← België

Arrest 200109 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 27/01/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 januari 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.109 Rolnummer: A. 191944/IX-6280 Zaak: Arrest 200109 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 27/01/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-02-04 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-07-02 08:31 Fiche Arrest nr 200.109 van 27 januari 2010 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 200.109 van 27 januari 2010 in de zaak A. 191.944/IX-6280. In zake : Joseph PEETERS, die woonplaats kiest bij advocaat G. VAN GRIEKEN, kantoor houdende te BRUSSEL, Vossendreef 4/29 tegen : het Selectiebureau van de Federale Overheid (SELOR), dat woonplaats kiest bij advocaat T. DE GENDT, kantoor houdende te LEUVEN, Sint-Geertruiabdij 8 bus 2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Joseph PEETERS op 25 maart 2009 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de deliberatiebeslissingen van SELOR met betrekking tot de selectieprocedure ANG08718-AFG08718 (selectie van administrateur (m/

  1. v)‘opmetingen en waarderingen’ voor de FOD Financiën)”; Gelet op het arrest nr. 194.783 van 29 juni 2009, waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verzoekende partij op 10 juli 2009; Gelet op de kennisgeving door de hoofdgriffier, op 4 september 2009, van de mededeling bedoeld in artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, IX-6280-1/3 OVERWEEGT WAT VOLGT: Naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. De verzoekende partij heeft te dezen geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. In de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, is meegedeeld dat de kamer de afstand van het geding zou uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Het vermoeden van afstand van het geding is te dezen van toepassing. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel 1. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel 2. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. IX-6280-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 27 januari 2010, door : de HH. D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. D. MOONS. IX-6280-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.109 Gerelateerde publicatie(
  2. s)voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.194.783 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.