← België

Arrest 203204 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 22/04/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 april 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:

§§ 3

en 4, wordt het geheel of gedeeltelijk wijzigen van kleine landschapselementen of de vegetatie ervan, voor zover de Vlaamse Regering die wijzigingen niet verbiedt, tevens afhankelijk gemaakt van het verkrijgen van een vergunning in de volgende gebieden: 1/ de landschappelijk waardevolle agrarische gebieden en de agrarische gebieden en de met al deze gebieden vergelijkbare bestemmingsgebieden, aangewezen op de plannen van aanleg of de ruimtelijke uitvoeringsplannen van kracht in de ruimtelijke ordening”. Artikel 11, § 1, 1ste alinea en § 2, 2/ van het besluit van de Vlaamse regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering X-12.817-8/13 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, bepaalt: “§ 1.

het artikel 9 van het decreet zijn in de gebieden en zones bedoeld in het artikel 9 van dit besluit waarbij voor de vogelrichtlijngebieden in dit artikel uitgegaan wordt van de perimeter alsook in de gebieden van het IVON en de landschappelijk waardevolle agrarische gebieden aangewezen met toepassing van de wetgeving op de ruimtelijke ordening, de volgende activiteiten tot wijziging van kleine landschapselementen verboden zonder voorafgaande en uitdrukkelijke schriftelijke vergunning: (...) §

  1. Voor zover uitdrukkelijk voldaan is aan de zorgplicht opgelegd door artikel 14 van het decreet, geldt de in § 1 bedoelde vergunningsplicht niet wanneer de activiteiten tot wijziging van vegetatie: (...) 2/ hetzij worden uitgevoerd op basis van een regelmatige bouwvergunning afgeleverd met toepassing van de wetgeving op de ruimtelijke ordening na advies van de afdeling en voor zover uitdrukkelijk is voldaan aan de bepalingen van artikel 16 van het decreet van inzake het tegengaan van vermijdbare schade”. 5.
  2. Deze bepaling bevat, in tegenstelling tot hetgeen de verzoeker voorhoudt, geen verplichting om de aanvragen tot het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning voor advies voor te leggen aan de afdeling Natuur, maar enkel een mogelijkheid tot vrijstelling van de verplichting tot het aanvragen van een afzonderlijke natuurvergunning indien in het kader van de procedure tot het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning het advies van de afdeling Natuur wordt ingewonnen. Het niet inwinnen van het advies van de afdeling Natuur kan bijgevolg niet de onwettigheid van de verleende stedenbouwkundige vergunning tot gevolg hebben, maar hoogstens de onuitvoerbaarheid ervan bij gebreke aan de noodzakelijke natuurvergunning. 5.
  3. Het middel is niet gegrond. B. Tweede middel Uiteenzetting van het middel 5.
  4. In een tweede middel voert de verzoeker de schending aan van artikel 13, §§ 4 en 5 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu en artikel 7, § 2, 2/ van het besluit van de Vlaamse regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering X-12.817-9/13 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. Hij zet dit middel uiteen als volgt: “Volgens art. 7, § 1 van het Besluit zijn wijzigingen aan historisch permanent grasland verboden; Historisch permanent grasland is ‘een half natuurlijke vegetatie bestaande uit grasland gekenmerkt door het langdurige grondgebruik als graasweide, hooiland of wisselweide met ofwel cultuurhistorische waarde, ofwel een soortenrijke vegetatie van kruiden en grassoorten waarbij het milieu wordt gekenmerkt door aanwezigheid van sloten, greppels, poelen, uitgesproken microreliëf, bronnen of kwelzones’ Een uitzondering hierop kan worden toegestaan indien er een bouwvergunning wordt afgeleverd na advies van de ‘afdeling’; Met de ‘afdeling’ wordt bedoeld: ‘de afdeling Natuur van de Administratie Milieu-, Natuur-, Land- en Waterbeheer van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap’ Het perceel waarvoor de Beslissing werd genomen, is een historisch permanent grasland; Het gaat immers om ‘blijvend grasland’, zoals de VLAAMSE LANDMAATSCHAPPIJ aangeeft; Daarenboven wordt het gekenmerkt door de aanwezigheid van een sloot of een greppel, hetgeen trouwens al blijkt uit de aanvraag tot demping en heraanleg van de beek; Zij werd steeds gebruikt als graasweide; Bijgevolg diende het advies van de afdeling Natuur van de Administratie Milieu-, Natuur-, Land- en Waterbeheer van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap ingewonnen te worden alvorens de stedenbouwkundige vergunning kon worden afgeleverd; Het advies van de afdeling Natuur werd niet ingewonnen; Aldus schendt de Beslissing art. 7 § 2, 2/ van het Besluit; Het advies is een substantieel vormvereiste; het wordt aangekondigd in het Decreet en uitdrukkelijk vermeld in het Besluit; bovenal gaat het om een maatregel van algemeen belang, en het is precies dit oogmerk van algemeen belang die van de maatregel een substantieel vormvoorschrift maakt; Zoals reeds aangegeven in titel 9 van huidig verzoek, wordt verzoeker geschaad in zijn belangen door het niet-naleven van het voorschrift; het (is) precies de Afdeling Natuur die de evaluatie van de impact op het geheel voor wat betreft flora en fauna en milieu-effecten (zuivering door werking van het water) zal maken”. Beoordeling 5.
  5. Artikel 13, §§ 4 en 5 van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, bepaalt: “§ 4.

