← België

Arrest 201966 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 17/03/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.966 Rolnummer: A. 193886/X-14377 Zaak: Arrest 201966 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 17/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-23 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 04:28 Fiche Arrest nr 201.966 van 17 maart 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : Verwerping Bevolen bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 201.966 van 17 maart 2010 in de zaak A. 193.886/X-14.

  1. In zake: Michiel DE WEVER bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pieter Jongbloet kantoor houdend te 1000 BRUSSEL Jan Jacobsplein 5 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Paul Aerts kantoor houdend te 9000 GENT Coupure 5 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
  2. De vordering, ingesteld op 7 september 2009, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van 19 juni 2009 van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen”. II. Verloop van de rechtspleging
  3. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Auditeur Ann Eylenbosh heeft een verslag opgesteld. Met toepassing van artikel 90, § 1, vierde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, is de zaak verwezen naar een kamer met drie leden. X-14.377-1/15 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 februari
  4. Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Pieter Jongbloet, die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Paul Aerts, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Ann Eylenbosch heeft een met dit arrest andersluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  5. III. Feiten 3.
  6. Op 23 augustus 2007 grijpt de plenaire vergadering plaats over het voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (hierna: GRUP) “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen”. Op het bij koninklijk besluit van 3 oktober 1979 vastgestelde gewestplan Antwerpen is te Kontich een industriegebied Satenrozen voorzien, waarvan het grootste gedeelte is aangeduid als gebied voor ambachtelijke bedrijven en voor kleine en middelgrote ondernemingen. Tussen de zuidelijk grens van dit gebied en de expresweg N171 bevindt zich een door hetzelfde plan afgebakende groenstrook met een diepte van ongeveer 50 meter. Ten zuiden van deze groenstrook bevindt zich een agrarisch gebied waardoor het oostelijke gedeelte van de straat Keizershoek loopt. De verzoeker woont aan de zuidzijde van de Keizershoek, in de buurt van het kruispunt van deze straat met de voornoemde expresweg. In het voorontwerp wordt het hiervoor genoemde industriegebied, de hiervoor genoemde groenstrook evenals het voornoemde agrarisch gebied tot aan de Varenbroeckstraat bestemd tot gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek. In de toelichtingsnota bij het voorontwerp wordt met betrekking tot dit bedrijventerrein het volgende gesteld: X-14.377-2/15 Milderende maatregelen en Doorwerking in het RUP randvoorwaarden De voorziene bufferzone en de De groene buffer van 30 meter wordt bouwvrije zone langs de E19 bieden verordenend vastgelegd aan de rand mogelijkheden tot ecotoopcreatie en van de gehele zuidelijke landschappelijke integratie. Dit kan bedrijvenzone echter in belangrijke mate geoptimaliseerd worden door het doortrekken van de buffer langs de volledige westzijde van het zuidelijk planelement 3.
  7. Op 16 juni 2008 keurt de dienst Veiligheidsrapportage van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie het ruimtelijk veiligheidsrapport over het voornoemde voorontwerp goed. 3.
  8. Op 25 augustus 2008 keurt de dienst Milieueffectrapportage van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie het plan-milieueffectenrapport (hierna: plan-MER) over het voornoemde voorontwerp goed. In deel 2 “woongebieden, bedrijventerreinen, grootstedelijke functies en openruimtegebieden” van dit rapport wordt het volgende gesteld: “I. Bespreking per discipline (...)
  9. Discipline Geluid (...) 2.3.2.25 5B. Regionaal bedrijventerrein Satenrozen – Keizershoek Huidige toestand (...) Ten zuiden van de N171 zijn er aan aantal woningen verspreid gelegen. Hoofdzakelijk de E19 en ook de gewestweg N171 bepalen het omgevingsgeluid. Voor het meetpunt 5B z 1, gelegen dicht tegen (het) op - en afrittencomplex te Kontich (Keizershoek) bedroeg het LA95-niveau zelfs meer dan 55 dB(A). Voor meetpunt 5B z 2 - gelegen op grotere afstand van de E19 - wordt de milieukwaliteitsnorm ook niet gerespecteerd. Voor de woningen die verderop in de de Keizershoek zijn gelegen is de invloed van de E19 wat minder, maar toch blijft het LA95 nog tamelijk hoog. Milieueffecten planelement 5B Voor de uitbreiding van het bedrijventerrein - en dit voornamelijk ten zuiden van de expressweg N171 - is de ontsluiting voorzien op de N171, die aansluit op de E19 ter hoogte van de verkeerswisselaar ‘Kontich’. Alhoewel de juiste locatie van de aansluiting op de N171 nog niet gekend is, zal er toch een negatief effect optreden ter hoogte van de woningen in de Keizershoek. Indien deze woningen behouden blijven is het noodzakelijk dat de nodige buffering (geluidsschermen, gronddam, enz) voorzien wordt niet alleen voor het X-14.377-3/15 wegverkeer (ontsluitingsweg bedrijventerrein en N171), maar ook voor het specifiek geluidsniveau van de nieuwe bedrijven. (...)
