id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 mei 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.195 Rolnummer: A. 188306/XII-5454 Zaak: Arrest 204195 - Diploma's - 25/05/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-06-02 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-06-30 04:47 Fiche Arrest nr 204.195 van 25 mei 2010 Onderwijs en cultuur - Diploma's Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 204.195 van 25 mei 2010 in de zaak A. 188.306/XII-5454 In zake: Marcelo ABARCA, die woonplaats kiest bij Gilbert De Ridder wonende te Turnhout Steenweg op Zondereigen 69 tegen: de VLAAMSE GEMEENSCHAP, die woonplaats kiest bij de juridische cel Advies en Ondersteuning onderwijs Personeel, kantoor houdend te 1210 Brussel, Koning Albert II-laan 15, kamer 1C24 -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 30 april 2008, strekt tot de nietigverklaring van de beslissing meegedeeld bij schrijven van 3 maart 2008 van het agentschap voor Hoger Onderwijs, Volwassenenonderwijs en Studietoelagen, afdeling Hoger Onderwijs waarbij het diploma “Licenciado en Odontologia”, uitgereikt aan Marcelo Abarca door de University of Chile op 26 november 1996, niet als volledig gelijkwaardig wordt erkend met de Vlaamse graad van “tandarts”. II. Verloop van de rechtspleging De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Eerste auditeur-afdelingshoofd Rudi Van der Gucht heeft een verslag opgesteld. Dat verslag werd aan de verzoekende partij ter kennis gebracht op 10 november
- XII-5454-1\3 Op 6 april 2010 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan de verzoekende partij de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. Naar luid van artikel 21, zesde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend.
- Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. XII-5454-2\3 BESLISSING
- De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 25 mei 2010, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, waarnemend voorzitter, staatsraad, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Van Haegendoren XII-5454-3\3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.195 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div