← België

Arrest 203718 - Overheidsopdrachten - 06/05/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 mei 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.718 Rolnummer: A. 194733/XII-6041 Zaak: Arrest 203718 - Overheidsopdrachten - 06/05/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-05-18 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-06-30 04:42 Fiche Arrest nr 203.718 van 6 mei 2010 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 203.718 van 6 mei 2010 in de zaak A. 194.733/XII-6041 In zake: Arturo MORO woonplaats kiezend te Maasmechelen Steenkuilstraat 103, bus 1 tegen: de GEMEENTE MAASMECHELEN bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Kathleen Daenen kantoor houdend te Maasmechelen Hermanslaan 14/1 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep

  1. Het beroep, ingesteld op 26 november 2009, strekt tot de nietigverklaring van “de beslissing van de gemeenteraad van Maasmechelen van 1 september 2009 waarbij akkoord werd gehecht aan het bestek 09/136 en de raming voor de opdracht met als voorwerp ‘Openluchtzwembad Eisden - sloopwerken’, opgesteld door de Technische Dienst - Overheidsopdrachten, waarbij besloten werd dat de opdracht werd gegund volgens de procedure van een openbare aanbesteding en waarbij besloten werd dat het voorziene krediet wordt verhoogd bij de volgende budgetwijziging”. Met een afzonderlijk verzoekschrift van 8 februari 2010 stelt verzoeker een vordering in “om de verweerder te verplichten bij wijze van voorlopige maatregelen eventueel mits dwangsom waarvan de hoogte te bepalen is door de Raad, om op zeer korte termijn :
  2. een onafhankelijke studiebureau aan te duiden die op basis van de bevindingen van de betonstudie van 1994, de studie van J. Urlings van 2007 en het rapport en de bevindingen van de stabiliteitsingenieur dhr. Van Doorslaer een voorstel formuleert met zinvolle maatregelen met het oog op het behoud van het openluchtzwembad;
  3. aan meerdere bouwfirma’s een kostenraming te vragen op basis van het rapport van het onafhankelijk studiebureau; XII-6041-1\4
  4. het resultaat van de kostenramingen alsook het volledige dossier van het openluchtzwembad te agenderen op een volgende gemeenteraad;
  5. de uitvoering te schorsen van de toewijzing d.d. 18/12/2009 van het schepencollege van de gemeente Maasmechelen van de sloopopdracht van het openluchtzwembad in afwachting van de bespreking van de kostenraming door de gemeenteraad”. II. Verloop van de rechtspleging
  6. Bij arrest nr. 201.021 van 18 februari 2010 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing verworpen en wordt de afstand vastgesteld van een eerste vordering tot het bevelen van voorlopige maatregelen en tot het opleggen van een dwangsom, ingesteld bij verzoekschrift van 23 december
  7. Verwerende partij heeft in het kader van het verzoekschrift tot het bevelen van voorlopige maatregelen een aanvullende nota en aanvullend administratief dossier ingediend. Auditeur Inge Vos heeft een verslag opgesteld. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 22 april
  8. Kamervoorzitter Dierk Verbiest heeft verslag uitgebracht. Verzoeker is gehoord. Auditeur Inge Vos heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  9. XII-6041-2\4 III. Afstand van het beroep
  10. Verzoeker heeft met een brief van 7 maart 2010 laten weten dat hij afstand doet van zijn beroep tot nietigverklaring alsook van de op 8 februari 2010 ingestelde vordering tot het opleggen van voorlopige maatregelen. Dit verzoek wordt ingewilligd. IV. Kosten
  11. Op de vraag van verzoeker om de kosten van de vordering tot schorsing ten laste van verwerende partij te leggen, wordt niet ingegaan. Die vordering is immers verworpen, op grond van de nadeelsvereiste en in het auditoraatsverslag werden ook de middelen niet ernstig bevonden. Aan die conclusie wordt geen afbreuk gedaan doordat zoals verzoeker betoogt, de sloop van het in het geding zijnde zwembad reeds zou zijn aangevat vóórdat het arrest over de vordering tot schorsing was betekend. BESLISSING
  12. De Raad van State stelt de afstand vast van het beroep tot nietigverklaring en van de vordering tot het opleggen van voorlopige maatregelen en tot het opleggen van een dwangsom.
  13. Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 175 euro. XII-6041-3\4 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 6 mei 2010, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Dierk Verbiest, kamervoorzitter, bijgestaan door Silja Doms, griffier. De griffier De voorzitter Silja Doms Dierk Verbiest XII-6041-4\4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.718 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.021 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.