id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 mei 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.625 Rolnummer: A. 191271/XII-5706 Zaak: Arrest 203625 - Media - 04/05/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-05-12 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-06-30 04:42 Fiche Arrest nr 203.625 van 4 mei 2010 Onderwijs en cultuur - Media Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 203.625 van 4 mei 2010 in de zaak A.191.271/XII-5706 In zake: de NV VLAAMSE MEDIA MAATSCHAPPIJ bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Christiaan Lesaffer kantoor houdend te Antwerpen Oudeleeuwenrui 19 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de VLAAMSE REGULATOR VOOR DE MEDIA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Noëlla Viaene kantoor houdend te Aalter Rostynedreef 24 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 30 januari 2009, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing van 27 oktober 2008 van de Vlaamse Regulator voor de Media, waarbij aan de verzoekende partij een waarschuwing wordt opgelegd. II. Verloop van de rechtspleging De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Adjunct-auditeur Alexander Van Steenberge heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 13 november
- XII-5706-1\3 Op 4 februari 2010 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zesde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend en laat met een brief van 14 december 2009 uitdrukkelijk weten dat zij de procedure niet wenst verder te zetten.
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
- De Raad van State stelt de afstand van het geding vast. XII-5706-2\3
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 4 mei 2010, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Van Haegendoren XII-5706-3\3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.625 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.