id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.205.690 Rolnummer: A. 192851/XII-5839 Zaak: Arrest 205690 - Diploma's - 24/06/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-06-30 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 04:56 Fiche Arrest nr 205.690 van 24 juni 2010 Onderwijs en cultuur - Diploma's Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER nr. 205.690 van 24 juni 2010 in de zaak A. 192.851/XII-5839 In zake: Kris VAN DER HIJDEN die woonplaats kiest te Mol Vennestraat 52 tegen: de UNIVERSITEIT GENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sabien Lust kantoor houdend te Brugge Baron Ruzettelaan 27 bij wie woonplaats wordt gekozen -------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 3 juni 2009, strekt tot de nietigverklaring van “[de] beslissing d.d. 11 mei 2009 van de Rector van de Ugent [waarbij] de aanvraag [van Kris van der Hijden] van een diploma Bachelor in de Economische Wetenschappen [en van een diploma van master] in de algemenen economie, die gestoeld was op grond van art. 51 Flexibiliseringsdecreet [wordt] afgewezen”. II. Verloop van de rechtspleging
- Bij arrest nr. 200.011 van 26 januari 2010 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing, onder verbeurte van een dwangsom, verworpen. Dat arrest is op 4 februari 2010 aan verzoeker ter kennis gebracht. Op 7 april 2010 heeft de hoofdgriffier, op verzoek van het aangewezen lid van het auditoraat, aan verzoeker de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. XII-5839-1\3 Verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Beoordeling
- Naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest.
- Verzoeker heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend.
- Het vermoeden van afstand van het geding is te dezen van toepassing. BESLISSING
- De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
- Verzoeker wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 175 euro. XII-5839-2\3 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 24 juni 2010, door de Raad van State, XIIe kamer, samengesteld uit: Geert Van Haegendoren, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Frank Bontinck, griffier. De griffier De voorzitter Frank Bontinck Geert Van Haegendoren XII-5839-3\3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.205.690 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.011 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.