id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.034 Rolnummer: A. 192528/VII-37697 Zaak: Arrest 202034 - Handelsvestigingen - 18/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-26 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-06-30 04:29 Fiche Arrest nr 202.034 van 18 maart 2010 Economische zaken - Handelsvestigingen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 202.034 van 18 maart 2010 in de zaak A. 192.528/VII-37.
- In zake: de STAD AARSCHOT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Willie Dierick kantoor houdend te Aarschot Symelsesteenweg 81 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door :
- de minister van Ondernemen,
- het Interministerieel Comité voor de Distributie bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jean-François De Bock kantoor houdend te Brussel Waterloosesteenweg 612 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de NV MITISKA VENTURES bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wim De Cuyper kantoor houdend te 9100 Sint-Niklaas Vijfstraten 57 bij wie woonplaats wordt gekozen ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 11 mei 2009, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van 10 maart 2009 van het Interministerieel Comité voor de Distributie waarbij het beroep van de n.v. MITISKA VENTURES tegen het besluit van 15 januari 2009 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Aarschot ontvankelijk en gegrond wordt verklaard en socio-economische vergunning wordt verleend voor de inplanting van een handelscomplex voor een schoenenzaak met een totale netto verkoopsoppervlakte van 731 m² aan de Liersesteenweg te Aarschot. VII-37.697-1/3 II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 196.619 van 2 oktober 2009 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit verworpen. Het genoemde arrest is op 13 oktober 2009 aan de verzoekende partij ter kennis gebracht. Op 3 december 2009 heeft de hoofdgriffier aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en artikel 15ter van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. Bij het arrest nr. 196.619 van 2 oktober 2009 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit verworpen. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De hoofdgriffier heeft de verzoekende partij medegedeeld, met toepassing van artikel 15ter, § 1, van het genoemde koninklijk besluit van 5 december 1991, dat de kamer de afstand van geding zou uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. VII-37.697-2/3 Er bestaat aanleiding om de afstand van het geding vast te stellen. BESLISSING
- De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 175 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 125 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van achttien maart tweeduizend en tien door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Eric Brewaeys, staatsraad, waarnemend voorzitter bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin Eric Brewaeys VII-37.697-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.034 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.196.619 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.