← België

Arrest 201968 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 17/03/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.968 Rolnummer: A. 193880/X-14372 Zaak: Arrest 201968 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 17/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-23 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-30 04:28 Fiche Arrest nr 201.968 van 17 maart 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : heropening debatten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 201.968 van 17 maart 2010 in de zaak A. 193.880/X-14.

  1. In zake:
  2. Jan VERWER
  3. Ise VERBOVEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pieter Jongbloet kantoor houdend te 1000 BRUSSEL Jan Jacobsplein 5 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Paul Aerts kantoor houdend te 9000 GENT Coupure 5 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering
  4. De vordering, ingesteld op 7 september 2009, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging van het besluit van 19 juni 2009 van de Vlaamse regering houdende definitieve vaststelling van het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen”. II. Verloop van de rechtspleging
  5. De verwerende partij heeft een nota ingediend. Auditeur Ann Eylenbosch heeft een verslag opgesteld. Met toepassing van artikel 90, § 1, vierde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, is de zaak verwezen naar een kamer met drie leden. X-14.372-1/11 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 februari
  6. Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Pieter Jongbloet, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en advocaat Paul Aerts, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Ann Eylenbosch heeft een advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  7. III. Feiten 3.
  8. Op 23 augustus 2007 grijpt de plenaire vergadering plaats over het voorontwerp van gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan (hierna: GRUP) “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen”. Op het bij koninklijk besluit van 3 oktober 1979 vastgestelde gewestplan Antwerpen is te Kontich een industriegebied Satenrozen voorzien, waarvan het grootste gedeelte is aangeduid als gebied voor ambachtelijke bedrijven en voor kleine en middelgrote ondernemingen. Tussen de westelijke grens van dit gebied en de westzijde van de straat Keizershoek bevindt zich een door hetzelfde plan afgebakende groenstrook met een diepte van ongeveer 30 meter. De verzoekende partijen wonen aan de westzijde van de Keizershoek. In het voorontwerp van GRUP wordt het hiervoor genoemde industriegebied evenals de hiervoor genoemde groenstrook bestemd tot gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek. In de toelichtingsnota bij het voorontwerp wordt met betrekking tot dit bedrijventerrein het volgende gesteld: Milderende maatregelen en Doorwerking in het RUP randvoorwaarden X-14.372-2/11 De voorziene bufferzone en de De groene buffer van 30 meter wordt bouwvrije zone langs de E19 bieden verordenend vastgelegd aan de rand mogelijkheden tot ecotoopcreatie en van de gehele zuidelijke landschappelijke integratie. Dit kan bedrijvenzone echter in belangrijke mate geoptimaliseerd worden door het doortrekken van de buffer langs de volledige westzijde van het zuidelijk planelement 3.
  9. Op 16 juni 2008 keurt de dienst Veiligheidsrapportage van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie het ruimtelijk veiligheidsrapport over het voornoemde voorontwerp goed. 3.
  10. Op 25 augustus 2008 keurt de dienst Milieueffectrapportage van het departement Leefmilieu, Natuur en Energie het plan-milieueffectenrapport (hierna: plan-MER) over het voornoemde voorontwerp goed. In deel 2 “woongebieden, bedrijventerreinen, grootstedelijke functies en openruimtegebieden” van dit rapport wordt het volgende gesteld: “I. Bespreking per discipline (...)
