← België

Arrest 206814 - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) - 23/07/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 juli 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.814 Rolnummer: A. 197097/XII-6261 Zaak: Arrest 206814 - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) - 23/07/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-07-27 Raadplegingen: 66 - laatst gezien 2026-07-02 12:37 Fiche Arrest nr 206.814 van 23 juli 2010 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Provinciale en lokale reglementen (behalve fiscaal) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE XIIe VAKANTIEKAMER nr. 206.814 van 23 juli 2010 in de zaak A. 197.097/XII-6261 In zake: de VZW RACING CLUB ROESELARE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Bruno Van Dorpe kantoor houdend te Kortrijk Loofstraat 39 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de STAD ROESELARE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Steve Ronse kantoor houdend te Kortrijk President Kennedypark 6/24 --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van de vordering

  1. De vordering, ingesteld op 17 juli 2010, strekt tot de schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid van het besluit van het college van burgemeester en schepenen van de stad Roeselare van 5 juli 2010 houdende schorsing gedurende een termijn van twee maanden van de door de burgemeester op 1 maart 2010 verleende machtiging aan de VZW RACING CLUB ROESELARE teneinde met verbrandingsmotoren te kunnen racen op de racepiste gelegen te Roeselare aan de Koning Leopold III-laan, en houdende de tijdelijke sluiting van de racepiste bij wijze van verzegeling. II. Verloop van de rechtspleging
  2. De verwerende partij heeft een nota ingediend. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 20 juli 2010, om 11.30 uur. Kamervoorzitter André Beirlaen heeft verslag uitgebracht. XII-6261-1/6 Advocaat Bruno Van Dorpe, die verschijnt voor de verzoekende partij, en advocaat Steve Ronse, die verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur Patricia De Somere heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  3. III. Wettelijk kader en feiten 3.
  4. De verzoekende partij is een vereniging opgericht in 1983 "ten behoeve van de liefhebbers in radiobestuurde wagens". Deze komen geregeld samen voor het houden van gezamenlijke races met miniatuurwagens, zowel met verbrandingsmotor als met elektrische motor, op een speciaal daartoe aangelegde racepiste. 3.
  5. Bij overeenkomst van 12 augustus 2004 heeft de stad Roeselare een terrein gelegen te Roeselare aan de Koning Leopold III-laan, waarvan de stad eigenaar is, in erfpacht gegeven voor een ondeelbare periode van 27 jaar met ingang van 1 maart 2004, teneinde deze in te richten als racepiste met bijhorende accommodatie (cafetaria, paddock en tribune). 3.
  6. In Hoofdstuk
  7. “Maatregelen van veiligheid, orde, netheid en gezondheid, Afdeling 2.
  8. Bestrijding van de geluidshinder”, van het gecoördineerd stedelijk algemeen politiereglement van de stad Roeselare van 20 december 2004 (hierna : het politiereglement), worden aan aantal maatregelen voorzien ten aanzien van specifieke geluidshinder. Luidens artikel 2.5.5.
  9. van het politiereglement geldt als algemene regel dat elk geluid of rumoer dat zonder noodzaak wordt veroorzaakt of te wijten is aan een gebrek aan vooruitzicht of voorzorg, en dat van aard is de rust van de inwoners te verstoren, verboden is. XII-6261-2/6 Luidens artikel 2.5.5.1.
  10. van het politiereglement is het verboden, zonder schriftelijke en voorafgaande toestemming van de burgemeester, met verbrandingsmotor aangedreven sport-, speel- of experimenteervoertuigen te gebruiken in open lucht, op openbare of private terreinen, die gelegen zijn op minder dan 200 meter van een woning. 3.
  11. De burgemeester van de stad Roeselare verleent op basis van voormeld artikel 2.5.5.1.9 volgende machtigingen tot gebruik van een met verbrandingsmotor aangedreven sport-, speel- of experimenteervoertuig aan de verzoekende partij: machtiging 1 bij schrijven van 26 juni 2008, geldig tot eind augustus 2008; machtiging 2 bij schrijven van 10 september 2008, geldig tot eind 2008; machtiging 3 bij schrijven van 10 maart 2009, geldig tot eind juli 2009 (bestreden in de zaak A. 192.203/XII-5786); machtiging 4 bij schrijven van 13 juli 2009 tot eind 2009 (bestreden in de zaak A. 194.065/XII-5962); machtiging 5 bij schrijven van 1 maart 2010, geldig tot eind 2010 en stilzwijgend verlengbaar (bestreden in de zaak A. 196.354/XII-6187). 3.
  12. Blijkens de bestreden beslissing werd door de politie vastgesteld dat de verzoekende partij zich niet houdt aan de beperkingen inzake dagen en uren in machtiging 5, met name door het houden van een wedstrijd op 24 april en 25 april 2010 en door het racen op 15, 22 en 23 mei 2010 tijdens niet toegelaten uren. 3.
