id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 april 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.288 Rolnummer: A. 177280/X-13040 Zaak: Arrest 203288 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 27/04/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-05-05 Raadplegingen: 69 - laatst gezien 2026-06-30 04:39 Fiche Arrest nr 203.288 van 27 april 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 203.288 van 27 april 2010 in de zaak A. 177.280/X-13.
- In zake : Evangelos PAPAZISSIS wonende te 3530 HOUTHALEN Baarsstraat 18 bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Eddy Pools en Paul Vanagt kantoor houdend te 3600 GENK Bochtlaan 12, bus 8 tegen: de deputatie van de provincieraad van LIMBURG DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Evangelos PAPAZISSIS op 18 september 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 20 juli 2006 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Limburg houdende het niet inwilligen van een beroep tegen de beslissing van 24 april 2006 van het college van burgemeester en schepenen van Houthalen-Helchteren waarbij een vergunning wordt geweigerd voor het regulariseren en het uitbreiden van een bestaande ééngezinswoning gelegen op een perceel aan de Baarsstraat 18 in de deelgemeente Houthalen, kadastraal bekend sectie G, nr. 100F 6; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur B. SPEYBROUCK; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 24 november 2009; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; X-13.040-1/3 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : In het auditoraatsverslag is de verwerping van het beroep voorgesteld. De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding gemaakt van artikel 21, zesde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verzoekende partij heeft binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Krachtens die wetsbepaling geldt te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding. Op grond van artikel 14quater van voornoemd besluit van de Regent zal de kamer de afstand van geding uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-13.040-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zevenentwintig april 2010, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. S. DE CLERCQ, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DE CLERCQ. R. STEVENS. X-13.040-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.288 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div