id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 oktober 2010 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.208.192 Rolnummer: A. 192755/IX-6376 Zaak: Arrest 208192 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 19/10/2010 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2010-10-26 Raadplegingen: 64 - laatst gezien 2026-06-30 05:17 Fiche Arrest nr 208.192 van 19 oktober 2010 Openbaar ambt - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK IXe KAMER nr. 208.192 van 19 oktober 2010 in de zaak A. 192.755/IX-6376 In zake: Remi ZEEUWS wonend te Huldenberg Nijvelsebaan 31 A alwaar woonplaats wordt gekozen tegen: het BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST, vertegenwoordigd door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering bijgestaan en vertegenwoordigd door advocaat Geoffroy Generet kantoor houdend te Brussel Terkamerenlaan 27 bij wie woonplaats wordt gekozen --------------------------------------------------------------------------------------------------- I. Voorwerp van het beroep
- Het beroep, ingesteld op 25 mei 2009, strekt tot de nietigverklaring van: “- het besluit van 16 februari 2009 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering waarbij mevrouw Jenny Vandenbranden definitief benoemd wordt vanaf 1 november 2008 in de hoedanigheid van attaché op de Nederlandstalige taalrol van het Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel. - het besluit van 23 juni 2008 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering waarbij de heer Sebastian Serrano Gimenez definitief benoemd wordt vanaf 16 april 2008 in de hoedanigheid van ingenieur op de Franstalige taalrol van het Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel. - het besluit van 26 juni 2008 van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering waarbij mevrouw Sophie Deprez definitief benoemd wordt vanaf 1 juni 2008 in de hoedanigheid van attaché op de Nederlandstalige taalrol van het Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel.” IX-6376-1/10 II. Verloop van de rechtspleging
- De verwerende partij heeft een memorie van antwoord ingediend. De verzoeker heeft een memorie van wederantwoord ingediend. Adjunct-auditeur Joke Goris heeft een verslag opgesteld met toepassing van artikel 93, eerste lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrecht- spraak van de Raad van State. De partijen zijn opgeroepen voor de terechtzitting, die heeft plaatsgevonden op 11 oktober
- Staatsraad Bert Thys heeft verslag uitgebracht. De verzoeker, en advocaat Pierre Vandueren, die loco advocaat Geoffroy Generet verschijnt voor de verwerende partij, zijn gehoord. Eerste auditeur-afdelingshoofd Marc Lefever heeft een met dit arrest eensluidend advies gegeven. Er is toepassing gemaakt van de bepalingen op het gebruik der talen, vervat in titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari
- III. Feiten 3.
- De verzoeker is attaché (rang A1) bij het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Hij heeft zich meermaals kandidaat gesteld voor het verkrijgen van een benoeming in de graad van eerste attaché (rang A2) bij het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Tot nog toe zonder succes. Wel heeft hij na het instellen van een beroep bij de Raad van State tegen de benoeming van andere kandidaten, de nietigverklaring verkregen van die benoemingen. IX-6376-2/10 Zo werd bij arrest nr. 160.268 van 19 juni 2006 het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2001 vernietigd, waarbij Philippe Dehaut werd benoemd tot eerste attaché, expert van hoog niveau, bij de Directie Onderzoek en Innovatie van het Bestuur Economie en Werkgelegenheid. Ook de overheveling van Philippe Dehaut naar het Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel (hierna: IWOIB) vanaf 1 juli 2004 werd bij het voormelde arrest vernietigd. Bij arrest nr. 196.015 van 14 september 2009 werd het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 30 mei 2002 vernietigd, waarbij Paul Van Snick werd aangewezen als eerste attaché voor een expertbetrekking van secretaris van de Raad voor het Wetenschapsbeleid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, evenals het besluit van diezelfde regering van 24 juni 2004 waarbij Paul Van Snick werd overgeheveld naar het IWOIB. Met het voorliggende beroep vraagt de verzoeker de nietigverkla- ring van benoemingen in een graad van de rang A1 bij het IWOIB. 3.
- Bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2007 wordt Jenny Vandenbranden toegelaten tot de stage in de hoedanigheid van attaché (rang A1) op de Nederlandse taalrol van het IWOIB, voor de duur van 12 maanden met ingang van 1 november
- Bij besluit van diezelfde regering van 16 februari 2009 wordt voornoemde definitief benoemd tot attaché op de Nederlandse taalrol van het IWOIB met ingang van 1 november
- Dit is het eerste bestreden besluit. 3.
- Bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 12 juni 2007 wordt Sebastian Serrano Gimenez toegelaten tot de stage in de hoedanigheid van ingenieur (rang A1) op de Franse taalrol van het IWOIB, voor de duur van 12 maanden met ingang van 16 april
- Bij besluit van diezelfde regering van 23 juni 2008 wordt voornoemde definitief benoemd tot ingenieur op de Franse taalrol van het IWOIB met ingang van 16 april
- IX-6376-3/10 Dit is het tweede bestreden besluit. 3.
- Bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 19 juli 2007 wordt Sophie Deprez toegelaten tot de stage in de hoedanigheid van attaché (rang A1) op de Nederlandse taalrol van het IWOIB, voor de duur van 12 maanden met ingang van 1 juni
- Bij besluit van diezelfde regering van 26 juni 2008 wordt voornoemde definitief benoemd tot attaché op de Nederlandse taalrol van het IWOIB met ingang van 1 juni
- Dit is het derde bestreden besluit. 3.
- Elk van de bestreden besluiten wordt bij vermelding bekendge- maakt in het Belgisch Staatsblad van 31 maart
- 3.
- Met een aangetekende brief van 5 april 2009 vraagt de verzoeker aan de staatssecretaris van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die bevoegd is voor de ambtenarenzaken, een afschrift van deze besluiten, evenals van de verslagen aan de regering, de eventuele adviezen en de vacantverklaringen dienaangaande. Met een brief van 21 april 2009 antwoordt de genoemde staatssecretaris dat zij niet over de gevraagde besluiten beschikt en dat de verzoeker zich moet wenden tot de minister die functioneel bevoegd is voor het IWOIB. Met een aangetekende brief van 26 april 2009 richt de verzoeker zijn vraag om de voormelde afschriften te verkrijgen tot de minister van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest die bevoegd is voor het wetenschappelijk onderzoek. 3.
- Ondertussen wordt bij besluit van 7 april 2009 van de genoemde minister aan Sophie Deprez op eigen verzoek eervol ontslag verleend uit haar ambt van attaché bij het IWOIB met ingang van 28 februari 2009 om 24 uur. IX-6376-4/10 IV. Verzoek tot uitbreiding van het voorwerp van het beroep
- Met een op 12 augustus 2010 ter post aangetekend verzonden verzoekschrift vraagt de verzoeker de uitbreiding van het voorwerp van zijn beroep tot “het besluit van 23 juni 2010 en meer bepaald tot de aanstelling van een secretaris van de Raad voor het Wetenschapsbeleid alsook de daaruit blijkende weigering om verzoekers kandidatuur voor die functie in aanmerking te nemen”. De verzoeker onderkent dit “besluit” in een brief van 23 juni 2010 die hij vanwege de minister van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bevoegd voor het wetenschappelijk onderzoek heeft ontvangen en die als volgt luidt: “[...] De onbevoegdheid van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering om uitvoering te geven aan het arrest nr. 196.015 vloeit rechtstreeks voort uit artikel 10 van de ordonnantie van 10 februari 2000 houdende oprichting van een Raad voor het Wetenschapsbeleid van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Dit artikel bepaalt dat het IWOIB instaat voor het secretariaat en de ondersteu- ning van de werkzaamheden van de Raad voor het Wetenschapsbeleid. De personeelsformatie van het IWOIB wordt niet vastgesteld door het IWOIB, maar door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering (zie artikel 9 van het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 september 2002 houdende het administratief statuut en de bezoldigingsregeling van de ambtenaren van de instellingen van openbaar nut van het Brussels Hoofdstede- lijk Gewest). Dit is gebeurd bij Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 18 december 2003 tot vaststelling van de personeelsformatie van het Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel. Bij brief van 4 mei jl. werd u ingelicht dat de taken van de secretaris van de Raad voor het Wetenschapsbeleid zullen worden opgenomen door een statutair personeelslid van het IWOIB. Op die manier wordt uitvoering gegeven aan het arrest nr. 196.
- Uw kandidatuur voor de functie van secretaris van de Raad voor het Wetenschapsbeleid zal niet weerhouden kunnen worden, gelet op de interne mobiliteitsregels van de instellingen van openbaar nut van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest (zie artikel 144 van het Besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 september 2002 houdende het administratief statuut en de bezoldigingsregeling van de ambtenaren van de instellingen van openbaar nut van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest). Nu u geen ambtenaar bent van het IWOIB, kan deze functie niet door u uitgevoerd worden. [...]”