§ 3

wordt het wijzigen van de vegetatie of het geheel of gedeeltelijk wijzigen van kleine landschapselementen of de vegetatie ervan, voor zover de Vlaamse regering die wijzigingen niet verbiedt, afhankelijk gemaakt van het verkrijgen van een vergunning. Het gaat daarbij om de volgende gebieden: X-12.817-10/13 1/ de groengebieden, de parkgebieden, de buffergebieden, de bosgebieden, de natuurontwikkelingsgebieden, de valleigebieden, de brongebieden, de agrarische gebieden met ecologisch belang of waarde, de agrarische gebieden met bijzondere waarde en de met al deze gebieden vergelijkbare bestemmingsgebieden, aangewezen op de plannen van aanleg of de ruimtelijke uitvoeringsplannen van kracht in de ruimtelijke ordening; 2/ de beschermde duingebieden, aangeduid krachtens artikel 52 van de wet van 12 juli 1973, toegevoegd bij decreet van 14 juli 1993 houdende maatregelen tot bescherming van de kustduinen; 3/ de gebieden afgebakend volgens of in uitvoering van internationale overeenkomsten of verdragen betreffende het natuurbehoud of van akten betreffende het natuurbehoud, met inbegrip van Europese richtlijnen, vastgesteld op grond van internationale verdragen. De Vlaamse regering kan bepalen welke activiteiten een wijziging zijn van de vegetatie of van kleine landschapselementen of van de vegetatie ervan. § 5.

§§ 3

en 4, wordt het geheel of gedeeltelijk wijzigen van kleine landschapselementen of de vegetatie ervan, voor zover de Vlaamse regering die wijzigingen niet verbiedt, tevens afhankelijk gemaakt van het verkrijgen van een vergunning in de volgende gebieden: 1/ de landschappelijk waardevolle agrarische gebieden en de agrarische gebieden en de met al deze gebieden vergelijkbare bestemmingsgebieden, aangewezen op de plannen van aanleg of de ruimtelijke uitvoeringsplannen van kracht in de ruimtelijke ordening; 2/ het IVON”. Artikel 7, § 1 en § 2, 2/ van het besluit van de Vlaamse regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu, bepaalt: “Art. 7. § 1.

artikel 9 van het decreet is het wijzigen van de volgende kleine landschapselementen en vegetaties verboden : 1/ holle wegen; 2/ graften; 3/ bronnen; 4/ historisch permanent grasland en poelen gelegen in groengebieden, parkgebieden, buffergebieden en bosgebieden; 5/ vennen en heiden; 6/ moerassen en waterrijke gebieden; 7/ duinvegetaties. De onder punten 5/, 6/, en 7/ vermelde vegetaties worden nader aangegeven in bijlage V. §