  11. Discipline Geluid (...) 2.3.2.25 5B. Regionaal bedrijventerrein Satenrozen – Keizershoek Huidige toestand (...) Ten zuiden van de N171 zijn er aan aantal woningen verspreid gelegen. Hoofdzakelijk de E19 en ook de gewestweg N171 bepalen het omgevingsgeluid. Voor het meetpunt 5B z 1, gelegen dicht tegen (het) op - en afrittencomplex te Kontich (Keizershoek) bedroeg het LA95-niveau zelfs meer dan 55 dB(A). Voor meetpunt 5B z 2 – gelegen op grotere afstand van de E19 - wordt de milieukwaliteitsnorm ook niet gerespecteerd. Voor de woningen die verderop in de de Keizershoek zijn gelegen is de invloed van de E19 wat minder, maar toch blijft het LA95 nog tamelijk hoog. Milieueffecten planelement 5B Voor de uitbreiding van het bedrijventerrein - en dit voornamelijk ten zuiden van de expressweg N171 - is de ontsluiting voorzien op de N171, die aansluit op de E19 ter hoogte van de verkeerswisselaar ‘Kontich’. Alhoewel de juiste locatie van de aansluiting op de N171 nog niet gekend is, zal er toch een negatief effect optreden ter hoogte van de woningen in de Keizershoek. Indien deze woningen behouden blijven is het noodzakelijk dat de nodige buffering (geluidsschermen, gronddam, enz) voorzien wordt niet alleen voor het wegverkeer (ontsluitingsweg bedrijventerrein en N171), maar ook voor het specifiek geluidsniveau van de nieuwe bedrijven. (...)
  12. Discipline Lucht (...) 3.5.5.3 Planelement 5B: regionaal bedrijventerrein Satenrozen – Keizershoek X-14.372-3/11 (...) De belangrijkste wegen in de omgeving van het regionaal bedrijventerrein zijn: - E19; - Expresweg. (...) Op korte afstand van deze wegen wordt niet voldaan aan de kwaliteitsdoelstelling voor lucht. De afstand tot deze wegen waar de immissieconcentraties terugvallen op niveaus die voldoen aan de kwaliteitsdoelstellingen zijn: - E19: 300 m; - Expressweg: 50 m; Bijkomende emissies De geplande bedrijvigheden hebben een belangrijk verkeersgenererend karakter en zullen bijkomende verkeersemissies veroorzaken. De industriële emissies zijn potentieel belangrijk en afhankelijk van bedrijvigheden die zich op het bedrijventerrein zullen vestigen. Receptoren In de omgeving van het bedrijventerrein zijn enkele woningen aanwezig. (...) Milderende maatregelen De volgende milderende maatregelen kunnen worden genomen. Het gaat hierbij om algemene aanbevelingen om de luchtkwaliteit niet negatief te beïnvloeden. Deze maatregelen zijn algemeen geldig, maar kunnen moeilijk in stedenbouwkundige voorschriften vertaald worden. Dit neemt niet weg dat ze blijven gelden als aandachtspunten bij de realisatie van bedrijvigheid: - gezien de aanwezigheid van woningen in de onmiddellijke omgeving zijn activiteiten die belangrijke luchtemissies veroorzaken niet gewenst; - voldoende hoge afgaskanalen (Vlarem II); - zonering: hinderlijke bedrijven zo ver mogelijk van de woningen; - streven naar een harmonisatie van het verkeer op de wegen; (...) Satenrozen - Keizershoek (5B) structuur- en relatiewijzigingen Het verlies van landbouwgebied (zuidelijk deel) als onderdeel van een groter geheel komt niet ten goede van de landschappelijke waarde van het gebied. Het gaat anderzijds wel over een gebied dat momenteel al is aangetast op vlak van landschappelijke waarde ten gevolge van de aanleg van de E19 en N171 en de verschillende grootschalige landbouwinfrastructuren (serres, stallen ed). Op basis hiervan wordt een significante negatieve score toegekend. Voor de Mandoersebeek die door het deelgebied stroomt, wordt als milderende maatregel voorgesteld om in het RUP een strook af te baken voor oeverbeplanting en hier uitsluitend ingrepen toe te laten in functie van landschaps- en natuurbeheer. wijziging perceptieve kenmerken Het zuidelijk deel wordt momenteel gekenmerkt door verzichten over het open