id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 mei 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.354 Rolnummer: A. 182461/X-13251 Zaak: Arrest 204354 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 27/05/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-06-04 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 04:47 Fiche Arrest nr 204.354 van 27 mei 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK Xe KAMER nr. 204.354 van 27 mei 2010 in de zaak A. 182.461/X-13.
- In zake: de n.v. CONSTRUCTO bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Ciska Servais kantoor houdend te 2600 ANTWERPEN-BERCHEM Roderveldlaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Johan Claes kantoor houdend te 2550 KONTICH Mechelsesteenweg 160 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: de stad MORTSEL bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Dirk Lindemans en Thomas Eyskens kantoor houdend te 1000 BRUSSEL Keizerslaan 3 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 16 april 2007, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van 9 februari 2007 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting en Ruimtelijke Ordening waarbij aan de verzoekende partij de stedenbouwkundige vergunning wordt geweigerd voor het bouwen van appartementsgebouwen met ondergrondse parking en de aanleg van een vijver op een terrein gelegen aan de Drabstraat 165 te Mortsel, kadastraal bekend sectie B, nrs. 168/k en 171/r. X-13.251-1/6 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekende partij heeft een memorie van wederantwoord ingediend. De tussenkomende partij heeft een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 3 augustus
- De tussenkomende partij heeft een memorie ingediend. Auditeur Ronny Vercruyssen heeft een verslag opgesteld. De verzoekende partij heeft een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De verwerende partij en de tussenkomende partij hebben een laatste memorie ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 12 maart
- Staatsraad Jan Clement heeft verslag uitgebracht. Advocaat Philippe Van Wesemael, die loco advocaat Ciska Servais verschijnt voor de verzoekende partij, advocaat Anneleen Claes, die loco advocaat Johan Claes verschijnt voor de verwerende partij, en advocaat Thomas Eyskens, die verschijnt voor de tussenkomende partij, zijn gehoord. Auditeur Ronny Vercruyssen heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten
- Op 20 december 1999 (datum van het ontvangstbewijs) vraagt de verzoekende partij bij het gemeentebestuur van Mortsel een stedenbouwkundige X-13.251-2/6 vergunning voor het slopen van de “hoeve Liekens” op een perceel aan de Drabstraat 165 te Mortsel, kadastraal bekend Sectie B, nrs. 171/r en 168/k.
- Op 14 januari 2002 (datum van het ontvangstbewijs) vraagt de verzoekende partij bij het gemeentebestuur van Mortsel een stedenbouwkundige vergunning voor het bouwen van vier appartementsgebouwen met ondergrondse parking en een vijver op het voornoemde perceel.
- Op 29 januari 2002 weigert de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening de aanvraag tot slopen van de “hoeve Liekens”. Bij arrest nr. 163.595 van 13 oktober 2006 verwerpt de Raad van State het beroep van de verzoekende partij tegen het voornoemde weigeringsbesluit (zaak A. 119.235/X-10.906).
- Begin 2002 sloopt de verzoekende partij de “hoeve Liekens” zonder over een stedenbouwkundige vergunning te beschikken.
- Op 14 maart 2002 willigt de Voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen de milieustakingsvordering van de tussenkomende partij jegens de verzoekende partij in en veroordeelt hij de verzoekende partij tot “herstel in de oorspronkelijke toestand” op het betrokken perceel, dit is de wederopbouw van de “hoeve Liekens”.
- Het voornoemde perceel is volgens het gewestplan Antwerpen, vastgesteld bij koninklijk besluit van 3 oktober 1979, gelegen in woongebied. Het is tevens gelegen binnen het beheersingsgebied van het bijzonder plan van aanleg “Drabstraat” dat de gemeenteraad van de stad Mortsel op 30 mei 2000 definitief heeft aangenomen en dat op 9 oktober 2002 werd goedgekeurd door de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke ordening. Bij arrest nr. 163.594 van 13 oktober 2006 verwerpt de Raad van State het beroep van de verzoekende partij tegen de besluiten van 30 mei 2000 en 9 oktober 2002 (zaak nr. A 131.211/X-11.232). Het perceel is niet gelegen binnen het gebied van een goedgekeurd gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan, of van een vergunde verkaveling.
