id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 juli 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.485 Rolnummer: A. 184403/IX-5699 Zaak: Arrest 206485 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 08/07/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-07-14 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-07-02 11:53 Fiche Arrest nr 206.485 van 8 juli 2010 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : heropening debatten Aanvullend verslag Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 206.485 van 8 juli 2010 in de zaak A. 184.403/IX-5699 In zake : Ingrid VANDEN BERGHE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Pascal Lahousse kantoor houdend te Mechelen Leopoldstraat 64 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de BELGISCHE STAAT, vertegenwoordigd door de minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Patrik De Maeyer kantoor houdend te Brussel Tedescolaan 7 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 18 juli 2007, strekt tot de nietigverklaring van het koninklijk besluit van 26 april 2007 tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 november 2006 betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management- en staffuncties in sommige instellingen van openbaar nut, bekend- gemaakt in het Belgisch Staatsblad van 24 mei
- II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend en de verzoekster heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Auditeur Geert De Bleeckere heeft een verslag opgesteld. De verzoekster heeft een verzoek tot voortzetting van het geding en een laatste memorie ingediend. De verwerende partij heeft een laatste memorie ingediend. IX-5699-1/8 De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 1 maart
- Staatsraad Daniël Moons heeft verslag uitgebracht. Advocaat Pascal Lahousse, die verschijnt voor de verzoekster, en advocaat Céline Ghyselen, die loco advocaat Patrik De Maeyer verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Auditeur Geert De Bleeckere heeft advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- De verzoekster wordt met ingang van 1 januari 2002 aangesteld als leidend ambtenaar van het Nationaal Geografisch Instituut (hierna: NGI), instelling van openbaar nut van categorie B. 3.
- Bij koninklijk besluit van 15 september 2006 houdende hervorming van verscheidene verordeningsbepalingen die toepasselijk zijn op ambtenaren van het NGI, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 25 september 2006, wordt artikel 3 van het koninklijk besluit van 1 juli 1997 tot vaststelling van het statuut van het personeel van het NGI, met uitwerking vanaf 1 december 2004, als volgt gewijzigd: “Art.
- §
- De leidend ambtenaar wordt in de klasse A5 ingedeeld, voert de titel van administrateur-generaal en wordt bezoldigd in de weddenschaal A
- §§
- De adjunct-leidend ambtenaar wordt in de klasse A5 ingedeeld, voert de titel van adjunct-administrateur-generaal en wordt bezoldigd in de wedden- schaal A51.” Uit datzelfde besluit blijkt dat de graad van administrateur- generaal wordt afgeschaft. Administrateur-generaal blijft ingevolge dit besluit dus enkel als titel bestaan. 3.
- In 2006 bereidt de regering een ontwerp van koninklijk besluit voor betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management- en IX-5699-2/8 staffuncties in sommige instellingen van openbaar nut, waaronder het NGI. Het ontwerp kwalificeert onder meer de administrateur-generaal als managementfunctie. Dit ontwerp wordt op 19 mei 2006 principieel goedgekeurd door de Ministerraad. Het ontwerp wordt voor advies voorgelegd aan de afdeling wetgeving van de Raad van State. Uit dit advies blijkt dat het ontwerp voor een aantal instellingen, waaronder het NGI, bij gebrek aan rechtsgrond, geen doorgang kan vinden. Dientengevolge beslist de regering het ontwerp af te slanken en te beperken tot die instellingen waarvoor de wet wel de nodige rechtsgrond biedt. Tevens wordt beslist dat onder meer voor het NGI een wetgevend initiatief zal worden genomen om de nodige rechtsgrond te creëren. 3.