landschap, enkele perceels- en laanbeplantingen en verspreide bebouwing (landbouwbedrijven met loodsen, serres en woningen). De E19 is vanwege zijn licht verhoogde ligging beeldbepalend. Het negatieve effect zal hierdoor matig zijn. Een goede landschappelijke integratie (...) naar de open ruimte toe (westen en zuiden) is noodzakelijk. II. Synthese van de milieueffecten (...) II.2.3.Planelement regionaal bedrijventerrein Satenrozen-Keizershoek (5B) Ook dit planelement omvat een aanzienlijke uitbreiding van bedrijvigheid aansluitend op bestaande bedrijvigheid en brengt bijgevolg belangrijke milieueffecten met zich mee. X-14.372-4/11 Het verkeersgenererend effect van het planelement vormt niet direct een probleem inzake doorstroming. Wel zijn er een aantal belangrijke aandachtspunten op mobiliteitsvlak voor de inrichting en ontsluiting van het gebied: - veilige oplossing voor het kruispunt ‘nieuwe ontsluitingsweg’ - N171 (cfr. Streefbeeld N171); - uitbreiden aanbod aan openbaar vervoer en/of de opmaak van een bedrijfsvervoerplan; - voorzien van een voldoende veilige en comfortabele fietsinfrastructuur in het deelgebied en in de nabije omgeving ervan. De woonkwaliteit van de aanwezige woningen in het gebied en in de onmiddellijke nabijheid vormt een zeer belangrijk aandachtspunt. Indien de woningen in het gebied niet worden onteigend, zijn maatregelen noodzakelijk om de leefbaarheid ervan te garanderen. Behoud van deze woningen lijkt evenwel niet wenselijk. De woningen in de nabije omgeving (Keizershoek) kunnen aanzienlijke hinder ondervinden van de verkeersgeneratie ten gevolge van de bedrijvigheid. Ook hier zijn milderende maatregelen noodzakelijk zoals minimale verkeersafwikkeling langsheen deze woningen, voorzien van afdoende buffering, ... Het R.U.P. voorziet een zone langs de woningen die niet bebouwd mag worden (wel verhard). Als milderende maatregel wordt voorgesteld om de overgangszone verplicht aan te planten met heesters en hoogstammen. Daarnaast is geen bedrijvigheid gewenst die overmatige luchtemissies veroorzaakt en is een milieuzonering aangewezen zodat de meest hinderlijke bedrijven zover mogelijk van de woningen worden ingeplant. (...) Uit het RVR is tenslotte gebleken dat de ontwikkeling van Seveso-bedrijven in het gebied kan, maar dat dit beperkingen oplevert naar toekomstige woonontwikkelingen in omgeving en vice-versa”. 3.
  13. Op 5 september 2008 stelt de Vlaamse regering het ontwerp ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen” voorlopig vast. In het ontwerp GRUP (plan 13) reikt het gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek tot aan de Varenbroeckstraat, die ongeveer een kilometer zuidelijker ligt dan de straat Keizershoek. 3.
  14. Ter gelegenheid van het openbaar onderzoek, dat wordt georganiseerd van 6 oktober 2008 tot en met 4 december 2008, worden 1300 bezwaarschriften ingediend. 3.
  15. Bij ministerieel besluit van 28 januari 2009 wordt de termijn waarover de Vlaamse commissie voor ruimtelijke ordening (hierna: de VLACORO) beschikt om advies uit te brengen over het ontwerp GRUP met 30 dagen verlengd. 3.
  16. Op 8 april 2009 brengt de VLACORO advies uit. De VLACORO adviseert ongunstig voor de in het ontwerp voorziene uitbreiding van het in het gewestplan voorziene industriegebied Satenrozen. X-14.372-5/11 3.
  17. Op 28 mei 2009 brengt de Raad van State, afdeling wetgeving, advies uit over het ontwerp van besluit. 3.
  18. Bij besluit van de Vlaamse regering van 19 juni 2009 wordt het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan “Afbakening grootstedelijk gebied Antwerpen” definitief vastgesteld. Dit is het bestreden besluit. De stedenbouwkundige voorschriften voor het gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek luiden als volgt: “Artikel 5B.
