id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.679 Rolnummer: A. 186179/X-13566 Zaak: Arrest 201679 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 08/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-18 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 04:26 Fiche Arrest nr 201.679 van 8 maart 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 201.679 van 8 maart 2010 in de zaak A. 186.179/X-13.
- In zake : de dienstverlenende vereniging INTERCOMMUNALE LEIEDAL, die woonplaats kiest bij advocaat D. DESMET, kantoor houdende te 8500 KORTRIJK, Groeningestraat 33 tegen : de deputatie van de provincieraad van WEST-VLAANDEREN. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat de dienstverlenende vereniging INTERCOMMUNALE LEIEDAL op 5 december 2007 heeft ingediend, en waarin zij de nietigverklaring vordert van het besluit van 20 september 2007 van de deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen houdende afgifte van de stedenbouwkundige vergunning voor het bouwen van een dieselstation op een perceel gelegen te Menen, Lar P-M, kadastraal bekend sectie C, nr. 678/a; Gelet op het arrest nr. 189.933 van 29 januari 2009 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verzoekende partij op 6 februari 2009; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; X-13.566-1/3 OVERWEEGT WAT VOLGT : De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit, aan de verzoekende partij melding gemaakt van artikel 17, § 4ter van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. Naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest. Op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1 zal de kamer de afstand van geding uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-13.566-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op acht maart 2010, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-13.566-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.679 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.933 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div