← België

Arrest 207598 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 23/09/2010

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 23 september 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.207.598 Rolnummer: A. 186648/X-13607 Zaak: Arrest 207598 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 23/09/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-10-04 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-30 05:11 Fiche Arrest nr 207.598 van 23 september 2010 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 207.598 van 23 september 2010 in de zaak A. 186.648/X-13.

  1. In zake : de n.v. ANN-SOPHIE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Wim De Cuyper kantoor houdend te 9100 SINT-NIKLAAS Vijfstraten 57 bij wie woonplaats wordt gekozen tegen : de deputatie van de provincieraad van WEST-VLAANDEREN tussenkomende partijen :
  2. Paula HOOTHOOFDT
  3. Paul VERHAEGHE bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Steve RONSE kantoor houdend te 8500 KORTRIJK President Kennedypark 6/24 bij wie woonplaats wordt gekozen DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. ANN-SOPHIE op 11 januari 2008 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “het Besluit van de Deputatie van de Provincieraad van West-Vlaanderen dd.08.11.2007 houdende het ontvankelijk doch ongegrond verklaren van het beroep ingesteld door de heer Carl De Braeckeleer, bestuurder van DLV Belgium, namens verzoekende partij tegen de beslissing dd. 18.04.2007 van het college van burgemeester en schepenen te Anzegem houdende weigering van de vergunning tot het bouwen van een bedrijfsgebouw, gelegen Oudenaardestraat, Anzegem (Vichte)”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; De tussenkomende partijen hebben een verzoekschrift tot tussenkomst ingediend. De tussenkomst is toegestaan bij beschikking van 24 april
  4. De tussenkomende partijen hebben een memorie ingediend. X-13.607-1/3 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 9 juni 2010; Gezien de laatste memorie van de tussenkomende partijen; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : In het auditoraatsverslag is de verwerping van het beroep voorgesteld. De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding gemaakt van artikel 21, zesde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verzoekende partij heeft binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Krachtens die wetsbepaling geldt te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding. Op grond van artikel 14quater, van voornoemd besluit van de Regent zal de kamer de afstand van geding uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. X-13.607-2/3 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  5. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  6. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 250 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op drieëntwintig september 2010, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. S. DE CLERCQ, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DE CLERCQ. R. STEVENS. X-13.607-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.207.598 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.