van de vordering
- Overeenkomstig artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden besloten onder de drievoudige voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden, dat de onmiddellijke tenuitvoerleg- IX-6662-2/4 ging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen en dat de zaak hoogdringend is.
- Wat de tweede voorwaarde betreft, met name het moeilijk te herstellen ernstig nadeel, maakt de verzoeker niet aannemelijk dat een tuchtstraf van “1 week schorsing werk”, met ingang van 6 januari 2010, hem op materieel en moreel vlak een moeilijk te herstellen ernstig nadeel berokkent, rekening houdend met onder meer de motivering van de tuchtstraf die als volgt luidt: “- overwegende dat betrokkene zich schuldig heeft gemaakt aan herhaalde- lijk onbeschoft en provocerend gedrag naar het personeel; - overwegende dat betrokkene hierover meermaals is aangesproken door meerdere personeelsleden; - rekening houdende dat betrokkene zich hierover bij het personeel heeft verontschuldigd.”
- De tuchtstraf heeft tot doel de persoon die een tuchtfeit beging te doen boeten voor zijn gedrag. Dit is precies wat de opgelegde tuchtstraf doet. Zij is immers op het eerste gezicht redelijk, evenwichtig en in verhouding tot de feiten die de verzoeker heeft gepleegd, zowel wat de “strafmaat” als wat de duur van de tuchtsanctie betreft. Er kan worden aangenomen dat een tuchtstraf, zoals deze die thans wordt bestreden, zekere ongemakken meebrengt op materieel en moreel vlak, zonder dat er evenwel sprake is van een ernstig nadeel. Mede gelet op de beperkte duur van de tuchtsanctie en de niet betwiste omstandigheid dat de verzoeker na één week (tijdens het weekend wordt er normaliter niet gewerkt) het werk herneemt. Daaraan wordt toegevoegd dat de verzoeker door een aangepast gedrag binnen de gevangenismuren het door hem aangevoerde, doch niet bewezen moeilijk te herstellen ernstig nadeel, had kunnen vermijden. Eerbied en respect van gedetineerden voor het gevangenisperso- neel en een waardige en respectvolle houding van dit laatste voor de gedetineerden zijn fundamenteel voor het dagelijkse leven binnen de gevangenismuren. Diegenen die zich daar niet aan houden stellen zich eventueel bloot aan een tuchtsanctie, die in principe voorzienbaar en vermijdbaar is. IX-6662-3/4
- Bijgevolg is niet voldaan aan de tweede cumulatieve voorwaarde van voornoemd artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. Deze vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid te verwerpen. BESLISSING De Raad van State verwerpt de vordering. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 8 januari 2010, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: Daniël Moons, staatsraad, waarnemend voorzitter, met bijstand van Wim Geurts, griffier. De griffier De voorzitter Wim Geurts Daniël Moons IX-6662-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.199.407 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.211.701 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div