  10. Discipline Lucht (...) 3.5.5.3 Planelement 5B: regionaal bedrijventerrein Satenrozen - Keizershoek (...) De belangrijkste wegen in de omgeving van het regionaal bedrijventerrein zijn: - E19; - Expresweg. (...) Op korte afstand van deze wegen wordt niet voldaan aan de kwaliteitsdoelstelling voor lucht. De afstand tot deze wegen waar de immissieconcentraties terugvallen op niveaus die voldoen aan de kwaliteitsdoelstellingen zijn: - E19: 300 m; - Expressweg: 50 m; Bijkomende emissies De geplande bedrijvigheden hebben een belangrijk verkeersgenererend karakter en zullen bijkomende verkeersemissies veroorzaken. De industriële emissies zijn potentieel belangrijk en afhankelijk van bedrijvigheden die zich op het bedrijventerrein zullen vestigen. Receptoren In de omgeving van het bedrijventerrein zijn enkele woningen aanwezig. (...) Milderende maatregelen De volgende milderende maatregelen kunnen worden genomen. Het gaat hierbij om algemene aanbevelingen om de luchtkwaliteit niet negatief te beïnvloeden. Deze maatregelen zijn algemeen geldig, maar kunnen moeilijk in stedenbouwkundige voorschriften vertaald worden. Dit neemt niet weg dat ze blijven gelden als aandachtspunten bij de realisatie van bedrijvigheid: - gezien de aanwezigheid van woningen in de onmiddellijke omgeving zijn activiteiten die belangrijke luchtemissies veroorzaken niet gewenst; - voldoende hoge afgaskanalen (Vlarem II); - zonering: hinderlijke bedrijven zo ver mogelijk van de woningen; - streven naar een harmonisatie van het verkeer op de wegen; (...) Satenrozen - Keizershoek (5B) structuur- en relatiewijzigingen Het verlies van landbouwgebied (zuidelijk deel) als onderdeel van een groter geheel komt niet ten goede van de landschappelijke waarde van het gebied. Het gaat anderzijds wel over een gebied dat momenteel al is aangetast op vlak van landschappelijke waarde ten gevolge van de aanleg van de E19 en N171 en de verschillende grootschalige landbouwinfrastructuren (serres, stallen ed). Op basis hiervan wordt een significante negatieve score toegekend. Voor de Mandoersebeek die door het deelgebied stroomt, wordt als milderende maatregel voorgesteld om in het RUP een strook af te baken voor oeverbeplanting en hier uitsluitend ingrepen toe te laten in functie van landschaps- en natuurbeheer. wijziging perceptieve kenmerken Het zuidelijk deel wordt momenteel gekenmerkt door verzichten over het open landschap, enkele perceels- en laanbeplantingen en verspreide bebouwing (landbouwbedrijven met loodsen, serres en woningen). De E19 is vanwege zijn licht verhoogde ligging beeldbepalend. Het negatieve effect zal hierdoor matig zijn. Een goede landschappelijke integratie (...) naar de open ruimte toe (westen en zuiden) is noodzakelijk. X-14.377-4/15 II. Synthese van de milieueffecten (...) II.2.3.Planelement regionaal bedrijventerrein Satenrozen-Keizershoek (5B) Ook dit planelement omvat een aanzienlijke uitbreiding van bedrijvigheid aansluitend op bestaande bedrijvigheid en brengt bijgevolg belangrijke milieueffecten met zich mee. Het verkeersgenererend effect van het planelement vormt niet direct een probleem inzake doorstroming. Wel zijn er een aantal belangrijke aandachtspunten op mobiliteitsvlak voor de inrichting en ontsluiting van het gebied: - veilige oplossing voor het kruispunt ‘nieuwe ontsluitingsweg’ - N171 (cfr. Streefbeeld N171); - uitbreiden aanbod aan openbaar vervoer en/of de opmaak van een bedrijfsvervoerplan; - voorzien van een voldoende veilige en comfortabele fietsinfrastructuur in het deelgebied en in de nabije omgeving ervan. De woonkwaliteit van de aanwezige woningen in het gebied en in de onmiddellijke nabijheid vormt een zeer belangrijk aandachtspunt. Indien de woningen in het gebied niet worden onteigend, zijn maatregelen noodzakelijk om de leefbaarheid ervan te garanderen. Behoud van deze woningen lijkt evenwel niet wenselijk. De woningen in de nabije omgeving (Keizershoek) kunnen aanzienlijke hinder ondervinden van de verkeersgeneratie ten gevolge van de bedrijvigheid. Ook hier zijn milderende maatregelen noodzakelijk zoals minimale verkeersafwikkeling langsheen deze woningen, voorzien van afdoende buffering, ... Het R.U.P. voorziet een zone langs de woningen die niet bebouwd mag worden (wel verhard). Als milderende maatregel wordt voorgesteld om de overgangszone verplicht aan te planten met heesters en hoogstammen. Daarnaast is geen bedrijvigheid gewenst die overmatige luchtemissies veroorzaakt en is een milieuzonering aangewezen zodat de meest hinderlijke bedrijven zover mogelijk van de woningen worden ingeplant. (...) Uit het RVR is tenslotte gebleken dat de ontwikkeling van Seveso-bedrijven in het gebied kan, maar dat dit beperkingen oplevert naar toekomstige woonontwikkelingen in omgeving en vice-versa”. 3.
