id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 15 juli 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.661 Rolnummer: A. 193556/XIV-31293 Zaak: Arrest 206661 - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen - 15/07/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-08-04 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-07-02 12:12 Fiche Arrest nr 206.661 van 15 juli 2010 Vreemdelingen - Raad voor Vreemdelingenbetwistingen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 206.661 van 15 juli 2010 in de zaak A. 193.556/XIV-31.
- In zake : XXX, die woonplaats kiest bij advocaat K. VAN BELLINGEN, kantoor houdende te 1050 BRUSSEL, Jaargetijdenlaan 54 tegen : de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen. -------------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXX, van Mongoolse nationaliteit, op 29 juli 2009 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het arrest nr. 29.353 van 29 juni 2009 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op de beschikking nr. 4834 van 13 augustus 2009 waarbij het cassatieberoep toelaatbaar wordt verklaard; Gelet op artikel 19 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd R. VANDER ELSTRAETEN, op grond van artikel 19 van voormeld koninklijk besluit; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de partijen; Gelet op de beschikking van 22 december 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 10 februari 2010; Gehoord het verslag van staatsraad C. ADAMS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. VAN BELLINGEN, die verschijnt voor de verzoekende partij en van attaché P. VAN COSTENOBLE, die verschijnt voor de verwerende partij; XIV-31.293-1/3 Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelingshoofd R. VANDER ELSTRAETEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
- Overwegende dat de verzoekende partij België naar eigen zeggen binnenkomt op 27 januari 2009 en zich op 28 januari 2009 vluchteling verklaart; dat een adjunct van de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen op 1 april 2009 een beslissing tot weigering van de vluchtelingenstatus en weigering van de subsidiaire beschermingsstatus neemt; Overwegende dat de verzoekende partij op 23 april 2009 tegen die weigeringsbeslissing beroep bij de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen aantekent; dat de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen het beroep met een arrest van 29 juni 2009 verwerpt; dat dit het bestreden arrest is; 2.
- Overwegende dat de verzoekende partij in een enig middel de schending van de artikelen 57/6 en 57/9 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen en van artikel 2 van het koninklijk besluit van 11 juli 2003 tot regeling van de werking van en de rechtspleging voor het commissariaat-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen opwerpt; dat zij deze bepalingen citeert en aanvoert dat “de bestreden beslissing” door Eva Vissers, een adjunct-commissaris, werd genomen zonder dat kan worden opgemaakt dat de commissaris-generaal zelf verhinderd was, dat “de bestreden beslissing” niet “voor” de commissaris-generaal werd ondertekend noch verwijst naar de bepaling die de afwezigheid of de verhindering van de commissaris-generaal regelt, dat “de huidige bestreden beslissing” dus de voormelde artikelen schendt en dat het middel daarom ernstig is, temeer daar die nietigheid in een gelijkaardige situatie met ‘s Raads arrest nr. 193.616 van 28 mei 2009 is bevestigd; 2.
- Overwegende dat het enige middel uitsluitend tegen de oorspronkelijk voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen bestreden beslissing van de commissaris- generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen, in casu een adjunct-commissaris, van 1 april 2009 is gericht; dat in ieder geval niet wordt uiteengezet op welke wijze de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen met het bestreden arrest een mogelijke onwettigheid zou hebben begaan, los van de vraag of de beslissing door de adjunct-commissaris op wettige wijze was XIV-31.293-2/3 genomen; dat het enige middel daarom niet-ontvankelijk is zodat, precies bij gebrek aan een ontvankelijk middel, het cassatieberoep zelf niet-ontvankelijk is; dat de Raad van State bij gebrek aan een ontvankelijk cassatieberoep niet kan onderzoeken of er eventueel ambtshalve een middel valt op te werpen; Overwegende dat er grond is om toepassing te maken van artikel 19 van het koninklijk besluit van 30 november 2006 tot vaststelling van de cassatie-procedure bij de Raad van State; dat het cassatieberoep wordt verworpen, BESLUIT: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijftien juli tweeduizend en tien, door : de HH. C. ADAMS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, J. CASNEUF, griffier. De griffier, De voorzitter, J. CASNEUF. C. ADAMS. XIV-31.293-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.661 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.