id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 02 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.585 Rolnummer: A. 191641/X-14095 Zaak: Arrest 204585 - Onteigeningen - 02/06/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-06-09 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 04:49 Fiche Arrest nr 204.585 van 2 juni 2010 Overheidsopdrachten en openbare werken - Onteigeningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 204.585 van 2 juni 2010 in de zaak A. 191.641/X-14.
- In zake :
- Frans DE PAUW
- Dirk VAN DER STRAETEN
- Danny BOTERBERGH bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Jan Van Den Noortgate kantoor houdend te 9700 OUDENAARDE Einestraat 22 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: het VLAAMSE GEWEST, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Tom De Sutter kantoor houdend te 9000 GENT Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: dienstverlenende vereniging SOLVA bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bernadette Neckebrouck kantoor houdend te 9300 AALST Graanmarkt 17 bij wie woonplaats wordt gekozen DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Frans DE PAUW, Dirk VAN DER STRAETEN en Danny BOTERBERGH op 27 februari 2009 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “het ministerieel besluit dd. 12 december 2008 van de Vlaamse Minister van Binnenlands Bestuur, Stedenbeleid, Wonen en Inbugering (...) waarbij - de verwerving van de onroerende goederen gelegen te Denderleeuw, deelgemeente Welle, waartoe de gemeenteraad van Denderleeuw met het oog op de realisatie van het RUP Verruimd Broekpark definitief besloten heeft op 30 mei 2006, tot nut van het algemeen erkend wordt; X-14.095-1/3 - de inbezitneming van de onroerende goederen voorkomend op het bijgaand plan als ‘volstrekt noodzakelijk’ bestempeld wordt; - de dienstverlenende vereniging SOLVA ertoe gemachtigd wordt om, ter verwezenlijking van de werken, tot onteigening over te gaan bij hoogdringendheid”; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst op 14 april 2009 ingediend door de dienstverlenende vereniging SOLVA; Gelet op de beschikking van 22 december 2009 die de tussenkomst van SOLVA toelaat; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partijen op 9 april 2009; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : Bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord aan de verzoekende partijen heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van artikel 21, tweede lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verzoekende partijen hebben binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd. Krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt. Op grond van artikel 14bis, § 1 van voornoemd besluit van de Regent, zal de kamer uitspraak doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. X-14.095-2/3 Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 525 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, ieder voor een derde. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twee juni 2010, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-14.095-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.204.585 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.