  11. Op 5 september 2008 stelt de Vlaamse regering het ontwerp ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen” voorlopig vast. In het ontwerp GRUP (plan 13) reikt het gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek tot aan de Varenbroeckstraat, die ongeveer een kilometer zuidelijker ligt dan de straat Keizershoek. 3.
  12. Ter gelegenheid van het openbaar onderzoek, dat wordt georganiseerd van 6 oktober 2008 tot en met 4 december 2008, dient de verzoeker een bezwaarschrift in, waarin onder meer het volgende wordt gesteld: “De Vlaamse Regering heeft op 5 september 2008 het RUP ‘afbakening van het grootstedelijk gebied Antwerpen’ voorlopig vastgesteld met daarin een gemengd regionaal bedrijventerrein Saterozen - Keizershoek (plan 13 - Kontich en Rumst) X-14.377-5/15 Met deze brief wil ik met klem protesteren tegen deze beslissing. Ik verzet mij tegen dit uitvoeringsplan om volgende redenen: 1) Als eigenaar zochten wij een huis in de omgeving van Antwerpen in een landelijk omgeving, wij hebben dit 4 jaar geleden gevonden in de Keizershoek 279 in Kontich. Een mooie rustieke hoeve van de jaren ‘1830’ midden in de weide. Wij zijn toen (...) naar de gemeente en het Vlaams Gewest moeten gaan voor de bouwvergunning in orde te brengen. Toen hebben zij, zowel bij Gemeente als bij Vlaams Gewest, ons daar uitdrukkelijk gezegd dat dit agrarisch gebied was en dat geen enkele verandering aan bouwplan mogelijk was omdat het agrarisch gebied was (bvb voor zwembad). En nu plotseling zou bestemming van grond veranderen naar industriegebied 2) Wij wonen in een hoeve met een prachtige zicht op weide (...) dit zou een enorme schade zijn voor ons want wij zouden volledig omsingeld zijn door industrieterrein zowel aan voordeur, voorgevel en hof (...) 9) In Kontich zij er genoeg bedrijventerreinen die nog niet bebouwd zijn en daarbij van degene die bebouwd zijn, zijn er veel sinds lange tijd niet bezet (...) 10) Er zijn in Antwerpen genoeg terreinen beschikbaar 11) Het industrieterrein zou ingesloten zijn tussen de woonzonnes 12) Eigenaars en boeren hebben daar onlangs veel geïnvesteerd (min 5 huizen het laatste jaar + nieuwe stallen enz.) zonder dat er door gemeente of Vlaams Gewest verwittiging is geweest van verandering. Integendeel men heeft de mensen gemotiveerd om te bouwen en te verbouwen. De gemeente heeft zo informatie doorgegeven dat een deel van Express weg zou bestemd zijn voor ludieke activiteit zoals in Kontich. En er is door gemeente aangekondigd geweest dat men een rondpunt zou bouwen op express weg om verkeer van Keizerhoek te verplaatsen”. 3.
  13. Bij ministerieel besluit van 28 januari 2009 wordt de termijn waarover de Vlaamse commissie voor ruimtelijke ordening (hierna: de VLACORO) beschikt om advies uit te brengen over het ontwerp GRUP met 30 dagen verlengd. 3.
