id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.875 Rolnummer: A. 194761/X-14472 Zaak: Arrest 201875 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 15/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-18 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 04:27 Fiche Arrest nr 201.875 van 15 maart 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE Xe KAMER nr. 201.875 van 15 maart 2010 in de zaak A. 194.761/X-14.
- In zake:
- Emiel GOOSSENS
- Paul GOOSSENS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Gert Buelens kantoor houdend te 2800 MECHELEN Nekkerspoelstraat 97 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 27 november 2009, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van 14 september 2009 van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar waarbij aan het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van Sint-Katelijne-Waver de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het renoveren van een bestaande hoeve te Sint-Katelijne-Waver, Deegmortels 6, kadastraal bekend sectie A, nrs. 418, 420/B, 421/G, 421/H en 422/B. II. Verloop van de rechtspleging
- Adjunct-auditeur Pierrot T’Kindt heeft een verslag, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 maart
- Kamervoorzitter Roger Stevens heeft verslag uitgebracht. X-14.472-1/5 Advocaat Liesbeth De Vleeschouwer, die loco advocaat Gert Buelens verschijnt voor de verzoekers, is gehoord. Gehoord adjunct-auditeur Pierrot T’Kindt, daartoe gemachtigd bij besluit van 1 september 2009 van de adjunct-auditeur-generaal, in zijn eensluidend advies. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Rechtsmacht van de Raad van State 3.
- Met betrekking tot de bevoegdheid van de Raad van State voeren de verzoekende partijen aan wat volgt: “II. BEVOEGDHEID
- De Raad van State is bevoegd om kennis te nemen van beroepen tot nietigverklaring tegen een stedenbouwkundige vergunning verleend in laatste administratieve aanleg. De Vlaamse Codex voor Ruimtelijke Ordening (VCRO), in werking getreden op 1 september 2009, voorziet weliswaar in de oprichting van een Raad voor Vergunningsbetwistingen (RVV) die zich als administratief rechtscollege zal uitspreken over beroepen tegen vergunningsbeslissingen zijnde beslissingen in laatste administratieve aanleg betreffende het afleveren of weigeren van een vergunning (artikel 4.8.
- VCRO). Deze RVV is tot op heden evenwel nog niet operationeel omdat er nog geen reglement van orde werd vastgesteld die de werking regelt (artikel 4.8.
- VCRO). Met name bepaalt artikel 4.8.17 §1 VCRO dat de griffier van de op te richten RVV elk inkomend verzoekschrift inschrijft op een register. Artikel 7.5.
- §5 VCRO bepaalt evenwel dat de griffier van de RVV inkomende verzoekschriften eerst inschrijft op het voornoemde register eens het reglement van orde van de RVV door de Vlaamse regering is bekrachtigd (hetgeen uiterlijk zou moeten gebeuren op 30 november 2009). Welnu, tot op heden werd er nog geen reglement van orde vastgesteld en/of bekrachtigd door de Vlaamse regering, zodat de rechtsonderhorige de RVV nog niet kan vatten met een beroep tot vernietiging. Hoewel op grond van artikel 7.5.
- §3 tweede lid VCRO de bestreden beslissing van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar aangevochten zou moeten worden voor de RVV, moet dus vastgesteld worden dat dit evenwel niet mogelijk is. Aangezien de RVV nog niet in werking is getreden blijft de bevoegdheid van de Raad van State om zich als hoogste administratieve rechtscollege uit te spreken over vergunningsbeslissingen in laatste administratieve aanleg onverlet (tot op het ogenblik dat de RVV in werking zal treden). Het annulatieberoep is dan ook ontvankelijk. Onder voorbehoud van alle rechten en zonder enige nadelige erkentenis hebben verzoekende partijen gelijktijdig met onderhavig annulatieberoep een X-14.472-2/5 beroep bij de RVV ingediend (niettegenstaande de RVV dit beroep dus niet zal kunnen behandelen aangezien er bij gebreke van reglement van orde geen zaken op de rol kunnen worden ingeschreven)”. 3.
- Ambtshalve dient te worden nagegaan of de Raad van State over de rechtsmacht beschikt om van het onderhavige annulatieberoep kennis te nemen. 3.
- Met het besluit van 15 mei 2009 van de Vlaamse regering houdende coördinatie van de decreetgeving op de ruimtelijke ordening worden de bepalingen van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening en van artikel 90bis van het bosdecreet van 13 juni 1990 gecoördineerd. De coördinatie draagt als opschrift “Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening” (hierna: VCRO). De coördinatie, en derhalve de VCRO, is in werking getreden op 1 september
- Artikel 4.8.1 en artikel 4.8.3, § 1 van de VCRO bepalen onder meer: “HOOFDSTUK VIII. - Raad voor vergunningsbetwistingen Afdeling
- - Oprichting Art. 4.8.
