← België

Arrest 200084 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 27/01/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 januari 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.084 Rolnummer: A. 137561/X-11449 Zaak: Arrest 200084 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 27/01/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-02-02 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-07-02 08:31 Fiche Arrest nr 200.084 van 27 januari 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 200.084 van 27 januari 2010 in de zaak A. 137.561/X-11.

  1. In zake: Joanna VAN DER VELDE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christophe COEN kantoor houdend te 2018 ANTWERPEN Mechelsesteenweg 210 A bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de deputatie van de provincieraad van Antwerpen bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wim DOM kantoor houdend te 2580 PUTTE Waversesteenweg 81 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
  2. Het beroep, ingesteld op 4 juni 2003, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van 6 maart 2003 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen waarbij het beroep van de verzoekster ingesteld tegen de weigering van de vergunning tot het wijzigen van de bestemming van landbouwwoning tot particuliere woning (regularisatie) op een terrein, gelegen te Boechout, Boshoek 257, sectie C, nrs. 622/d, 623/d en 623/c, voortvloeiend uit de ontstentenis van een binnen de wettelijke termijn genotificeerde beslissing van het college van burgemeester en schepenen van Boechout, niet wordt ingewilligd en geen vergunning wordt verleend. II. Verloop van de rechtspleging
  3. De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Frans De Buel heeft een verslag opgesteld. X-11.449-1/4 De verzoekende partij heeft een laatste memorie ingediend. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 13 november
  4. Staatsraad Stephan De Taeye heeft verslag uitgebracht. Advocaat Sarah De Vries, die loco advocaat Christophe Coen verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Robbert Van Strydonck, die loco advocaat Wim Dom verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Frans De Buel heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Regelmatigheid van de rechtspleging 3.
  6. De verzoekster werpt op dat met de memorie van antwoord van de “PROVINCIE ANTWERPEN, vertegenwoordigd door de Bestendige Deputatie van de Provincieraad van Antwerpen” geen rekening mag worden gehouden omdat de provincie Antwerpen geen partij is in het geding. 3.
  7. Uit de gegevens van het dossier blijkt dat de memorie van antwoord is ingediend namens de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen en dat de voormelde aanduiding op een materiële misslag steunt. De exceptie wordt verworpen. IV. Feiten
  8. De verzoekster is eigenares van een gebouw dat is gelegen aan de Boshoek 257 te Boechout op percelen die kadastraal bekend zijn onder sectie C, nrs. 622/d, 623/d en 623/c. X-11.449-2/4
  9. Inzake het voormelde gebouw dient de verzoekster op 3 september 2001 bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Boechout een aanvraag in tot het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning voor de regularisatie van het wijzigen van de bestemming van landbouwwoning tot particuliere woning.
  10. Op 17 juni 2002 stelt de verzoekster bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen beroep in tegen het uitblijven van een beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Boechout over haar regularisatieaanvraag.
  11. Bij het bestreden besluit van 6 maart 2003 besluit die bestendige deputatie tot het niet inwilligen van het voormelde beroep en tot het niet verlenen van de door de verzoekster gevraagde regularisatievergunning. V. Ontvankelijkheid van het beroep
  12. In haar laatste memorie vermeldt de verzoekster hetgeen volgt: “Thans dient echter te worden aangevuld dat de foutieve weigering door de gemeente Boechout werd ingezien en op 21 maart 2005 een stedenbouwkundige vergunning aan verzoekster werd afgeleverd. Het betreft een vergunning op basis van haar allereerste vergunningsaanvraag van 15 mei 2001, plannen die op dat ogenblik onaanvaardbaar werden geacht door de stedenbouwkundige dienst, reden waarom verzoekster een nieuwe aanvraag heeft ingediend op basis waarvan de hier bestreden weigeringsbeslissing werd genomen. (...) In die omstandigheden is huidige procedure zonder voorwerp geworden. (...)”.
  13. Overeenkomstig artikel 19, eerste lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, kunnen de beroepen tot nietigverklaring bedoeld bij artikel 14 van die wetten, voor de afdeling bestuursrechtspraak worden gebracht door elke partij welke doet blijken van een benadeling of van een belang. Dit veronderstelt dat de verzoekende partij door het bestreden besluit benadeeld is en dat dit nadeel persoonlijk, rechtstreeks, zeker en actueel is. Daarenboven is vereist dat de nietigverklaring van het bestreden besluit aan de verzoekende partij een rechtstreeks voordeel verschaft. Het belang waarvan een verzoekende partij blijk moet geven, moet bestaan op het ogenblik van het indienen X-11.449-3/4 van het annulatieberoep en die partij moet dat belang ook nog bezitten op het ogenblik van de uitspraak.
  14. Gelet op hetgeen de verzoekster in haar laatste memorie heeft vermeld, moet ambtshalve worden vastgesteld dat zij niet doet blijken van het wettelijk vereiste actueel belang en dat het annulatieberoep bijgevolg niet ontvankelijk is.
  15. De verzoekster vraagt de kosten ten laste te leggen van de verwerende partij. Zij brengt evenwel geen argumenten aan die daartoe nopen. BESLISSING
  16. De Raad van State verwerpt het beroep.
  17. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zevenentwintig januari 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Pierre Lefranc, staatsraad, Stephan De Taeye, staatsraad, met bijstand van Greta Scheveneels, griffier. De griffier De voorzitter Greta Scheveneels Roger Stevens X-11.449-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.084 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.