  14. Op 8 april 2009 brengt de VLACORO advies uit. De VLACORO adviseert ongunstig voor de in het ontwerp voorziene uitbreiding van het in het gewestplan voorziene industriegebied Satenrozen. 3.
  15. Op 28 mei 2009 brengt de Raad van State, afdeling wetgeving, advies uit over het ontwerp van besluit. 3.
  16. Bij besluit van de Vlaamse regering van 19 juni 2009 wordt het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan ‘Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen’ definitief vastgesteld. Dit is het bestreden besluit. De stedenbouwkundige voorschriften voor het gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek luiden als volgt: X-14.377-6/15 “Artikel 5B.
  17. Gemengd regionaal bedrijventerrein 5B.1.
  18. Het bedrijventerrein is bestemd voor regionale bedrijven met de volgende hoofdactiviteiten: - productie, opslag en verwerking van goederen - productie van energie - onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten - op- en overslag, voorraadbeheer, groepage, fysieke distributie en groothandel; Volgende activiteiten zijn niet toegelaten: - kleinhandel - agrarische productie - autonome kantoren - afvalverwerking met inbegrip van recyclage - verwerking en bewerking van mest of slib - verwerking en bewerking van grondstoffen met inbegrip van delfstoffen 5B.1.
  19. Alle werken, handelingen en wijzigingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming zijn toegelaten voor zover ze rekening houden met zuinig ruimtegebruik. Daarbij wordt minstens aandacht besteed aan: - het optimaal gebruiken van de percelen, echter rekening houdend met de verplichtingen inzake veiligheid; - de mogelijkheid om bepaalde diensten onder te brengen in gemeenschappelijke gebouwen op het bedrijventerrein; - het groeperen en organiseren op het bedrijventerrein van parkeermogelijkheden voor de gebruikers en bezoekers 5B.1.
  20. Gemeenschappelijke en complementaire voorzieningen, inherent aan het functioneren van het regionale bedrijventerrein, zijn toegelaten. 5B.1.
  21. Kantoren en toonzalen met beperkte vloeroppervlakte, ondergeschikt en gekoppeld aan de productieactiviteit van individuele bedrijven, zijn toegelaten voor zover die activiteiten geen loketfunctie hebben en geen autonome activiteiten uitmaken. De toonzalen mogen maximaal 10% van de gelijkvloerse bebouwde oppervlakte innemen, ongeacht op welk niveau de toonzalen worden ingericht, en de toonzaaloppervlakte mag maximaal 500 m² zijn. 5B.1.
  22. Inrichtingen voor de huisvesting van bewakingspersoneel van maximaal 200 m² vloeroppervlakte, geïntegreerd in het bedrijfsgebouw, zijn toegelaten. Indien het noodzakelijk is voor de veiligheid van het bewakingspersoneel is de niet-integratie toegelaten. 5B.1.
  23. De minimale perceelsoppervlakte bedraagt 5000 m². Uitzonderingen zijn toegestaan voor: - percelen met bestaande stedenbouwkundig vergunde bedrijfsgebouwen binnen de zone; - percelen met bedrijven die gemeenschappelijke en complementaire voorzieningen verzorgen; - percelen met bedrijfsverzamelgebouwen; - een beperkt aantal percelen die omwille van de globale inrichting van het bedrijventerrein een kleinere terreinoppervlakte verkrijgen; - percelen met aaneengesloten gebouwen of gebouwen die architectonisch een geheel vormen maar voor verschillende bedrijven bestemd zijn. 5.B.1.
  24. Elke aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning zal worden beoordeeld aan de hand van volgende criteria: - zorgvuldig ruimtegebruik - een kwaliteitsvolle aanleg van het plangebied en afwerking van de bedrijfsgebouwen Minimaal volgende inrichtingsprincipes dienen gerespecteerd te worden: X-14.377-7/15 - het bouwen van meerdere lagen en het maximaal groeperen van gebouwen waar de bedrijfsactiviteit dit toelaat - parkeren wordt gegroepeerd voor verschillende bedrijven of geïncorporeerd in het bedrijfsgebouw voor zover het beheer dit toelaat 5B.1.
  25. Bij vergunningsaanvragen voor een project dat een terreinoppervlakte beslaat vanaf 1 ha wordt een inrichtingsstudie gevoegd. De inrichtingsstudie is een informatief document voor de vergunningverlenende overheid met het oog op het beoordelen van de vergunningsaanvraag in het kader van de goede ruimtelijke ordening en de stedenbouwkundige voorschriften voor het gebied. De inrichtingsstudie geeft ook aan hoe het voorgenomen project zich verhoudt tot wat al gerealiseerd is in het gebied en/of tot de mogelijke ontwikkeling van de rest van het gebied. De inrichtingsstudie maakt deel uit van het dossier betreffende de aanvraag van stedenbouwkundige vergunning en wordt als zodanig meegestuurd aan de adviesverlenende instanties overeenkomstig de toepasselijke procedure voor de behandeling van de aanvragen. Elke nieuwe vergunningsaanvraag kan een bestaande inrichtingsstudie of een aangepaste of nieuwe inrichtingsstudie bevatten. 5B.1.