- Een verzoek tot uitbreiding van het voorwerp van het beroep kan slechts ontvankelijk zijn, indien het beroep tegen de initieel bestreden beslissing(en) ontvankelijk werd ingediend. Zoals hierna bij het onderzoek van de ontvankelijk- heid van het beroep zal blijken, is dat laatste te dezen niet het geval. IX-6376-5/10 Deze vaststelling volstaat om het verzoek tot uitbreiding van het voorwerp van het beroep te verwerpen. V. Ontvankelijkheid van het beroep Standpunt van de partijen
- In zijn verzoekschrift tot nietigverklaring voert de verzoeker ter verantwoording van zijn belang bij het beroep aan dat hij ingevolge de bestreden besluiten de concurrentie zal moeten ondergaan van de benoemden. Hij betoogt dat een correcte uitvoering van het arrest nr. 160.268 van 19 juni 2006 van de Raad van State de overheid ertoe verplicht om zijn kandidatuur voor de functie van eerste attaché, expert van hoog niveau, bij de Directie Onderzoek en Innovatie opnieuw te onderzoeken. Volgens de verzoeker talmt de overheid echter onredelijk lang bij het overdoen van de bij het voormelde arrest vernietigde bevordering. Hij stelt dat diegenen waarvan hij de benoeming met het voorliggende beroep bestrijdt, met toepassing van artikel 61 van het statuut eveneens in aanmerking komen voor bevordering tot de rang A
- De verzoeker besluit dat hij er belang bij heeft de vernietiging van de bestreden benoemingen te verkrijgen, zodat de benoemden niet in aanmerking kunnen komen voor de door hem geambieerde functie.
- De verwerende partij antwoordt dat het belang van de verzoeker niet rechtstreeks is. De concurrentie waarvan de verzoeker gewag maakt, zal zich immers slechts effectief voordoen wanneer de begunstigden van de bestreden besluiten zich daadwerkelijk kandidaat stellen voor een betrekking van de rang A2, wat in dit stadium niet het geval is. Volgens de verwerende partij is het belang van de verzoeker bovendien niet zeker. Zij wijst erop dat niet vaststaat dat de begunstigden hun kandidatuur zullen indienen voor een betrekking van de rang A
- De verwerende partij werpt op dat het voorliggende beroep bij gebrek aan een rechtstreeks en zeker belang in hoofde van de verzoeker niet ontvankelijk is. IX-6376-6/10
- De verzoeker repliceert in zijn memorie van wederantwoord dat het uitschakelen van een onwettig benoemde concurrent in zijn belang is, omdat daardoor de kans verhoogt dat hij zelf de bevordering verkrijgt. Volgens de verzoeker was dit ook het belang dat hij had in de zaak A. 123.249/IX-3411, die leidde tot het vernietigingsarrest nr. 187.958 van 17 november 2008, en is voorts zijn belang in de zaak A. 190.899/V-1777, dat bestond in het uitschakelen van een potentiële concurrent, slechts teloorgegaan doordat de tussenkomende partij in die zaak niet langer aan de bevorderingsvoorwaarden voldeed. De verzoeker erkent ten slotte geen belang meer te hebben bij zijn beroep voor zover het de nietigverklaring beoogt van het derde bestreden besluit. Sophie Deprez voldoet ingevolge haar ontslag immers niet meer aan de voorwaar- den voor een bevordering tot de rang A
- Beoordeling
- Artikel 19 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State bepaalt dat de beroepen tot nietigverklaring voor de afdeling bestuursrechtspraak kunnen worden gebracht door elke partij die doet blijken van een benadeling of een belang. Het belang dat aldus van de verzoekende partij wordt vereist, houdt onder meer in dat deze partij ingevolge de bestreden beslissing een actueel, rechtstreeks, persoonlijk en zeker nadeel moet lijden, waaraan de vernietiging van die beslissing kan verhelpen. Het vereiste actuele karakter van het belang houdt in dat het belang niet alleen moet bestaan op het ogenblik van het instellen van het beroep, maar ook op het ogenblik dat over het beroep uitspraak wordt gedaan. Het vereiste rechtstreekse karakter van het belang betekent dat een direct causaal verband moet bestaan tussen de bestreden beslissing en het nadeel dat de verzoekende partij lijdt. Er is voorts slechts sprake van een persoonlijk belang wanneer een voldoende geïndividualiseerd verband bestaat tussen de verzoekende partij en de bestreden beslissing. Het belang van de verzoekende partij mag ten slotte niet louter hypothetisch zijn, maar moet voldoende zeker zijn. IX-6376-7/10
- Voor zover het voorliggende beroep tot nietigverklaring gericht is tegen de benoeming van Sophie Deprez tot attaché heeft de verzoeker geen actueel belang bij zijn beroep, zoals hij overigens zelf in zijn memorie van wederantwoord toegeeft, aangezien de benoemde op eigen verzoek eervol ontslag uit haar ambt heeft verkregen met ingang van 28 februari
