← België

Arrest 200776 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 11/02/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 11 februari 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.776 Rolnummer: A. 190530/XIV-30794 Zaak: Arrest 200776 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 11/02/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-02-25 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-07-02 08:47 Fiche Arrest nr 200.776 van 11 februari 2010 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 200.776 van 11 februari 2010 in de zaak A. 190.530/XIV-30.

  1. In zake : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Migratie- en asielbeleid, thans de Staatssecretaris voor Migratie- en asielbeleid, burelen te 1000 BRUSSEL, World Trade Center II, Antwerpsesteenweg 59 B tegen : XXX, die woonplaats kiest bij Advocaat T. HERMANS, kantoor houdende te 9300 AALST, Leopoldlaan 32 A, bus 1-
  2. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Migratie- en asielbeleid, thans de Staatssecretaris voor Migratie- en asielbeleid, op 2 december 2008 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het arrest nr. 17.841 van 28 oktober 2008 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op de beschikking nr. 3691 van 19 december 2008 waarbij het cassatieberoep toelaatbaar wordt verklaard; Gelet op artikel 16 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door Auditeur M. STERCK, op grond van artikel 16 van voormeld koninklijk besluit; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen; Gelet op de beschikking van 9 juli 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 18 november 2009; XIV-30.794-1/3 Gehoord het verslag van Kamervoorzitter A. BEIRLAEN; Gehoord de opmerkingen van Advocaat L. BRACKE die, loco Advocaat C. DECORDIER verschijnt voor de verzoekende partij en van Advocaat V. VAN DER STEEN die, loco Advocaat T. HERMANS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het andersluidend advies van Auditeur M. VAN LIMBERGEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  3. Over de gegevens van de zaak. Overwegende dat de gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat : 1.
  4. XXX, van Afghaanse nationaliteit, heeft op 17 augustus 2007 een aanvraag om machtiging tot verblijf op basis van artikel 9 bis van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijde- ring van vreemdelingen (Vreemdelingenwet) ingediend. 1.
  5. Op 13 juni 2008 neemt de gemachtigde van de Minister van Migratie- en asielbeleid de beslissing waarbij de aanvraag om machtiging tot verblijf op basis van artikel 9bis onontvankelijk wordt verklaard. 1.
  6. XXX dient op 11 juli 2008 tegen deze beslissing een beroep tot nietigverklaring in bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen. Bij arrest nr. 17.841 van 28 oktober 2008 wordt de beslissing van 13 juni 2008 vernietigd.
  7. Over de ontvankelijkheid van het beroep. 2.
  8. Overwegende dat de verzoekende partij opkomt tegen een arrest van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen waarbij de door haar genomen weigeringsbeslis- sing van een aanvraag om machtiging tot verblijf op grond van artikel 9bis van de Vreemdelingenwet werd vernietigd; dat diezelfde verzoekende partij naar aanleiding van de terechtzitting bij brief van 15 oktober 2009 aan de Raad van State meedeelt dat zij aan de XIV-30.794-2/3 betrokken vreemdeling, thans verweerder, een B-kaart heeft afgeleverd geldig tot 24 september 2004; 2.
  9. Overwegende dat een “B-kaart” het verblijfsdocument betreft voorzien in bijlage 6 van het koninklijk besluit van 8 oktober 1981; dat dit document, getiteld “bewijs van inschrijving in het vreemdelingenregister”, wordt afgeleverd op grond van artikel 32, § 1, van voormeld koninklijk besluit, en aan de betrokken vreemdeling een onbeperkt recht op verblijf toekent; dat nu de verzoekende partij de betrokken vreemdeling inmiddels heeft gemachtigd tot verblijf voor onbepaalde duur, zij geen belang heeft bij een gebeurlijke vernietiging van het bestreden arrest waarbij een eerdere verblijfsweigering wordt vernietigd, BESLUIT: Artikel
  10. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  11. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op elf februari tweeduizend en tien, door : de HH. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, C. VERHAERT, griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. A. BEIRLAEN. XIV-30.794-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.776 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.