  19. Gemengd regionaal bedrijventerrein 5B.1.
  20. Het bedrijventerrein is bestemd voor regionale bedrijven met de volgende hoofdactiviteiten: - productie, opslag en verwerking van goederen - productie van energie - onderzoeks- en ontwikkelingsactiviteiten - op- en overslag, voorraadbeheer, groepage, fysieke distributie en groothandel; Volgende activiteiten zijn niet toegelaten: - kleinhandel - agrarische productie - autonome kantoren - afvalverwerking met inbegrip van recyclage - verwerking en bewerking van mest of slib - verwerking en bewerking van grondstoffen met inbegrip van delfstoffen 5B.1.
  21. Alle werken, handelingen en wijzigingen die nodig of nuttig zijn voor de realisatie van de bestemming zijn toegelaten voor zover ze rekening houden met zuinig ruimtegebruik. Daarbij wordt minstens aandacht besteed aan: - het optimaal gebruiken van de percelen, echter rekening houdend met de verplichtingen inzake veiligheid; - de mogelijkheid om bepaalde diensten onder te brengen in gemeenschappelijke gebouwen op het bedrijventerrein; - het groeperen en organiseren op het bedrijventerrein van parkeermogelijkheden voor de gebruikers en bezoekers 5B.1.
  22. Gemeenschappelijke en complementaire voorzieningen, inherent aan het functioneren van het regionale bedrijventerrein, zijn toegelaten. 5B.1.
  23. Kantoren en toonzalen met beperkte vloeroppervlakte, ondergeschikt en gekoppeld aan de productieactiviteit van individuele bedrijven, zijn toegelaten voor zover die activiteiten geen loketfunctie hebben en geen autonome activiteiten uitmaken. De toonzalen mogen maximaal 10% van de gelijkvloerse bebouwde oppervlakte innemen, ongeacht op welk niveau de toonzalen worden ingericht, en de toonzaaloppervlakte mag maximaal 500 m² zijn. 5B.1.
  24. Inrichtingen voor de huisvesting van bewakingspersoneel van maximaal 200 m² vloeroppervlakte, geïntegreerd in het bedrijfsgebouw, zijn toegelaten. Indien het noodzakelijk is voor de veiligheid van het bewakingspersoneel is de niet-integratie toegelaten. 5B.1.
  25. De minimale perceelsoppervlakte bedraagt 5000 m². Uitzonderingen zijn toegestaan voor: X-14.372-6/11 - percelen met bestaande stedenbouwkundig vergunde bedrijfsgebouwen binnen de zone; - percelen met bedrijven die gemeenschappelijke en complementaire voorzieningen verzorgen; - percelen met bedrijfsverzamelgebouwen; - een beperkt aantal percelen die omwille van de globale inrichting van het bedrijventerrein een kleinere terreinoppervlakte verkrijgen; - percelen met aaneengesloten gebouwen of gebouwen die architectonisch een geheel vormen maar voor verschillende bedrijven bestemd zijn. 5.B.1.
  26. Elke aanvraag tot stedenbouwkundige vergunning zal worden beoordeeld aan de hand van volgende criteria: - zorgvuldig ruimtegebruik - een kwaliteitsvolle aanleg van het plangebied en afwerking van de bedrijfsgebouwen Minimaal volgende inrichtingsprincipes dienen gerespecteerd te worden: - het bouwen van meerdere lagen en het maximaal groeperen van gebouwen waar de bedrijfsactiviteit dit toelaat - parkeren wordt gegroepeerd voor verschillende bedrijven of geïncorporeerd in het bedrijfsgebouw voor zover het beheer dit toelaat 5B.1.
