id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 maart 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.190 Rolnummer: A. 122565/X-11014 Zaak: Arrest 202190 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 22/03/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-03-29 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-30 04:30 Fiche Arrest nr 202.190 van 22 maart 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 202.190 van 22 maart 2010 in de zaak A. 122.565/X-11.
- In zake: Regine ROELS wonende te 9500 GERAARDSBERGEN Acaciastraat 12 tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Paul Aerts kantoor houdend te 9000 GENT Coupure 5 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 17 juni 2002, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van 16 april 2002 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening houdende, eensdeels, de inwilliging van het beroep van de gemachtigde ambtenaar tegen het besluit van 4 oktober 2001 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen waarbij aan de verzoekster, namens de consorten Roels de vergunning wordt verleend voor het verkavelen van grond te Lierde, Watermolenstraat 61, kadastraal bekend sectie A, nrs. 676/F, 676/G en 676/E, en anderdeels, de vernietiging van de voormelde vergunning. II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekster heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Pierre Barra heeft een verslag opgesteld. X-11.014-1/8 De verzoekster heeft een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 5 februari
- Staatsraad Jeroen Van Nieuwenhove heeft verslag uitgebracht. Regine Roels, die in persoon verschijnt, en advocaat Paul Aerts, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Frans De Buel heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- In een brief van 15 maart 2004 en in een “memo” van 16 december 2009 formuleert de verzoekster nog bijkomende argumenten. Deze niet in het procedurereglement voorziene stukken worden uit de debatten geweerd. IV. Feiten
- De verzoekster is de mede-eigenares van een perceel grond, gelegen aan de Watermolenstraat 61 te Lierde, kadastraal bekend sectie A, nrs. 676/F, 676/G en 676/E. Het terrein is volgens de bestemmingsvoorschriften van het gewestplan Aalst-Ninove-Geraardsbergen-Zottegem, vastgesteld bij koninklijk besluit van 30 mei 1978, voor een klein gedeelte gelegen in woongebied met landelijk karakter en voor het grootste deel in landschappelijk waardevol agrarisch gebied. Het is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg, noch binnen het gebied van een behoorlijk vergunde, niet vervallen verkaveling. X-11.014-2/8
- Op 3 januari 2001 (datum van het ontvangstbewijs) dient notaris De Man, hiertoe gevolmachtigd door de eigenaars, bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Lierde een aanvraag in voor de verkaveling van het betrokken perceel. Het verkavelingsplan voorziet in drie loten. Lot 2 omvat de bestaande woning, gelegen aan de Watermolenstraat
- Lot 1 omsluit lot 2 in een L-vorm en bevindt zich als zodanig rechts naast en achter lot
- Dit lot wordt bestemd voor het bouwen van een halfopen ééngezinswoning. Lot 3 omvat het resterende weiland, gelegen rechts naast en achter lot
- Dit lot wordt samen met lot 2 uit de verkaveling gesloten.
- Van 3 januari 2001 tot 2 februari 2001 wordt een openbaar onderzoek gehouden over de aanvraag. De aanplakkingsbrief met de bekendmaking van de gevraagde verkaveling vermeldt de “Fam. Roels - De Martelaere - Van Den Bossche”, met adres “p.a. Acaciastraat 12, 9500 Geraardsbergen”, als de aanvrager van de verkaveling. Dit adres is de woonplaats van de verzoekster.
- Op 6 februari 2001 brengt het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Lierde een gunstig preadvies uit over de betrokken aanvraag. Ook in dit advies wordt “de familie Roels-De Martelaere-Van Den Bossche p.a. Acaciastraat 12, 9500 Geraardsbergen” aangeduid als de aanvrager van de verkaveling.
- Op 12 maart 2001 brengt de gemachtigde ambtenaar een ongunstig advies uit over de betrokken aanvraag, waarin hij de aanvrager omschrijft als de “fam. Roels-De Ma(r)telaere, p.a. Acaciastraat 12, 9500 Geraardsbergen”.
- Op 20 maart 2001 beslist het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Lierde de gevraagde vergunning te weigeren. Het college vermeldt in haar weigeringsbeslissing dat de verkavelingsaanvraag is ingediend door de “fam. Roels-De Martelaere, met als adres Acaciastraat 12 te 9500 Geraardsbergen”.
- Bij brief van 18 april 2001 tekent notaris Paul De Man “in naam van de consoorten Roels” bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen beroep aan tegen de weigeringsbeslissing van het college van X-11.014-3/8 burgemeester en schepenen van de gemeente Lierde. Het beroepsschrift is ondertekend door de notaris en door de verzoekster.
