id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 juni 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.205.982 Rolnummer: A. 193193/X-14255 Zaak: Arrest 205982 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 29/06/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-07-08 Raadplegingen: 67 - laatst gezien 2026-07-02 10:42 Fiche Arrest nr 205.982 van 29 juni 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 205.982 van 29 juni 2010 in de zaak A. 193.193/X-14.
- In zake :
- René ROMBOUTS
- Nadine VAN DE GENACHTE
- Jan DEBRUYNE
- Claudine VAN BEVERLUYS bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaten Carlos De Wolf en Karolien Beké kantoor houdend te 9680 MAARKEDAL Etikhovestraat 6 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen:
- de stad GENT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Sylvie Kempinaire kantoor houdend te 9051 GENT Putkapelstraat 105
- de deputatie van de provincieraad van OOST-VLAANDEREN Tussenkomende partijen:
- de n.v. COFINIMMO bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Thomas Bienstman kantoor houdend te 9000 GENT Vlaanderenstraat 78 bij wie woonplaats wordt gekozen
- de v.z.w. LE FOYER DE LA FEMME bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Veerle Tollenaere kantoor houdend te 9000 GENT Koning Albertlaan 128 bij wie woonplaats wordt gekozen DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat René ROMBOUTS, Nadine VAN DE GENACHTE, Jan DEBRUYNE en Claudine VAN BEVERLUYS op 30 juni 2009 hebben ingediend, en waarin zij de nietigverklaring vorderen van: - het besluit van 29 januari 2009 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Gent waarbij aan de n.v. Cofinimmo de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een woon- en zorgcentrum te X-14.255-1/4 Gentbrugge, Jan Van Aelbroecklaan, kadastraal bekend sectie A, nr. 598/E en 622/K; - “de impliciete beslissing van de Tweede Verwerende Partij, waardoor de Eerste Bestreden Beslissing van de Eerste Verwerende Partij, herleeft”. Gelet op het arrest nr. 198.151 van 24 november 2009 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verzoekende partijen op 4 december 2009; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit, aan de verzoekende partijen melding gemaakt van artikel 17, § 4ter van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. Naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter geldt ten aanzien van de verzoekende partijen een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indienen binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest. Op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1 zal de kamer de afstand van X-14.255-2/4 geding uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord. De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 700 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, ieder voor een vierde. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, ieder voor de helft. X-14.255-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig juni 2010, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-14.255-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.205.982 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.198.151 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div