  1. Voor zover uitdrukkelijk voldaan is aan de zorgplicht opgelegd door artikel 14 van het decreet, geldt het in § 1 bedoelde verbod niet wanneer de activiteiten tot wijziging van kleine landschapselementen en vegetaties: (...) 2/ hetzij worden uitgevoerd op basis van een regelmatige bouwvergunning afgeleverd met toepassing van de wetgeving op de ruimtelijke ordening na advies van de afdeling en voor zover uitdrukkelijk is voldaan aan de bepalingen van artikel 16 van het decreet inzake het tegengaan van vermijdbare schade”. X-12.817-11/13 5.
  2. Het uitgangspunt van het middel is gesteund op het verbod tot het wijzigen van historisch permanent grasland, zoals opgenomen in artikel 7, § 1 van het besluit van de Vlaamse regering van 23 juli 1998 tot vaststelling van nadere regels ter uitvoering van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu. 5.
  3. Er dient te worden vastgesteld dat het in artikel 7, § 1, 4/ bedoelde verbod beperkt is tot de groengebieden, parkgebieden, buffergebieden en bosgebieden, en dit zowel voor historisch permanent grasland als voor poelen. In casu ligt het betrokken terrein niet in een zodanig gebied maar in een landschappelijk waardevol agrarisch gebied, zodat het in deze bepaling vervatte verbod niet geldt, en er dus evenmin sprake kan zijn van een schending van de uitzonderingsbepaling op dit verbod. 5.
  4. Het middel is niet gegrond. C. Derde middel Uiteenzetting van het middel 5.
  5. In een derde middel voert de verzoeker de schending aan van de beginselen van behoorlijk bestuur, inzonderheid de zorgvuldigheidsplicht. Hij zet dit middel uiteen als volgt : “De zorgvuldigheidsplicht bij het nemen van een bestuurlijke beslissing is erkend als een algemeen beginsel van behoorlijk bestuur;
  6. Zij houdt in dat een beslissing dient gebaseerd te zijn op een correcte feitenvinding; De Beslissing vermeldt op geen enkele plaats dat het gaat om grasland; Nochtans is dit gegeven, zoals in punt 10.2 aangegeven, essentieel voor de beoordeling van de aanvraag; Afhankelijk van de kwalificatie als grasland, dient al dan niet het advies van de afdeling natuur van de Administratie Milieu-, Natuur-, Land- en Waterbeheer van het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap ingewonnen worden; De Beslissing is dus niet gebaseerd op correcte feitenvinding;
  7. Daarenboven houdt het zorgvuldigheidsbeginsel in dat de beslissing gesteund moet zijn op een volledig onderzoek van de zaak; Indien het gebrek het advies van de Afdeling Natuur op te vragen niet aanzien zou kunnen worden als een inbreuk op een substantieel vormvereiste, quod non, dient te worden vastgesteld dat het Besluit aangeeft wat het onder een volledig onderzoek verstaat; Een volledig onderzoek van de zaak veronderstelt het advies van de Afdeling Natuur; Nu dit advies niet werd ingewonnen, werd geen volledig onderzoek gevoerd; X-12.817-12/13 De beslissing is dus niet gesteund op een volledig onderzoek van de zaak”. Beoordeling 5.
  8. De stedenbouwkundige vergunning en de natuurvergunning worden door afzonderlijke reglementeringen met een eigen finaliteit beheersd. Ook in dit middel gaat de verzoeker er zoals in het eerste middel verkeerdelijk van uit dat een advies van de afdeling Natuur vereist is. Voorts brengt de verzoeker geen enkel element bij om aan te tonen dat het bestreden besluit vanuit stedenbouwkundig oogpunt onzorgvuldig is genomen. 5.
  9. Het middel is niet gegrond. BESLISSING
  10. De Raad van State verwerpt het beroep.
  11. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 125 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van tweeëntwintig april 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Johan Bovin, staatsraad, Jan Clement, staatsraad, bijgestaan door Astrid Truyens, griffier De griffier De voorzitter Astrid Truyens Roger Stevens X-12.817-13/13 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.204 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.