- Bij besluit van 4 oktober 2001 verleent de bestendige deputatie de verkavelingsvergunning onder voorwaarden. In de aanhef van het besluit van de bestendige deputatie wordt onder meer vermeld: “Gelet op het beroep, bij aangetekend en op 18 april 2001 ter post verzonden schrijven, ingesteld door mevrouw Roels Regine, Acaciastraat, 2, 9500 Geraardsbergen en de heer notaris Paul De Man, Lessensestraat, 29/31, 9500 Geraardsbergen, namens de consoorten Roels, (...)”. Artikel 2 van het besluit van de bestendige deputatie bepaalt dat een afschrift van het besluit moet worden verzonden aan: “
- mevrouw Roels Regine, Acaciastraat, 2, 9500 Geraardsbergen;
- de heer Paul De Man, Lessensestraat, 29/31, 9500 Geraardsbergen;
- het college van burgemeester en schepenen van en te Lierde ;
- de gemachtigde ambtenaar van de administratie Ruimtelijke Ordening en Huisvesting”.
- Op 9 november 2001 tekent de gemachtigde ambtenaar beroep aan tegen de beslissing van de bestendige deputatie.
- In een brief van 3 december 2001, gericht aan de Vlaamse minister bevoegd voor Ruimtelijke Ordening, schrijft de verzoekster het volgende: “Als mede-indiener van het in referte vermelde dossier en nadat we vernomen hebben dat de Afdeling R.O.H.M. - Oost-Vlaanderen van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap beroep ingediend heeft tegen de voor ons positieve beslissing van de Bestendige Deputatie van de Provincie Oost-Vlaanderen van 4.10.2001 verzoeken wij U beleefd om gehoord te worden door Uw gemachtigde in deze zaak. Eerst en vooral wensen we in te roepen dat het beroep door de Gemachtigde Ambtenaar ingesteld volgens onze mening niet geldig is, aangezien dit NIET TER KENNIS gebracht is van de mede-aanvrager notaris Paul De Man, Lessensestraat 31 te 9500 Geraardsbergen”.
- Op 25 maart 2002 stuurt de verzoekster, wegens het uitblijven van een beslissing in de beroepsprocedure, de volgende rappelbrief naar de afdeling Stedenbouwkundige Vergunningen: “(...) - Naar aanleiding van het beroep dat AROHM-Oost Vlaanderen van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap ingesteld heeft op 9 november 2001 X-11.014-4/8 tegen het voor de indieners gunstige besluit van de Bestendige Deputatie van de Provincie Oost-Vlaanderen van 4 oktober
- - Tengevolge van dit beroep heeft ondergetekende op 3 december 2001 een aangetekend schrijven gericht naar Uw dienst, schrijven waarin ik langs de ene kant gevraagd heb om bij de afhandeling van dit dossier gehoord te worden en langs de andere kant gewezen heb op een tekortkoming bij het indienen van AROHM Oost-Vlaanderen nl. door het niet op de hoogte brengen binnen de wettelijke normen, van het door hen ingediende beroep bij de mede-indiener van het dossier nl. Notaris Paul de Man te Geraardsbergen. - Tijdens de, door ondergetekende aangevraagde, hoorzitting van 25 februari 2002 is vastgesteld dat het beroep van AROHM - Oost-Vlaanderen inderdaad niet binnen de normen gebeurd is en het besluit van de Bestendige Deputatie Oost-Vlaanderen kan gevolgd worden door de Heer Vlaams Minister van de Vlaamse Gemeenschap, bevoegd in dit dossier. Aangezien ik tot op heden in deze zaak niet op de hoogte gebracht ben van enige beslissing van de bevoegde diensten wens ik hierbij gebruik te maken van de in de wet voorziene mogelijkheid om in dit geval te RAPPELEREN (...). Met Bijzondere Hoogachting, (get.) Regine Roels”.
- Bij het bestreden besluit van 16 april 2002 beslist de minister het beroep van de gemachtigde ambtenaar in te willigen. Wat betreft de betekening van het beroepschrift van de gemachtigde ambtenaar aan de aanvrager, overweegt het bestreden besluit: “Overwegende dat de verkavelingsaanvraag werd ingediend door de heer P. De Man, als gevolmachtigde van mevrouw Roels, de heer Van Den Bossche en mevrouw De Martelaere; dat het document van de aanvraag diens handtekening draagt; dat een ontvangstbewijs van de verkavelingsaanvraag werd opgesteld op naam van de heer P. De Man; dat het vereiste openbaar onderzoek werd opgesteld op naam van de Fam. Roels - De Martelaere - Van Den Bossche; dat de weigering van de verkavelingsvergunning werd opgesteld op naam van de ‘fam. Roels - De Martelaere’; dat de heer P. De Man d.d. 18 april 2001 per aangetekende beroep heeft ingesteld (bij de) bestendige deputatie; dat dit beroepsschrift mede ondertekend werd door mevrouw R. Roels; dat de beslissing van de bestendigde deputatie d.d. 23 oktober 2001 werd genotificeerd aan de heer P. De Man; dat gezien het voorgaande weinig zorgvuldig werd omgesprongen met het weergeven van de exacte naam van de aanvrager op de officiële stukken; dat de naam van de aanvrager had moeten weergegeven worden op de kennisgeving van het openbaar onderzoek; dat de weigering van de vergunning door het college van burgemeester en schepenen op naam van de heer P. De Man had moeten gebeuren; Overwegende dat de particulier aanbrengt dat de gemachtigde ambtenaar het beroep aan haar heeft betekend en niet aan