  26. In het gebied zijn eveneens toegelaten, voor zover de hoofdbestemming niet in het gedrang komt, voor zover in overeenstemming met of aangewezen in de watertoets, alle werken, handelingen en wijzigingen in functie van het bereiken van de randvoorwaarden die nodig zijn voor het behoud van de watersystemen en het voorkomen van wateroverlast buiten de natuurlijke overstromingsgebieden toegelaten voor zover de technieken van de natuurtechnische milieubouw gehanteerd worden. 5B.1.
  27. Tot een vergunning verleend is voor de realisatie van de bestemming zijn per perceel de handelingen, voorzieningen en inrichtingen toegelaten die nodig of nuttig zijn voor wonen in bestaande woningen en voor de landbouwbedrijfsvoering van de bestaande landbouwbedrijven en voor de bestaande bedrijven met aan de landbouw toeleverende, verwerkende en dienstverlenende activiteiten. In overdruk 5B.1.
  28. Tussen het regionaal bedrijventerrein en de bestaande woningen langs de Pierstraat en Keizershoek wordt een zone voor niet hinderlijke bedrijfsactiviteiten voorzien zoals aangeduid op het grafisch plan. In de zone aangeduid met deze overdruk zijn enkel groenvoorzieningen toegelaten. Deze bepaling geldt niet voor de delen van de overdruk waar vergunde bedrijfsgebouwen gesitueerd zijn. Deze bedrijfsgebouwen kunnen verbouwd worden binnen het bestaande volume. Indien ze herbouwd of uitgebreid worden kunnen enkel groenvoorzieningen toegelaten worden binnen deze zone”. In het door het bestreden besluit vastgestelde GRUP (plan 13) vormt de oostzijde van de straat Keizershoek de grens tussen het door het bestreden besluit vastgestelde gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek ten noorden en het door het gewestplan vastgestelde agrarisch gebied ten zuiden. Langs de met de straat Keizershoek samenvallende grens van het gemengd regionaal bedrijventerrein is geen overdruk in de zin van het hiervoor geciteerde artikel 5B.1.
  29. voorzien. X-14.377-8/15 In de toelichtingsnota bij het GRUP wordt verduidelijkt hoe de in het plan-MER met betrekking tot het gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek voorgestelde milderende maatregelen doorwerken in het GRUP: “ milderende maatregelen en doorwerking in het R.U.P. randvoorwaarden de woonkwaliteit van de aanwezige - gelet op de beperkte uitbreiding woningen in het gebied en in de worden geen bestaande woningen onmiddellijke nabijheid vormt een onteigend zeer belangrijk aandachtspunt. Indien de woningen in het gebied niet worden onteigend, zijn maatregelen noodzakelijk om de leefbaarheid ervan te garanderen. Behoud van deze woningen lijkt evenwel niet wenselijk. De woningen in de nabije omgeving (Keizershoek) kunnen aanzienlijke hinder ondervinden van de verkeersgeneratie ten gevolge van de bedrijvigheid. Ook hier zijn milderende maatregelen noodzakelijk zoals minimale verkeersafwikkeling langsheen deze woningen, voorzien van afdoende buffering, ... het R.U.P. voorziet een zone langs de - de overgang tussen de woningen die niet bebouwd mag bedrijventerreinen en de bestaande worden (wel verhard). Als milderende woningen langs de Pierstraat en maatregel wordt voorgesteld om de Keizershoek is vrij abrupt, er is geen overgangszone verplicht aan te buffering voorzien die de overgang planten met heesters en hoogstammen tussen de grootschalige bebouwing en de woningen verzacht. Aangezien de bedrijfsgebouwen vrij dicht tegen de woningen en de tuinen zijn gebouwd, is de realisatie van een klassieke groene buffer (meestal 20 à 30 meter) niet mogelijk. Er wordt daarom een overgangszone verordenend voorgesteld die de impact van de bedrijfsgebouwen op de woningen moet beperken. In deze zone van 10 meter breedte worden enkel nog groenvoorzieningen toegelaten en geen grootschalige gebouwen meer X-14.377-9/15 gezien de aanwezigheid van - de milieuzonering wordt niet woningen in de onmiddellijke opgenomen in gewestelijke omgeving zijn alleen activiteiten stedenbouwkundige voorschriften. gewenst die geen overmatige Dergelijke overwegingen en luchtemissies veroorzaken en is een randvoorwaarden dienen bij de milieuzonering zodanig