← België

Arrest 207260 - Milieuvergunningen - 09/09/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 september 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.207.260 Rolnummer: A. 195510/VII-37679 Zaak: Arrest 207260 - Milieuvergunningen - 09/09/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-09-14 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-30 05:07 Fiche Arrest nr 207.260 van 9 september 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER nr. 207.260 van 9 september 2010 in de zaak A. 195.510/VII-37.

  1. In zake:
  2. Joanna VAN DER CRUYCE
  3. Carlos MEERSMAN
  4. Geert GOOSSENS
  5. Veronik PHILIPS
  6. Georges VANDERHAEGHE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Matthias Hertegonne kantoor houdend te Zellik Noorderlaan 30 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen: de DEPUTATIE VAN DE PROVINCIE VLAAMS-BRABANT bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Karel Van Alsenoy kantoor houdend te Brussel Antoine Dansaertstraat 92 bij wie woonplaats wordt gekozen Tussenkomende partij: Johan SCHOUKENS wonende te Asse Sint Goriksstraat 40 ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- I. Voorwerp van het beroep
  7. Het beroep, ingesteld op 15 februari 2010, strekt tot de nietigverklaring van het besluit van de deputatie van de provincie Vlaams-Brabant van 29 oktober 2009 waarbij het beroep van Johan Schoukens tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Asse van 13 juli 2009, houdende weigering van de milieuvergunning voor het exploiteren van een rundveehouderij, gelegen aan de Langestraat te Asse, gegrond wordt verklaard, de beroepen beslissing wordt opgeheven en aan Johan Schoukens de gevraagde milieuvergunning wordt verleend. VII-37.679-1/4 VII-37.679-2/4 II. Verloop van de rechtspleging
  8. Bij arrest nr. 203.746 van 6 mei 2010 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit verworpen. Het genoemde arrest is op 19 mei 2010 aan de verzoekende partijen ter kennis gebracht. Op 27 juli 2010 heeft de hoofdgriffier aan de verzoekende partijen de mededeling ter kennis gebracht, bedoeld in artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
  9. III. Beoordeling
  10. Naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en artikel 15ter van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. Bij het arrest nr. 203.746 van 6 mei 2010 is de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit verworpen. De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend. De hoofdgriffier heeft de verzoekende partijen medegedeeld, met toepassing van artikel 15ter, § 1, van het genoemde koninklijk besluit van 5 december 1991, dat de kamer de afstand van geding zou uitspreken, tenzij de verzoekende partijen binnen een termijn van vijftien dagen zouden vragen om te VII-37.679-3/4 worden gehoord. De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord. Er bestaat aanleiding om de afstand van het geding vast te stellen. BESLISSING
  11. De Raad van State stelt de afstand van het geding vast.
  12. De verzoekende partijen worden verwezen in de kosten van de vordering tot schorsing, begroot op 875 euro, elk voor een vijfde. De tussenkomende partij wordt verwezen in de kosten van de tussenkomst, begroot op 125 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van negen september tweeduizend en tien, door de Raad van State, VIIe kamer, samengesteld uit: Peter Sourbron, staatsraad, waarnemend voorzitter, bijgestaan door Elisabeth Impens, griffier. De griffier De voorzitter Elisabeth Impens Peter Sourbron VII-37.679-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.207.260 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.203.746 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.