- Op 26 maart 2002 weigert het college van burgemeester en schepenen van Mortsel de stedenbouwkundige vergunning voor het bouwen van vier appartementsgebouwen met ondergrondse parking en een vijver wegens de X-13.251-3/6 strijdigheid met het door de gemeenteraad definitief aangenomen bijzonder plan van aanleg.
- Op 26 april 2002 gaat de verzoekende partij tegen de laatstgenoemde weigeringsbeslissing in beroep bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen. Bij ontstentenis van beslissing van de deputatie gaat de verzoekende partij op 20 augustus 2002 in beroep bij de bevoegde minister.
- Op 9 december 2002 verwerpt het Hof van Beroep te Antwerpen het beroep van de verzoekende partij tegen het voornoemde vonnis van de Voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen. Op 19 maart 2004 verwerpt het Hof van Cassatie het beroep van de verzoekende partij tegen het voornoemde arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen.
- Op 9 februari 2007 verwerpt de verwerende partij het beroep van de verzoekende partij en weigert zij de vergunning voor het bouwen van vier appartementsgebouwen met ondergrondse parking en een vijver. Dit is het bestreden besluit.
- Op 6 maart 2007 veroordeelt de rechtbank van eerste aanleg te Antwerpen de verzoekende partij tot een geldboete van i 10.000 voor het wederrechtelijk slopen van de “hoeve Liekens”. Over het door het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Mortsel gevorderde herstel vraagt de rechtbank advies aan de Hoge Raad voor het Herstelbeleid. Op 8 oktober 2008 bevestigt het Hof van Beroep te Antwerpen het laatstgenoemde vonnis van eerste aanleg te Antwerpen op strafgebied. Het Hof van Beroep verklaart de vordering tot herstel van de plaats in de vorige staat van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Mortsel ontvankelijk en beveelt terzake een deskundigenonderzoek. Op 24 maart 2009 verwerpt het Hof van Cassatie het cassatieberoep van de verzoekende partij tegen het laatstgenoemde arrest van het Hof van Beroep te Antwerpen. IV. Ontvankelijkheid
- In het auditoraatsverslag wordt de verzoekende partij gevraagd om in haar laatste memorie aan te geven over welk actueel belang zij nog beschikt, X-13.251-4/6 “gelet op de veroordelingen door de gewone rechtbanken (...) die de heropbouw van de gesloopte hoeve (...) bevelen, waardoor het voorgestelde project dat door de huidige bestreden beslissing wordt geweigerd, de facto niet-realiseerbaar zou zijn”.
- In haar laatste memorie stelt de tussenkomende partij dat het feit dat de verzoekende partij op definitieve wijze werd veroordeeld tot de wederopbouw van de hoeve zich er tegen verzet dat de verzoekende partij nog een actueel belang heeft.
- De verzoekende partij legt een laatste memorie neer waarin zij louter verwijst naar haar vorige procedurestukken en dus niet antwoordt op de door het auditoraat gevraagde toelichting in verband met haar actueel belang.
- Het blijkt niet waarin het actueel belang van de verzoekende partij gelegen is aangezien de door de justitiële rechter met kracht van gewijsde bevolen heropbouw van de gesloopte hoeve de uitvoering van de aangevraagde werken onmogelijk maakt. BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverklaring, begroot op 175 euro. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 125 euro. X-13.251-5/6 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van zevenentwintig mei 2010, door de Raad van State, Xe kamer, samengesteld uit: Roger Stevens, kamervoorzitter, Johan Bovin, staatsraad, Jan Clement, staatsraad, bijgestaan door Astrid Truyens, griffier De griffier De voorzitter Astrid Truyens Roger Stevens X-13.251-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.354 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div