- Er wordt een Raad voor vergunningsbetwistingen opgericht, hierna de Raad te noemen. De Raad spreekt zich als administratief rechtscollege uit over beroepen die worden ingesteld tegen : 1/ vergunningsbeslissingen, zijnde uitdrukkelijke of stilzwijgende bestuurlijke beslissingen, genomen in laatste administratieve aanleg, betreffende het afleveren of weigeren van een vergunning; (...) Afdeling
- - Bevoegdheid Art. 4.8.
- §
- Zo de Raad vaststelt dat een bestreden vergunnings-, validerings- of registratiebeslissing onregelmatig is, vernietigt hij deze beslissing. Een beslissing is onregelmatig, wanneer zij strijdt met regelgeving, stedenbouwkundige voorschriften of beginselen van behoorlijk bestuur. (...)”. Uit de samenlezing van deze bepalingen moet worden besloten dat -behoudens andersluidende overgangsbepalingen- vanaf 1 september 2009 de Raad voor vergunningsbetwistingen (hierna : Rvv) het bevoegde administratieve rechtscollege is om van het voorliggend annulatieberoep kennis te nemen. Deze uitdrukkelijk door de decreetgever toegewezen bevoegdheid ontneemt de Raad van State de rechtsmacht die deze tot 31 augustus 2009 ter zake bezat. Vermits de vergunningsaanvraag van de verzoekende partijen bij de verwerende partij werd ingediend op 6 april 2009, en de bestreden beslissing X-14.472-3/5 werd genomen op 14 september 2009, dient op de voorliggende zaak de overgangsbepaling, opgenomen in artikel 7.5.8, § 3, tweede lid van de VCRO betrokken te worden. Deze bepaling stelt uitdrukkelijk dat de beslissingen van de gewestelijke stedenbouwkundige ambtenaar “kunnen worden bestreden bij de Raad voor vergunningsbetwistingen op grond van de regelingen, vastgelegd bij of krachtens artikel 4.8.11 tot en met 4.8.25”. Artikel 7.5.8, § 6 van de VCRO bepaalt van zijn kant dat de Raad van State bevoegd blijft “om zich uit te spreken over de beroepen tot nietigverklaring (...), gericht tegen de vergunningsbeslissingen, vermeld in artikel 4.8.1, eerste lid (men leze: tweede lid), 1/ (dit wil zeggen vergunningsbeslissingen genomen in laatste administratieve aanleg, betreffende het afleveren of weigeren van een vergunning), die niet kunnen worden bestreden bij de Raad voor vergunningsbetwistingen ingevolge § 1 tot en met § 4”. Deze laatste bepaling kan niet met goed gevolg worden ingeroepen om de rechtsmacht van de Raad van State te dezen te verantwoorden -en de verzoekende partijen doen dit trouwens ook niet-, vermits de bepalingen vervat in § 1 tot en met § 4 van artikel 7.5.8 van de VCRO geenszins tot gevolg hebben dat de kwestieuze beslissing niet kan worden bestreden bij de Rvv, wel integendeel: artikel 7.5.8, § 3 van de VCRO maakt terzake precies expliciet de Rvv bevoegd. De niet-inschrijving, op grond van artikel 7.5.8, § 5 van de VCRO, van inkomende verzoekschriften op het register bedoeld in artikel 4.8.17, § 1, eerste lid van de VCRO ten gevolge van het ontbreken van het reglement van orde van de Rvv wordt door artikel 7.5.8, § 6 van de VCRO niet vermeld als een geval waarin, in weerwil van de principiële bevoegdheid te dezen van de Rvv vanaf 1 september 2009, de Raad van State “bevoegd (blijft) om zich uit te spreken” over de beroepen tot nietigverklaring, gericht tegen de vergunningsbeslissingen. Uit het voorgaande volgt dat de toepasselijke decreetsbepalingen alleen kunnen doen besluiten tot het ontbreken van enige bevoegdheid in hoofde van de Raad van State om van het voorliggende annulatieberoep kennis te nemen. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekers worden verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 350 euro, ieder voor de helft. X-14.472-4/5 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van vijftien maart 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier. De griffier De voorzitter Silvan De Clercq. Roger Stevens. X-14.472-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.875 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div