  27. Bij vergunningsaanvragen voor een project dat een terreinoppervlakte beslaat vanaf 1 ha wordt een inrichtingsstudie gevoegd. De inrichtingsstudie is een informatief document voor de vergunningverlenende overheid met het oog op het beoordelen van de vergunningsaanvraag in het kader van de goede ruimtelijke ordening en de stedenbouwkundige voorschriften voor het gebied. De inrichtingsstudie geeft ook aan hoe het voorgenomen project zich verhoudt tot wat al gerealiseerd is in het gebied en/of tot de mogelijke ontwikkeling van de rest van het gebied. De inrichtingsstudie maakt deel uit van het dossier betreffende de aanvraag van stedenbouwkundige vergunning en wordt als zodanig meegestuurd aan de adviesverlenende instanties overeenkomstig de toepasselijke procedure voor de behandeling van de aanvragen. Elke nieuwe vergunningsaanvraag kan een bestaande inrichtingsstudie of een aangepaste of nieuwe inrichtingsstudie bevatten. 5B.1.
  28. In het gebied zijn eveneens toegelaten, voor zover de hoofdbestemming niet in het gedrang komt, voor zover in overeenstemming met of aangewezen in de watertoets, alle werken, handelingen en wijzigingen in functie van het bereiken van de randvoorwaarden die nodig zijn voor het behoud van de watersystemen en het voorkomen van wateroverlast buiten de natuurlijke overstromingsgebieden toegelaten voor zover de technieken van de natuurtechnische milieubouw gehanteerd worden. 5B.1.
  29. Tot een vergunning verleend is voor de realisatie van de bestemming zijn per perceel de handelingen, voorzieningen en inrichtingen toegelaten die nodig of nuttig zijn voor wonen in bestaande woningen en voor de landbouwbedrijfsvoering van de bestaande landbouwbedrijven en voor de bestaande bedrijven met aan de landbouw toeleverende, verwerkende en dienstverlenende activiteiten. In overdruk 5B.1.
  30. Tussen het regionaal bedrijventerrein en de bestaande woningen langs de Pierstraat en Keizershoek wordt een zone voor niet hinderlijke bedrijfsactiviteiten voorzien zoals aangeduid op het grafisch plan. In de zone aangeduid met deze overdruk zijn enkel groenvoorzieningen toegelaten. Deze bepaling geldt niet voor de delen van de overdruk waar vergunde bedrijfsgebouwen gesitueerd zijn. X-14.372-7/11 Deze bedrijfsgebouwen kunnen verbouwd worden binnen het bestaande volume. Indien ze herbouwd of uitgebreid worden kunnen enkel groenvoorzieningen toegelaten worden binnen deze zone”. In het door het bestreden besluit vastgestelde GRUP (plan 13) vormt de oostzijde van de straat Keizershoek de grens tussen het door het bestreden besluit vastgestelde gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek ten noorden en het door het gewestplan vastgestelde agrarisch gebied ten zuiden. In de toelichtingsnota bij het GRUP wordt verduidelijkt hoe de in het plan-MER met betrekking tot het gemengd regionaal bedrijventerrein 5B Satenrozen/Keizershoek voorgestelde milderende maatregelen doorwerken in het GRUP: “ milderende maatregelen en randvoorwaarden doorwerking in het R.U.P. de woonkwaliteit van de aanwezige woningen in het - gelet op de beperkte uitbreiding worden geen gebied en in de onmiddellijke nabijheid vormt een bestaande woningen onteigend zeer belangrijk aandachtspunt. Indien de woningen in het gebied niet worden onteigend, zijn maatregelen noodzakelijk om de leefbaarheid ervan te garanderen. Behoud van deze woningen lijkt evenwel niet wenselijk. De woningen in de nabije omgeving (Keizershoek) kunnen aanzienlijke hinder ondervinden van de verkeersgeneratie ten gevolge van de bedrijvigheid. Ook hier zijn milderende maatregelen noodzakelijk zoals minimale verkeersafwikkeling langsheen deze woningen, voorzien van afdoende buffering, ... het