dat de meest milieuvergunningsaanvraag hinderlijke bedrijven het verst van de vastgelegd te worden woningen gelegen zijn, aangewezen in hoofdstuk 3.2 van het Ruimtelijk - Seveso-inrichtingen kunnen op dit Veiligheidsrapport werd de bedrijventerrein worden toegelaten risicozonering van de geplande voor zover de externe risico’s bedrijventerreinen onderzocht. Voor verbonden aan de gevaarlijke Seveso- dit projectgebied wordt stoffen in de inrichting voldoen aan geconcludeerd dat Seveso- de in Vlaanderen geldende inrichtingen kunnen worden risicocriteria. Er wordt informatief toegelaten. Een mogelijk beperkende opgenomen dat de weergave van de factor zijn de woonzones met risicocontouren in het RVR een landelijk karakter ten oosten en ten evaluatie van de westen van het projectgebied locatiemogelijkheden voor Seveso- aangezien er volgens de voorschriften inrichtingen mogelijk maakt. kwetsbare functies kunnen worden - om de realisatie van Seveso- gerealiseerd inrichtingen maximaal te ondersteunen wordt in het voorschrift woongebied (voor de aangrenzende woonlinten) opgenomen dat de realisatie van kwetsbare functies niet is toegelaten (m.a.w. scholen, ziekenhuizen, rust- en verzorgingstehuizen). Dit is , gelet op het karakter van deze woonlinten sowieso evident ”. IV. Ontvankelijkheid van de vordering
  30. De verwerende partij werpt het gemis aan het rechtens vereiste belang in hoofde van de verzoeker op om het bestreden besluit in zijn totaliteit aan te vechten. In zijn verzoekschrift stelt de verzoeker het volgende: “Beroeper woont aan de Keizershoek 279 te 2550 Kontich. Het gedeelte van de Keizershoek waar beroeper woont is gelegen bezuiden de N
  31. Beide zijden van de Keizershoek aldaar zijn gelegen in landbouwgebied, dus ook beroepers woning. Vanop zijn eigendom kijkt beroeper momenteel uit over de akkers die gelegen zijn ten noordoosten, aan de andere zijde van de Keizershoek. Gelet op het volstrekt agrarische karakter van de buurt is de keizershoek ter plaatse zeer luw. Het ontwerp-Rup dat aanleiding heeft gegeven tot het bestreden besluit voorzag in een enorme uitbreiding in zuidelijke richting van het bestaande kmo-gebied (S)atenrozen, waardoor ook beroepers eigendom in dit nieuw regionale bedrijventerrein zou komen te liggen zijn. X-14.377-10/15 De Vlacoro adviseerde deze uitbreiding negatief en stelde dat het regionale bedrijventerrein diende te worden voorzien binnen de contouren van het huidige kmo-( en gedeeltelijk industrie) gebied. Ingevolge het negatieve advies van de VLACORO, werd de voorziene uitbreiding ingekrimpt, waardoor beroepers woning buiten het aanvankelijk geplande regionale bedrijventerrein ( en overigens ook buiten het grootstedelijk gebied Antwerpen) kwam te liggen. De geplande uitbreiding werd in het bestreden besluit echter gehandhaafd voor het gedeelte gelegen tussen de N 171 en het traject van de Keize(r)shoek waar beroeper woont. Hierdoor wordt zijn onmiddellijke omgeving tot regionaal bedrijventerrein herbestemd. Gelet op de overlast die deze herbestemming kan meebrengen, heeft beroeper aldus, hoewel niet opgenomen binnen de perimeter van het grootstedelijk gebied Antwerpen, toch een evident belang om het bestreden besluit aan te vechten. Beroepers hebben dus een evident belang bij het aanvechten van dit besluit”. Gelet op de opdeling van het betrokken GRUP in deelprojecten naast de vastlegging van de grenslijn, en op het duidelijk afgebakend belang van de verzoekende partij zoals uiteengezet in haar verzoekschrift, moet vastgesteld worden dat een partiële schorsing, beperkt tot het deelproject 5B gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek, mogelijk is zonder afbreuk te doen aan de algemene economie van het plan. De exceptie is gegrond. De vordering tot schorsing is slechts ontvankelijk in zover zij het deelproject 5B gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek betreft. V. Onderzoek van de vordering
  32. Overeenkomstig artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot de schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. A. Ernst van het tweede onderdeel van het derde middel