- Op 16 november 2006 wordt het koninklijk besluit betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management- en staffuncties in sommige instellingen van openbaar nut (hierna: het koninklijk besluit van 16 november 2006) uitgevaardigd. Dit besluit is van toepassing op het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers, de Regie der Gebouwen en het Federaal Planbureau. In dit besluit wordt de functie van administrateur-generaal als managementfunctie gekwalificeerd, uitgeoefend bij tijdelijk en hernieuwbaar mandaat. Teneinde aangesteld te worden in dergelijke functie, dient de kandidaat deel te nemen aan een vergelijkende selectie en werving overeenkomstig hoofdstuk III van dit besluit. Hoofdstuk IV bevat nadere regels betreffende de uitoefening van de management- of staffuncties. Deze regels hebben onder meer betrekking op het opstellen van een management- en operationeel plan, op het verlof, op onverenigbaarheden en op de weging en verloning van de functie. Hoofdstuk V van het besluit regelt de evaluatie van de houder van een management- of staffunctie. Hoofdstuk VI bevat bepalingen inzake het einde van het mandaat en de niet-hernieuwing ervan, hoofdstuk VII inzake de hernieuwing van het mandaat. Artikel 31 van het besluit bevat de volgende overgangsbepaling: “Bij de eerste aanstelling van de administrateur-generaal, adjunct- administrateur-generaal, directeur-generaal, adjunct-directeur-generaal en de houders van een managementfunctie -1, blijven de huidige leidinggevende ambtenaren evenals hun adjuncten hun functie uitoefenen tot de dag dat de betrokken houder van de managementfunctie in dienst treedt. De voormalige leidinggevende ambtenaren die niet in een management- functie of staffunctie worden aangesteld en voor zover ze niet worden geïntegreerd in loopbaan A, worden door de bevoegde minister aangesteld als IX-5699-3/8 opdrachthouder. De opdracht wordt na overleg door de minister bepaald. Zij behouden het voordeel van hun weddenschaal die gekoppeld is aan hun afgeschafte graad.” 3.
- Bij de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen wordt artikel 8 van de wet van 8 juni 1976 houdende oprichting van het NGI gewijzigd. In paragraaf 5 wordt het volgende bepaald: “De Koning bepaalt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de Minister- raad, de samenstelling van het Directiecomité, het statuut en de wijze van aanstelling van de administrateur-generaal, en in voorkomend geval, van de adjunct-administrateur-generaal en de andere leden van het Directiecomité.” Aldus wordt de rechtsgrond gecreëerd om het NGI onder de toepassing van het hierboven vermelde koninklijk besluit van 16 november 2006 te brengen. 3.
- Begin 2007 heeft de regering het ontwerp van koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 november 2006 principieel goed- gekeurd en voor advies voorgelegd aan de afdeling wetgeving van de Raad van State. 3.
- Op 26 april 2007 wordt het koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 november 2006 uitgevaardigd. Dit koninklijk besluit wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 24 mei
- Dit is het bestreden besluit. Het luidt als volgt: “ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Gelet op de wet van 16 maart 1954 betreffende de controle op sommige instellingen van openbaar nut, inzonderheid op artikel 11, § 1, eerste lid; Gelet op de wet van 10 november 1967 tot oprichting van het Belgisch Interventie- en Restitutiebureau, gecoördineerd bij het koninklijk besluit van 3 februari 1995, inzonderheid op artikel 6ter, § 5, vervangen bij de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen; Gelet op de wet van 1 april 1971 houdende oprichting van een Regie der gebouwen, inzonderheid op artikel 4, § 1; IX-5699-4/8 Gelet op de wet van 10 april 1973 houdende oprichting van een Centrale Dienst voor sociale en culturele actie ten behoeve van de leden van de militaire gemeenschap, inzonderheid op artikel 9, vervangen bij de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen; Gelet op de wet van 8 juni 1976 tot oprichting van het Nationaal Geografisch Instituut, inzonderheid op artikel 8, § 5, vervangen bij de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen; Gelet op de Programmawet van 9 juli 2004, inzonderheid op artikel 199; Gelet op de wet van 20 juli 2006 betreffende de oprichting en de werking van het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten, inzonderheid op artikel 8, § 1; Gelet op het koninklijk besluit van 16 november 2006 betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management- en staffuncties in sommige instellingen van openbaar nut, inzonderheid de artikelen 1, 6, § 2 en 9, derde lid, 3°; Overwegende dat ingevolge de wens van de Regering om het principe van mandaten te veralgemenen en met het oog op de harmonisering van de regels inzake het federaal administratief openbaar ambt, het systeem van management- en staffuncties dient ingevoerd te worden in de volgende instellingen van openbaar nut : het Belgisch Interventie- en Restitutiebureau, de Centrale Dienst voor sociale en culturele actie ten behoeve van de leden van de militaire gemeenschap, het Nationaal Geografisch Instituut, het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten en het Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten; Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 31 januari 2007; Gelet op het protocol nr. 583 van 27 februari 2007 van het Comité voor de federale, de gemeenschaps- en de gewestelijke overheidsdiensten; Gelet op het advies nr. 42.519/3 van de Raad van State, gegeven op 3 april 2007, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State; Op de voordracht van Onze Minister van Financiën, Onze Minister van Binnenlandse Zaken, van Onze Minister van Defensie, van Onze Minister van Economie, van Onze Minister van Volksgezondheid, van Onze Minister van Middenstand en Landbouw, van onze Minister van Ambtenarenzaken, Maatschappelijke Integratie, Grootstedenbeleid en Gelijke Kansen, en op het advies van Onze in Raad vergaderde Ministers, Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Artikel
- Artikel 1 van het koninklijk besluit van 16 november 2006 betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management- en staffuncties in sommige instellingen van openbaar nut wordt vervangen als volgt : ‘Artikel
- Dit besluit is van toepassing op de hierna opgesomde instellingen van openbaar nut : 1° het Federaal Agentschap voor de Opvang van Asielzoekers; 2° het Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten; IX-5699-5/8 3° het Federaal Planbureau; 4° de Regie der Gebouwen; 5° het Agentschap voor de oproepen tot de hulpdiensten; 6° het Belgisch Interventie- en Restitutiebureau; 7° het Nationaal Geografisch Instituut; 8° de Centrale Dienst voor Sociale en Culturele Actie van het Ministerie van Defensie;’ Art.