R.U.P. voorziet een zone langs de woningen die - de overgang tussen de bedrijventerreinen en de niet bebouwd mag worden (wel verhard). Als bestaande woningen langs de Pierstraat en milderende maatregel wordt voorgesteld om de Keizershoek is vrij abrupt, er is geen buffering overgangszone verplicht aan te planten met heesters voorzien die de overgang tussen de grootschalige en hoogstammen bebouwing en de woningen verzacht. Aangezien de bedrijfsgebouwen vrij dicht tegen de woningen en de tuinen zijn gebouwd, is de realisatie van een klassieke groene buffer (meestal 20 à 30 meter) niet mogelijk. Er wordt daarom een overgangszone verordenend voorgesteld die de impact van de bedrijfsgebouwen op de woningen moet beperken. In deze zone van 10 meter breedte worden enkel nog groenvoorzieningen toegelaten en geen grootschalige gebouwen meer gezien de aanwezigheid van woningen in de - de milieuzonering wordt niet opgenomen in onmiddellijke omgeving zijn alleen activiteiten gewestelijke stedenbouwkundige voorschriften. gewenst die geen overmatige luchtemissies Dergelijke overwegingen en randvoorwaarden veroorzaken en is een milieuzonering zodanig dat de dienen bij de milieuvergunningsaanvraag vastgelegd meest hinderlijke bedrijven het verst van de te worden woningen gelegen zijn, aangewezen X-14.372-8/11 in hoofdstuk 3.2 van het Ruimtelijk - Seveso-inrichtingen kunnen op dit bedrijventerrein Veiligheidsrapport werd de risicozonering van de worden toegelaten voor zover de externe risico’s geplande bedrijventerreinen onderzocht. Voor dit verbonden aan de gevaarlijke Seveso-stoffen in de projectgebied wordt geconcludeerd dat Seveso- inrichting voldoen aan de in Vlaanderen geldende inrichtingen kunnen worden toegelaten. Een risicocriteria. Er wordt informatief opgenomen dat mogelijk beperkende factor zijn de woonzones met de weergave van de risicocontouren in het RVR een landelijk karakter ten oosten en ten westen van het evaluatie van de locatiemogelijkheden voor Seveso- projectgebied aangezien er volgens de voorschriften inrichtingen mogelijk maakt. kwetsbare functies kunnen worden gerealiseerd - om de realisatie van Seveso-inrichtingen maximaal te ondersteunen wordt in het voorschrift woongebied (voor de aangrenzende woonlinten) opgenomen dat de realisatie van kwetsbare functies niet is toegelaten (m.a.w. scholen, ziekenhuizen, rust- en verzorgingstehuizen). Dit is , gelet op het karakter van deze woonlinten sowieso evident ”. IV. Ontvankelijkheid van de vordering
  31. De verwerende partij werpt het gemis aan het rechtens vereiste belang in hoofde van verzoekende partijen op om het bestreden besluit in zijn totaliteit aan te vechten. In hun verzoekschrift stellen de verzoekende partijen het volgende: “Beroepers wonen aan de Keizershoek 338 A te 2550 Kontich, in een vrijstaande woning met tuin die zij enige jaren geleden optrokken. Achter hun woning strekt zich het kmo-gebied Satenrozen uit. Achter hun woning bevindt zich het bedrijfsterrein van Philips Lightning, en is deze kmo-zone dus gerealiseerd. Volgens het Gewestplan Antwerpen is hun woning gelegen in een landelijke woonzone, die zich uitstrekt over een diepte van ca 50 meter vanaf de voorliggende Keizershoek. Het gewestplan voorziet achter hun woning nog een bufferzone van ca dertig meter diep, ter scheiding van de landelijke woonzone en de achtergelegen kmo-zone. Bij de omvorming van het bestaande kmo-gebied met 30 meter diepe afzonderlijke bufferzone, werd de bestaande zelfstandige bufferzone afgeschaft, en vervangen door een deelgebied van het regionaal bedrijventerrein (bestemmingsvoorschrift 5 b. 1.11), met een diepte van amper 10 meter waarbinnen enkel groenvoorzieningen mogen worden