haar gevolmachtigde waardoor het beroep als onontvankelijk moet verklaard worden; dat echter het beroep werd betekend aan de rechtstreeks belanghebbende, namelijk mevrouw R. Roels; dat het aangetekend schrijven aan de heer minister, met verzoek om gehoord te worden, werd ondertekend door appellante; dat appellante en de heer Marquebreuck zijn verschenen op de hoorzitting bij de bestendige deputatie én tijdens de hogere beroepsprocedure; dat duidelijk opvalt dat haar gevolmachtigde niet is opgetreden, dat derhalve niet kan gesteld worden dat de particulier enig nadeel door schending van haar rechten omwille van deze X-11.014-5/8 betekening heeft ondervonden; dat appellante duidelijk zelf het initiatief in handen heeft genomen; dat derhalve de aanvraag ten gronde wordt behandeld”. V. Onderzoek van het enig middel Uiteenzetting van het middel
- In een enig middel voert de verzoekster de schending aan van “de substantiële vormen” en van “de wet betreffende het recht op verdediging”. Ze stelt dat noch de gevolmachtigde notaris, noch de overige mede-indieners van de verkavelingsaanvraag op de hoogte werden gebracht van het beroep dat de gemachtigde ambtenaar bij de minister heeft aangetekend tegen de beslissing van de bestendige deputatie en dat de familie Van Den Bossche bijgevolg niet zelf kon optreden om hun belangen terzake te verdedigen. Het beroep van de gemachtigde ambtenaar was derhalve niet ontvankelijk. Het beroepsschrift bij de bestendige deputatie heeft zij slechts mee ondertekend “voor akkoord”. Ze beschikt niet over een volmacht voor de familie Van Den Bossche. De bewering dat ze de indruk heeft gewekt als gevolmachtigde op te treden voor de overige mede-eigenaars is niet bewezen en mist derhalve juridische grond. Het recht van verdediging is geschonden voor wat betreft de overige mede-eigenaars van het betrokken perceel. In haar memorie van wederantwoord stelt de verzoekster nog dat door het landschappelijk waardevol agrarisch gebied, dat voor de gemachtigde ambtenaar de aanleiding vormde om administratief beroep in te stellen tegen de voor de verzoekster gunstige beslissing van de bestendige deputatie, door de gemeente een betonweg wordt aangelegd langs de zijkant van het te verkavelen perceel, zodat dit perceel langs de twee zijden voorzien is van de nodige infrastructuur. In haar laatste memorie stelt de verzoekster nog dat haar belangen als mede-indiener van de aanvraag en als mede-eigenaar van het betrokken perceel geschaad zijn in de mate dat er een “negatief advies” zou blijven bestaan. Het voorziene lot 1 zal slechts dienen om de bestaande woning, gelegen op lot 2, aan te passen en uit te breiden, waarbij de waarde van het stuk grond geen rol speelt. Beoordeling
- In de mate dat de verzoekster eerst in haar memorie van wederantwoord verwijst naar de aanleg van een betonweg in het landschappelijk waardevol agrarisch gebied en met haar argumentatie het inhoudelijke X-11.014-6/8 weigeringsmotief van het bestreden besluit lijkt te bekritiseren, geeft ze op laattijdige en dus onontvankelijke wijze een nieuwe wending aan haar enige middel.
- Het toentertijd geldende artikel 53, § 2 van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996 luidt als volgt: “§
- Het college van burgemeester en schepenen alsook de gemachtigde ambtenaar kunnen bij de Vlaamse regering in beroep komen binnen dertig dagen na de ontvangst van de beslissing van de bestendige deputatie tot verlening van een vergunning. Dit beroep, evenals de termijn voor instelling van het beroep, schorst de vergunning. Het wordt terzelfder tijd ter kennis van de aanvrager en van de Vlaamse regering gebracht. Komt de gemachtigde ambtenaar in beroep, dan geeft deze daarvan bovendien kennis aan het college”.
- Uit de gegevens van het dossier blijkt dat de verzoekster in wezen opkomt voor de rechten van verdediging van één van de mede-indieners van de betrokken aanvraag. Zij blijft evenwel in gebreke om aan te tonen op welke wijze haar eigen belangen zijn geschaad door de aangevoerde onwettigheid. Ook de bewering in haar laatste memorie, dat ze als mede-indiener van de aanvraag en als mede-eigenaar van het betrokken perceel in haar belangen is geschaad bij een “blijvend negatief advies”(lees: het bestreden besluit), toont niet concreet de vereiste belangenschade bij het middel aan en doet derhalve geen afbreuk aan deze vaststelling. Het enige middel is niet ontvankelijk. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekster wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. X-11.014-7/8 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tweeëntwintig maart 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Johan Bovin, staatsraad, Jeroen Van Nieuwenhove, staatsraad, bijgestaan door Silvan De Clercq, griffier De griffier De voorzitter Silvan De Clercq Roger Stevens X-11.014-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.202.190 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div