  33. Standpunt van de partijen 5.1.
  34. In het verzoekschrift wordt als tweede onderdeel van het derde middel het volgende aangevoerd: X-14.377-11/15 “Derde middel, genomen uit de schending van het motiveringsbeginsel als Algemeen Beginsel van Behoorlijk Bestuur, (...) en doordat, tweede onderdeel, met betrekking tot het (in het Rup weerhouden gedeelte van) gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen Keizershoek, de voorheen op het gewestplan aangeduide bufferzones worden geschrapt of gereduceerd tot 10 m. en er op het uitgebreid gedeelte tot aan de Keizershoek geen bufferzones worden voorzien, Terwijl, het plan-Mer op p. 102 van zijn Deel II met betrekking tot dit deelgebied wegens het niet halen van de luchtimmissienormen een bufferzone oplegt van 300 m. langs de E 19 en 50 m. langs de N171 evenals het voorzien van voldoende hoge gaskanalen voor de in te planten bedrijven, het voorzien van voldoende buffers en een zo groot mogelijke afstand tussen bedrijven en woningen, En terwijl, noch uit de toelichtende nota bij het bestreden besluit noch uit de bestemmingsvoorschriften met betrekking tot dit deelgebied blijkt dat er bij de vaststelling van het bestreden besluit met de opmerkingen uit het plan-Mer met betrekking tot dit deelgebied werd rekening gehouden, En terwijl, uit artikel 4.2.11 §3 van het Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid volgt dat bij de voorbereiding en voor de vaststelling of onderwerping van het plan of programma aan de wetgevingsprocedure met het overeenkomstig artikel 4.2.10 van het decreet goedgekeurde Plan-Mer rekening moet worden gehouden”. 5.1.
  35. In haar nota beantwoordt de verwerende partij het middelonderdeel als volgt: “Tweede onderdeel heeft betrekking op het gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen-Keizershoek. Verwerende partij wijst erop dat in het plan-MER met betrekking tot het regionaal bedrijventerrein Satenrozen-Keizershoek als milderende maatregelen worden voorgesteld : ‘De volgende milderende maatregelen kunnen worden genomen. Het gaat hierbij om algemene aanbevelingen om de luchtkwaliteit niet negatief te beïnvloeden. Deze maatregelen zijn algemeen geldig, maar kunnen moeilijk in stedenbouwkundige voorschriften vertaald worden. Dit neemt niet weg dat ze blijven gelden als aandachtspunten bij de realisatie van bedrijvigheid : * gezien de aanwezigheid van woningen in de onmiddellijke omgeving zijn activiteiten die belangrijke luchtemissies veroorzaken niet gewenst; * voldoende hoge afkaskanalen (VLAREM II); * zonering : de hinderlijke bedrijven zo ver mogelijk van de woningen; * streven naar een harmonisatie van het verkeer op de wegen; (Plan-MER - deel II -pagina 102 van 244)’. Bovendien wordt er in de toelichtingsnota (pagina 183/é) erop gewezen dat alhoewel voorzien op het gewestplan geen echte buffering tussen beide functies aanwezig is. ‘De bestaande KMO-zone ten noorden van de N171 is volledig ingenomen. Een deel van het terrein is bestemd als industrieterrein en een deel als KMO-zone. Deze tweedeling kan men ook waarnemen aangezien er zowel lokale bedrijven (bouwbedrijven, garages, ... met een grootteorde 2500 m²) als regionale bedrijven (productie, distributie, ...) met grootteorde 4500 tot 15000 m²) voorkomen. De lokale en de regionale bedrijven zitten echter door elkaar zodat de zonering van het gewestplan eigenlijk achterhaald is. Aansluitend op de bestaande bedrijven komen er langs de Pierstraat en Keizershoek woningen X-14.377-12/15 voor. Alhoewel voorzien op het gewestplan is er geen echte buffering tussen beide functies aanwezig. De overgang tussen beide gebouwentypes is vrij abrupt en in de praktijk ook moeilijk te realiseren aangezien ze deels met elkaar vergroeid zijn’. (Toelichtingsnota pagina 183/é). De milderende maatregelen die ruimtelijk vertaalbaar zijn worden ook in de verordenende stedenbouwkundige voorschriften opgenomen. ‘- De overgang tussen de bedrijventerreinen en de bestaande woningen langs de Pierstraat en Keizershoek is vrij abrupt, er is geen buffering voorzien die de overgang tussen de grootschalige bebouwing en de woningen verzacht. Aangezien de bedrijfsgebouwen vrij dicht tegen de woningen en de tuinen zijn gebouwd, is de realisatie van een klassieke groene buffer (meestal 20 à 30 meter) niet mogelijk. Er wordt daarom een overgangszone verordenend voorgesteld die de impact van de bedrijfsgebouwen op de woningen moet beperken. In deze zone van 10 meter breedte worden enkel nog groenvoorzieningen toegelaten en geen grootschalige gebouwen meer. - De milieuzonering wordt niet opgenomen in gewestelijke stedenbouwkundige voorschriften. Dergelijke overwegingen en randvoorwaarden dienen bij de milieuvergunning vastgelegd te worden.’ (Zie toelichtingsnota pagina 185/é)”.
