← België

Arrêt / Arrest 206438 - Permis d’urbanisme et permis mixtes / Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 06/07/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 juli 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.438 Rolnummer: A. 143432/V-1683 Zaak: Arrêt / Arrest 206438 - Permis d'urbanisme et permis mixtes / Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 06/07/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-07-13 Raadplegingen: 83 - laatst gezien 2026-07-02 11:47 Versie(s): Versie FR Fiche Arrest nr 206.438 van 6 juli 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Geen grond tot uitspraak Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK nr. 206.438 van 6 juli 2010 A.143.432/V-1683 In zake: de Stad Tienen, die woonplaats kiest bij Mr. Hans-Kristof CAREME, advocaat, Industrieweg 4 bus 1 3001 Heverlee, tegen:

  1. de Gemeente Hélécine, die woonplaats kiest bij Mr. Jean-Paul WAHL, advocaat, avenue Fernand Charlot 5A 1370 Geldenaken,
  2. het Waals Gewest, vertegenwoordigd door zijn Regering, dat woonplaats kiest bij Mr. Pierre LAMBERT, advocaat, Nieuwenhovestraat 14A 1180 Brussel. Tussenkomende partij: de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid GREEN PARK NEERHEYLISSEM, die woonplaats kiest bij Mr. Benoît HAVET, advocaat, chemin du Stocquoy 1-3 1300 Waver. ------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE RAAD VAN STATE, Ve KAMER, Gezien het op 31 oktober 2003 ingediende verzoekschrift, waarbij de stad Tienen de nietigverklaring vordert van de stedenbouwkundige vergunning die het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Hélécine op 16 juni 2003 heeft afgegeven aan de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid (bvba) GREEN PARK NEERHEYLISSEM voor de aanleg van een motorcrossterrein op een V - 1683n - 1/4 goed in de rue de Gossoncourt te Hélécine, kadastraal bekend sectie D, nummers 238l en 238m, alsook van het gunstige advies van de gemachtigde ambtenaar van 5 juni 2003; Gezien het op 23 maart 2004 ingediende verzoekschrift, waarbij de bvba GREEN PARK NEERHEYLISSEM vraagt als tussenkomende partij te mogen optreden; Gelet op de beschikking van 30 april 2004, waarbij die tussenkomst wordt toegestaan; Gezien de regelmatig uitgewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien de memorie van tussenkomst; Gezien de brief van 9 februari 2010 die de advocaat van de eerste verwerende partij aan de Raad van State heeft gericht; Gezien het verslag van mevrouw VOGEL, eerste auditeur bij de Raad van State, opgemaakt op basis van artikel 93 van de algemene procedureregeling; Gelet op de beschikking van 5 mei 2010, waarbij wordt bepaald dat de zaak voorkomt op de terechtzitting van 22 juni 2010 om 14.00 uur; Gelet op de kennisgeving aan de partijen van het verslag en de beschikking tot bepaling van de rechtsdag; Gehoord het verslag van de heer JAUMOTTE, staatsraad; Gehoord de opmerkingen van Mr. K. LEUS, loco Mr. H.-K. CAREME, advocaat, die voor de verzoekende partij verschijnt, van Mr. J.-P. WAHL, advocaat, die voor de eerste verwerende partij verschijnt, van Mr. Y. TOURNAY, loco Mr. P. LAMBERT, advocaat, die voor de tweede verwerende partij verschijnt, en van Mr. J. SOHIER, loco Mr. B. HAVET, advocaat, die voor de tussenkomende partij verschijnt; Gehoord het eensluidend advies van mevrouw VOGEL, eerste auditeur; V - 1683n - 2/4 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de eerste verwerende partij bij brief van 9 februari 2010, met staving door bewijsstukken, te kennen heeft gegeven dat ze de bestreden handeling op 3 november 2009 heeft ingetrokken en dat van die beslissing tot intrekking kennis is gegeven aan de tussenkomende partij door middel van een aangetekende brief van 10 februari 2010; Overwegende dat de tussenkomende partij binnen de gestelde termijn geen beroep heeft ingediend tegen die intrekking en dat zowel de tussenkomende partij als de verzoekende partij en de verwerende partijen op de terechtzitting van 22 juni 2010 gesteld hebben dat het beroep bijgevolg doelloos is geworden; Overwegende dat inderdaad geoordeeld dient te worden dat het beroep in de loop van het geding doelloos geworden is doordat de bestreden handeling ingetrokken is, BESLUIT: Artikel
  3. Er is geen grond meer om uitspraak te doen. Artikel
  4. De kosten, bepaald op 300 euro, komen ten laste van de verwerende partijen ten belope van elk 87,50 euro en ten laste van de tussenkomende partij ten belope van 125 euro. V - 1683n - 3/4 Aldus uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van de Ve kamer, op zes juli tweeduizend tien door: de HH. R. ANDERSEN, eerste voorzitter van de Raad van State, J. JAUMOTTE, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, Mevr. M.-Chr. MALCORPS, griffier. De Griffier, De Eerste Voorzitter van de Raad van State, M.-Chr. MALCORPS. R. ANDERSEN. V - 1683n - 4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.438 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.