- Ter verantwoording van zijn belang bij het beroep tegen het eerste en het tweede bestreden besluit laat de verzoeker gelden dat deze besluiten tot gevolg hebben dat hij met de benoemden in concurrentie zal komen voor een bevordering tot de rang A2 bij het IWOIB. De Raad van State stelt vooreerst evenwel vast dat de beweerde concurrentie tussen de verzoeker en de benoemden, Jenny Vandenbranden en Sebastian Serrano Gimenez, zich slechts zou kunnen voordoen indien ook de verzoeker bij het IWOIB werkzaam zou zijn, wat niet het geval is. De toekomstige overgang van de verzoeker naar het IWOIB, hetzij met toepassing van de mobiliteitsregeling, hetzij anderszins, is onzeker. Voorts is het niet zo dat de verzoeker een recht zou kunnen laten gelden op een benoeming in de rang A2 bij het IWOIB, ook niet ingevolge het arrest nr. 160.268 van 19 juni 2006 van de Raad van State waarbij de benoeming van Philippe Dehaut tot eerste attaché, expert van hoog niveau, bij de Directie Onderzoek en Innovatie en diens overheveling naar het IWOIB werden vernietigd, noch ingevolge het arrest nr. 196.015 van 14 september 2009 waarbij de aanwijzing van Paul Van Snick als eerste attaché voor een expertbetrekking van secretaris van de Raad voor het Wetenschapsbeleid en diens overheveling naar het IWOIB werden vernietigd. Bovendien kan de verzoeker met de benoemden slechts in concurrentie komen voor een bevordering tot de rang A2, indien zij allen voldoen aan alle bevorderingsvoorwaarden, onder meer op het vlak van anciënniteit en het verkregen hebben van een “gunstige” evaluatie, én zij zich kandidaat stellen. Ook dit is onzeker. Ten slotte moet nog worden opgemerkt dat Sebastian Serrano Gimenez benoemd is tot ingenieur, wat niet het geval is voor de verzoeker, die attaché is. Dit betekent dat beiden niet met elkaar in concurrentie kunnen komen voor een bevordering tot de rang A2, aangezien een dergelijke bevordering IX-6376-8/10 krachtens artikel 61 van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 26 september 2002 houdende het administratief statuut en de bezoldigingsregeling van de ambtenaren van de instellingen van openbaar nut van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, voorbehouden is voor titularissen van de graad van attaché in de rang A1 (voor een betrekking van eerste attaché rang A2), dan wel voor titularissen van de graad van ingenieur in de rang A1 (voor een betrekking van eerste ingenieur rang A2). Eenzelfde betrekking van de rang A2 kan dus in principe niet tegelijk openstaan voor een attaché in de rang A1 en voor een ingenieur in de rang A
- Overigens behoren de verzoeker en Sebastian Serrano Gimenez elk tot een andere taalrol, zodat zij hoe dan ook slechts in concurrentie zouden kunnen komen wanneer het taalkader daaraan niet in de weg staat. De mogelijkheid dat de verzoeker en Jenny Vandenbranden en/of Sebastian Serrano Gimenez met elkaar in concurrentie komen, is derhalve zeer aleatoir. Te dezen verschilt de voorliggende zaak van de zaak A. 123.249/IX-3411, waarnaar de verzoeker verwijst en die leidde tot het vernietigingsarrest nr. 187.958 van 17 november
- Verzoekers belang bij de vernietiging van de benoeming van Jenny Vandenbranden tot attaché bij het IWOIB en van Sebastian Serrano Gimenez tot ingenieur bij datzelfde instituut is derhalve louter gesteund op onzekere gegevens en hypotheses en vloeit niet rechtstreeks voort uit de bestreden besluiten maar uit nog te nemen beslissingen zowel van de kant van het bestuur als van de kant van de betrokken personeelsleden. Een dergelijk louter hypothetisch belang kan niet in aanmerking worden genomen.
- Derhalve moet worden besloten dat de verzoeker niet over het rechtens vereiste belang bij zijn beroep beschikt, zodat dit beroep niet ontvankelijk is.
- Het standpunt van de auditeur-verslaggever kan worden bijgevallen dat de zaak op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrecht- spraak van de Raad van State met korte debatten definitief kan worden beslecht. IX-6376-9/10 BESLISSING
- De Raad van State verwerpt het beroep.
- De verzoeker wordt verwezen in de kosten van het beroep tot nietigverkla- ring, begroot op 175 euro. Dit arrest is uitgesproken te Brussel, in openbare terechtzitting van 19 oktober 2010, door de Raad van State, IXe kamer, samengesteld uit: André Vandendriessche, kamervoorzitter, Daniël Moons, staatsraad, Bert Thys, staatsraad, bijgestaan door Wim Geurts, griffier. De griffier De voorzitter Wim Geurts André Vandendriessche IX-6376-10/10 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.208.192 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div