← België

Arrest 201450 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 02/03/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 02 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.450 Rolnummer: A. 194429/X-14451 Zaak: Arrest 201450 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 02/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-10 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-30 04:24 Fiche Arrest nr 201.450 van 2 maart 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 201.450 van 2 maart 2010 in de zaak A. 194.429/X-14.

  1. In zake : Kenneth GEES, die woonplaats kiest bij advocaten B. ROELANDTS en L. PROOT, kantoor houdende te 9000 GENT, Kasteellaan 141 tegen : de deputatie van de provincieraad van OOST-VLAANDEREN. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Kenneth GEES op 27 oktober 2009 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “het besluit van de deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 24 september 2009, waarbij het beroep van de heer Kenneth GEES tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van Aalst van 20 oktober 2008 houdende weigering van de vergunning tot het regularisatie van het herstellen van een bestaande keermuur en het wijzigen van het bodemreliëf op een perceel gelegen te Nieuwerkerken (Aalst), Bergstraat 36, kadastraal gekend onder Aalst, 13e afdeling, sectie C, nr. 32r, werd verworpen en de regularisatievergunning werd geweigerd”; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur R. VERCRUYSSEN, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 14 december 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 22 januari 2010; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; X-14.451-1/4 Gehoord de opmerkingen van advocaat C. LISON, die loco advocaten B. ROELANDTS en L. PROOT verschijnt voor de verzoekende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur R. VERCRUYSSEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  2. Ambtshalve dient te worden onderzocht of de Raad van State over de rechtsmacht beschikt om van onderhavig annulatieberoep kennis te nemen.
  3. Met het besluit van 15 mei 2009 van de Vlaamse regering houdende coördinatie van de decreetgeving op de ruimtelijke ordening worden de bepalingen van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening en van artikel 90bis van het bosdecreet van 13 juni 1990 gecoördineerd. De coördinatie draagt als opschrift “Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening” (hierna: VCRO). De coördinatie, en derhalve de VCRO, is in werking getreden op 1 september
  4. Artikel 4.8.1 en artikel 4.8.3, § 1 van de VCRO bepalen onder meer: “HOOFDSTUK VIII. - Raad voor vergunningsbetwistingen Afdeling
  5. - Oprichting Art. 4.8.
  6. Er wordt een Raad voor vergunningsbetwistingen opgericht, hierna de Raad te noemen. De Raad spreekt zich als administratief rechtscollege uit over beroepen die worden ingesteld tegen : 1/ vergunningsbeslissingen, zijnde uitdrukkelijke of stilzwijgende bestuurlijke beslissingen, genomen in laatste administratieve aanleg, betreffende het afleveren of weigeren van een vergunning; (...) Afdeling
  7. - Bevoegdheid Art. 4.8.
  8. §
  9. Zo de Raad vaststelt dat een bestreden vergunnings-, validerings- of registratiebeslissing onregelmatig is, vernietigt hij deze beslissing. Een beslissing is onregelmatig, wanneer zij strijdt met regelgeving, stedenbouwkundige voorschriften of beginselen van behoorlijk bestuur. (...)”. X-14.451-2/4 Uit de samenlezing van deze bepalingen moet worden besloten dat -behoudens andersluidende overgangsbepalingen- vanaf 1 september 2009 de Raad voor vergunningsbetwistingen (hierna: Rvv) het bevoegde administratieve rechtscollege is om van het voorliggend annulatieberoep kennis te nemen. Deze uitdrukkelijk door de decreetgever toegewezen bevoegdheid ontneemt de Raad van State de rechtsmacht die deze tot 31 augustus 2009 ter zake bezat.
  10. Vermits het administratief beroep van de verzoeker tegen de beslissing van 20 oktober 2008 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Aalst bij de verwerende partij werd ingediend op 8 december 2008, en de bestreden beslissing werd genomen op 24 september 2009, dient op de voorliggende zaak de overgangsbepaling, opgenomen in artikel 7.5.8, § 2, tweede lid van de VCRO betrokken te worden: “Beroepsdossiers die bij de deputatie werden betekend vóór 1 september 2009, doch waarover de deputatie op die datum nog niet heeft beslist, worden behandeld overeenkomstig de procedureregelen die golden voorafgaand aan die datum. De bekendmaking en de uitvoerbaarheid van de genomen beslissingen worden echter geregeld overeenkomstig artikel 4.7.23, § 2 tot en met §
  11. Die genomen beslissingen kunnen worden bestreden bij de Raad voor vergunningsbetwistingen op grond van de regelingen, vastgelegd bij of krachtens artikel 4.8.11 tot en met 4.8.27”. Deze bepaling stelt uitdrukkelijk dat de beslissingen van de deputatie “kunnen worden bestreden bij de Raad voor vergunningsbetwistingen op grond van de regelingen, vastgelegd bij of krachtens artikel 4.8.11 tot en met 4.8.27”. Artikel 7.5.8, § 6 van de VCRO bepaalt van zijn kant dat de Raad van State bevoegd blijft “om zich uit te spreken over de beroepen tot nietigverklaring (...), gericht tegen de vergunningsbeslissingen, vermeld in artikel 4.8.1, eerste lid (men leze: tweede lid), 1/ (dit wil zeggen vergunningsbeslissingen genomen in laatste administratieve aanleg, betreffende het afleveren of weigeren van een vergunning), die niet kunnen worden bestreden bij de Raad voor vergunningsbetwistingen ingevolge § 1 tot en met § 4”. Deze laatste bepaling kan niet met goed gevolg worden ingeroepen om de rechtsmacht van de Raad van State te dezen te verantwoorden -en de verzoekende partijen doen dit trouwens ook niet-, vermits de bepalingen vervat in § 1 tot en met § 4 van artikel 7.5.8 van de VCRO geenszins tot gevolg hebben dat X-14.451-3/4 de kwestieuze beslissing niet kan worden bestreden bij de Rvv, wel integendeel: artikel 7.5.8, § 2 van de VCRO maakt terzake precies expliciet de Rvv bevoegd.
  12. Uit het voorgaande volgt dat de toepasselijke decreetsbepalingen alleen kunnen doen besluiten tot het ontbreken van enige bevoegdheid in hoofde van de Raad van State om van het voorliggende annulatieberoep kennis te nemen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  13. Het beroep wordt verworpen. Artikel 2 De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twee maart 2010, door: de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-14.451-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.450 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.