aangelegd. Daar waar bovendien volgens het Gewestplan het gebied achter de bufferzone was bestemd tot kmo-gebied, zijn volgens de bestemmingsvoorschriften nu uitdrukkelijk seveso-bedrijven toegelaten Daardoor riskeren beroepers, achter wiens woning en tuin het bedrijf Philips lightning is gevestigd in de toekomst, na een eventuele stopzetting van dit bedrijf, te worden geconfronteerd met de optrek van een Seveso bedrijf onmiddellijk achter hun woning. Nochtans werd in de voorstellen tot milderende maatregelen in de plan Mer en het RVR gesteld dat indien de woningen in de onmiddellijke omgeving van het regionaal bedrijventerrein niet zouden worden onteigend, er milderende maatregelen zouden nodig zijn zoals het voorzien van afdoende buffering. Qua doorwerking in het RUP wordt in de toelichtende nota bij het RUP (Deel II, p. 185) enkel gemeld dat er geen woningen worden onteigend, gelet op de beperkte uitbreiding, doch zonder dat er van enige milderende maatregelen sprake is. X-14.372-9/11 Op p. 102 van zijn deel II stelt het Plan Mer tevens dat een ruime afstand moet worden voorzien van de bestaande woningen tot de op te richten bedrijven, gelet op het feit dat reeds nu de luchtemissienormen niet worden gehaald. Niettegenstaande dit alles wordt ondanks het feit dat het voormalige kmo-gebied nu door seveso bedrijven kan worden gebruikt (en de realisatie van Seveso-inrichtingen zelfs maximaal wordt ondersteund , zoals blijkt uit p. 186 van deel 2 van de toelichtende nota.), worden de te respecteren buffers niet verruimd maar in tegendeel versmald of zelfs volledig geschrapt, niettegenstaande het voorzien van een buffer ter hoogte van het woonlint langs de Keizerhoek en de erop aansluitende bewoning langs de Pierstraat waar beroepers wonen, zeker nog mogelijk is. Bij de realisatie van het bedrijf Philips Lightning werd immers een ruimte bouwvrije zone gelaten tussen de parking van het bedrijfsgebouw en de eigendom van beroepers. Beroepers hebben dan ook een evident belang bij de schorsing en de vernietiging van het bestreden besluit”. Gelet op de opdeling van het betrokken GRUP in deelprojecten naast de vastlegging van de grenslijn, en op het duidelijk afgebakend belang van de verzoekende partijen zoals uiteengezet in hun verzoekschrift, moet vastgesteld worden dat een partiële schorsing, beperkt tot het deelproject 5B gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek, mogelijk is zonder afbreuk te doen aan de algemene economie van het plan. De exceptie is gegrond. De vordering tot schorsing is slechts ontvankelijk in zover zij het deelproject 5B gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek (plan 13) betreft. V. Onderzoek van de vordering
  32. De schorsing van de tenuitvoerlegging van het deelproject 5B gemengd regionaal bedrijventerrein Satenrozen/Keizershoek (plan 13) is bevolen bij arrest nr. 201.966 van 17 maart 2010 (zaak A.193.886/ X-14.377). Om de belangen van de verzoekende partijen veilig te stellen, dient over de voorliggende vordering uitspraak te worden gedaan nadat over het beroep tot nietigverklaring in de zaak A.193.886/ X-14.377 uitspraak is gedaan. BESLISSING De Raad van State heropent de debatten. X-14.372-10/11 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zeventien maart 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Johan Bovin, staatsraad, Jan Clement, staatsraad, bijgestaan door Astrid Truyens, griffier. De griffier De voorzitter Astrid Truyens. Roger Stevens. X-14.372-11/11 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.968 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2012:ARR.217.138 ECLI:BE:RVSCE:2012:ARR.218.884 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.