- In de Nederlandse tekst van artikel 6, § 2, van hetzelfde besluit dienen de woorden ‘binnen een instelling begeven management- of staffunctie’ vervangen te worden door de woorden ‘binnen een instelling te begeven management- of staffunctie’. Art.
- In de Nederlandse tekst van artikel 9, derde lid, 3°, van hetzelfde besluit dienen de woorden ‘indien respectievelijk de administrateur-generaal of de adjunct-directeur-generaal nog niet zijn aangesteld’ vervangen te worden door de woorden ‘indien respectievelijk de administrateur-generaal of de directeur- generaal nog niet zijn aangesteld’. Art.
- Onze Ministers zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. Gegeven te Brussel, 26 april
- ALBERT Van Koningswege : (...).” IV. Nadere omschrijving van het voorwerp van het beroep
- In haar verzoekschrift omschrijft de verzoekster het voorwerp van het annulatieberoep als volgt: “De vordering strekt tot de vernietiging van het koninklijk besluit van 26.04.2007 tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 november 2006 betreffende de aanduiding en de uitoefening van de management- en staffuncties in sommige instellingen van openbaar nut, gepubliceerd in [het] Belgisch Staatsblad van 24.05.2007.” In haar laatste memorie voert de verzoekster aan dat zij inzonderheid artikel 1, 7/, van het bestreden besluit viseert, waardoor het koninklijk besluit van 16 november 2006 van toepassing wordt op het Nationaal Geografisch Instituut. Bijgevolg dient het voorwerp van het onderhavige beroep nader te worden omschreven als het koninklijk besluit van 26 april 2007 tot wijziging van het koninklijk besluit van 16 november 2006, voor zover dit laatste besluit van toepassing wordt op het Nationaal Geografisch Instituut. IX-5699-6/8 V. Ontvankelijkheid van het beroep
- De verzoekster is op dit ogenblik benoemd in de functie van administrateur-generaal bij het Nationaal Geografisch Instituut, volgens het systeem dat toepasselijk was vóór deze functie een managementfunctie werd, ingevolge het thans bestreden besluit. Op grond van het koninklijk besluit van 16 november 2006 dat ingevolge het bestreden besluit van toepassing werd op het Nationaal Geografisch Instituut, dient de verzoekster nu, hoewel zij eerder vast benoemd werd in de functie van administrateur-generaal, deel te nemen aan een vergelijkende selectie teneinde die functie verder te kunnen blijven uitoefenen en dit slechts bij wijze van tijdelijk mandaat. Voorts houdt het koninklijk besluit van 16 november 2006 enkele wijzigingen in van het statuut van de administrateur-generaal, zoals blijkt uit randnummer 3.
- Bijgevolg doet de verzoekster blijken van een voldoende belang bij haar annulatieberoep.
- Vermits het auditoraatsverslag beperkt is tot het onderzoek van de ontvankelijkheid van het beroep, is er aanleiding tot het bevelen van een aanvullend onderzoek. BESLISSING
- De debatten worden heropend.
- Het door de auditeur-generaal aangewezen lid van het auditoraat wordt ermee belast het onderzoek van de zaak voort te zetten en een aanvullend verslag op te maken. IX-5699-7/8 Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 8 juli 2010, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: André Vandendriessche, kamervoorzitter, Daniël Moons, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Vera Wauters, griffier. De griffier De voorzitter Vera Wauters André Vandendriessche IX-5699-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.485 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.214.191 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div