  36. Beoordeling 5.2.
  37. In het middelonderdeel wordt met betrekking tot het gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek aangeklaagd dat noch uit de toelichtende nota, noch uit de bestemmingsvoorschriften blijkt waarom de voorheen op het gewestplan aangeduide bufferzones worden geschrapt of gereduceerd tot 10m. In het plan-MER wordt met betrekking tot “de woningen in de nabije omgeving (Keizershoek)” het volgende gesteld: “Ook hier zijn milderende maatregelen noodzakelijk zoals (...) voorzien van afdoende buffering”. Ter weerlegging van het middelonderdeel wijst de verwerende partij op de “overgangszone” met een breedte van 10 meter waarin “enkel nog groenvoorzieningen (worden) toegelaten en geen grootschalige gebouwen meer”. Het blijkt evenwel niet dat het bestreden GRUP langs de met de straat Keizershoek samenvallende grens van het gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek een dergelijke “overgangszone” voorziet. 5.2.
  38. Het middelonderdeel is ernstig. X-14.377-13/15 B. Moeilijk te herstellen ernstig nadeel
  39. Standpunt van de partijen 5.3.
  40. De verzoeker wijst erop dat het gebied aan de overzijde van de Keizershoek, recht tegenover zijn woning, door het bestreden GRUP wordt herbestemd tot regionaal bedrijventerrein. Hij stelt dat, niettegenstaande het feit dat dit ruimtelijk perfect tot de mogelijkheden behoorde, het regionaal bedrijventerrein ter hoogte van zijn woning niet voorzien is van een buffergebied dat het regionaal bedrijventerrein van de weg en omliggende bebouwing afschermt. De verzoeker acht hierdoor de kans groot dat onmiddellijk palend aan de voorliggende straat en zonder dat er in enige buffer wordt voorzien een hinderlijk bedrijf zal worden opgericht met een uiterst negatief effect wat betreft zijn zicht, licht en leefklimaat. 5.3.
  41. In haar nota stelt de verwerende partij dat de woning van de verzoeker zonevreemd is en dat het gebied aan de overzijde van de Keizershoek volgens het gewestplan Antwerpen gelegen is in de KMO-zone Satenrozen, zodat het aangevoerde nadeel niet rechtsreeks uit het bestreden besluit volgt. Verder stelt de verwerende partij dat rekening moet worden gehouden met de in het bestreden besluit opgenomen milderende maatregelen.
  42. Beoordeling 5.4.
  43. Noch uit de enkele opwerping dat de woning van de verzoeker zonevreemd zou zijn, noch uit de milderende maatregelen die in bestreden besluit opgenomen zijn blijkt dat in het verzoekschrift geen moeilijk te herstellen ernstig nadeel wordt aangevoerd. De overige argumentatie van de verwerende partij kan niet worden aangenomen al was het maar omdat zij steunt op het onjuiste uitgangspunt dat het op het bij koninklijk besluit van 3 oktober 1979 vastgestelde gewestplan Antwerpen voorziene industriegebied Satenrozen tot aan de straat Keizershoek reikt. 5.4.
  44. In het verzoekschrift worden voldoende concrete gegevens aangevoerd die aantonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het deelproject gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek van het bestreden GRUP in hoofde van de verzoeker een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen zoals dit is bedoeld door artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. X-14.377-14/15 BESLISSING
  45. De Raad van State beveelt de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van 19 juni 2009 van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen”, wat het deelproject 5B gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek betreft.
  46. De Raad van State verwerpt de vordering voor het overige.
  47. Dit arrest dient te worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het gedeeltelijk geschorste besluit. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeventien maart 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Johan Bovin, staatsraad, Jan Clement, staatsraad, bijgestaan door Astrid Truyens, griffier. De griffier De voorzitter Astrid Truyens. Roger Stevens. X-14.377-15/15 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.966 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2012:ARR.217.133 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.