  13. Een hoorzitting wordt gehouden op 17 mei 2010, in voortzetting op 11 juni 2010, 21 juni 2010 en 28 juni
  14. Het proces-verbaal betreffende de inbreuk op 15 mei 2010 wordt niet weerhouden. 3.
  15. Bij de thans bestreden beslissing van 5 juli 2010 wordt de schorsing bevolen van de machtiging 5 van 1 maart 2010 gedurende een periode van 2 maanden, alsook de tijdelijke sluiting van de racepiste bij wijze van verzegeling zodat tijdens de schorsingsperiode van hoger vermelde machtiging niet kan worden gereden. XII-6261-3/6 IV. Ontvankelijkheid van de vordering
  16. Krachtens artikel 17, §§ 1 en 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging bij uiterst dringende noodzakelijkheid worden besloten onder de drievoudige voorwaarde dat uiterst dringende noodzakelijkheid voorhanden is, dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. V. Onderzoek van de vordering : het moeilijk te herstellen ernstig nadeel Uiteenzetting
  17. De verzoekende partij verwijst naar het arrest nr. 195.087 van 3 juli 2009 van de Raad van State betreffende machtiging
  18. De verzoekende partij voerde daar, onder meer, aan dat de bestreden beslissing haar benadeelde eensdeels, door de beperking van uren en dagen en, anderdeels, door de korte duur van de machtiging. Zij verwijst naar de randnummers 8 en 9 van het geciteerde arrest betreffende het nadeel in verband met de korte duur van de machtiging. De verzoekende partij voert voorts aan dat zij haar maatschappe- lijk doel niet kan realiseren tijdens de belangrijke periode van de zomermaanden door de tijdelijke sluiting van 10 juli tot 10 september
  19. Daardoor wordt de VZW volgens haar reeds geconfronteerd met mondelinge vragen tot terugbetaling van lidgelden en verzoeken tot stopzetting van het lidmaatschap. Daarnaast kan volgens de verzoekende partij de verzegelde club, met inbegrip van het clubhuis met cafetaria, niet betreden worden, zodat geen bijeenkomsten en dergelijke kunnen plaatsvinden. Bovendien kunnen volgens haar ook een aantal praktische zaken niet geregeld worden. Beoordeling
  20. In het geciteerde arrest van 3 juli 2009 wordt besloten dat het XII-6261-4/6 besproken nadeel een schorsing van de bestreden beslissing zou kunnen verantwoor- den indien een uitspraak ten gronde in de zaak langer dan anderhalf à twee jaar zou uitblijven, doch dat het onvoldoende aannemelijk is dat dit het geval zal zijn. Zoals de verzoekende partij zelf aangeeft in haar inleidend verzoekschrift kunnen de gevolgen van de eerder bestreden machtigingen thans niet worden ingeroepen aangezien het moeilijk te herstellen ernstig nadeel dient te worden beoordeeld in functie van de huidige bestreden beslissing. De in randnummer 7 van het geciteerde arrest aangehaalde redenen voor het niet aanvaarden van een moeilijk te herstellen ernstig nadeel zijn in voorliggende zaak evenwel op analoge wijze van toepassing. De verzoekende partij blijft ook nu in gebreke de ontwrichting van de normale clubwerking precies te detailleren en te documenteren. Haar uiteenzetting terzake blijft beperkt tot een algemeen betoog, zonder harde, concrete, toetsbare gegevens die het mogelijk maken de werkelijke impact van de bestreden beslissing op de bestaande werking in te schatten. De verzoekende partij brengt geen gegevens bij omtrent het aantal leden (ledenlijst), hoeveel leden er intussen hebben afgehaakt of hoe frequent de activiteiten zijn tijdens de zomermaanden (er is enkel sprake van 1 clubwedstrijd op 14-15 augustus). Nochtans is het antwoord op die vragen nuttig én nodig om zich een voldoende voorstelling te kunnen maken van de weerslag van de bestreden beslissing op het daadwerkelijke clubleven en om die effecten als ernstig en moeilijk herstelbaar te kunnen inschatten. De eenvoudige bewering dat het niet kunnen realiseren van haar maatschappelijk doel tijdens de twee zomermaanden, voor de verzoekende partij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel is, kan niet worden aangenomen. Een financieel nadeel wordt niet aangevoerd, noch de omstandig- heid dat de VZW in haar voortbestaan zou worden bedreigd. Ten onrechte stelt de verzoekende partij dat het clubhuis met cafetaria evenmin kan worden betreden: enkel de racepiste wordt als gevolg van de bestreden beslissing tijdelijk verzegeld.
  21. Deze vaststellingen volstaan om de vordering af te wijzen. XII-6261-5/6 BESLISSING
  22. De Raad van State verwerpt de vordering.
  23. De verzoekende partij wordt verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van drieëntwintig juli tweeduizend en tien, door de Raad van State, XIIe vakantiekamer, samengesteld uit: André Beirlaen, kamervoorzitter, bijgestaan door Bart Tettelin, griffier. De griffier De voorzitter Bart Tettelin André Beirlaen XII-6261-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.206.814 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.212.207 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.